zondag 23 november 2008

Bloeme Evers lijdt na Auschwitz niet aan overlevingsschuld

 
 
Bloeme Evers was ook één van de geinterviewden in het onlangs verschenen boek "Israël en ik" van Bert de Bruin.
 
____________________

Bloeme Evers: Ik lijd na Auschwitz niet aan overlevingsschuld

21-11-2008 10:43 | Ben Tramper

Ze blikte diep in de afgrond van het lijden. Al haar familieleden raakte ze kwijt in Auschwitz: haar ouders, haar zusje, haar ooms en tantes, haar neefjes en nichtjes. Dertig jaar na de Holocaust, toen ze een bestaan had opgebouwd waarin ze het moederschap combineerde met een baan als universitair docente, werd ze getroffen door een slag waarover ze slechts fluisterend kan spreken: haar derde kind, een veelbelovende tiener, kwam door een ongeval om het leven. Dr. Bloeme Evers-Emden (82): „Leven wordt in zulke omstandigheden overleven. Je kunt niet verder. En toch ga je verder. Al weet je zelf niet hoe."

De woning van Bloeme Evers staat aan de rand van Amsterdam-West, niet ver van de buurtsynagoge waarvan zij al geruime tijd de drijvende kracht is. Wekelijks komen bij haar thuis enkele groepen cursisten over de vloer, aan wie ze de geheimen van het Joodse geloof ontvouwt. Ze doceert zoals ze is: onderhoudend, enthousiast, met gevoel voor understatement. Ze bouwt haar verhalen zorgvuldig op en formuleert zinnen die lopen als een trein.

Evers weet wat ze wil. Ze is klein van postuur, maar gaat als de situatie erom vraagt voor niemand opzij. Onvermoeibaar zet ze zich in voor de belangen van het Joodse volk. Tot in het diepst van haar ziel weet ze zich ermee verbonden. Ze verzorgt lezingen, publiceert boeken, schrijft columns. Toen ze op haar 63e promoveerde, werd ze door haar begeleidende hoogleraar aangeduid als "moeder in Israël".

Volgens uw zoon, rabbijn Raphael Evers, bent u een vrouw met een „enorm doorzettingsvermogen, iemand die blijft zoeken en vorsen."
Ze lacht. „Zegt hij dat? Het klopt ook wel. Ik ben van de "orde der doorzettertjes". Als ik vind dat iets belangrijk, rechtvaardig of nodig is, dan zet ik door. Ik geef niet gemakkelijk op."

Bent u perfectionistisch?
Gedecideerd: „Nee. Wel zorgvuldig. Mijn man plaagde me wel eens: Jij hebt op 15 november je sinterklaasgedichten al klaar. Hij was iemand van het laatste moment, ik houd van overzicht.

Ik kan niet ontkennen dat ik een zeker organisatietalent heb. Het kwam mij goed van pas toen ik in 1964 ging studeren. Ik had toen vier kinderen, tijdens de studie kreeg ik er nog twee bij. M'n gezin had absolute prioriteit. Dat betekende dat ik op de universiteit compromissen moest sluiten: dit college volg ik wel, dat niet."

Uw zoon kenschetst uw opvoedingsstijl als „behoorlijk streng: niet dwingend, maar ook niet vrijblijvend, met een sterk morele inslag."
„Dat is raak getypeerd. Ja, kijk, als je een gezin met zes kinderen wilt leiden, heb je regels nodig waaraan je je in principe moet houden: op tijd naar bed, op tijd eruit. Wij hebben onze kinderen liefde en respect voor anderen willen meegeven. Beleefdheid, oprechtheid, al dat soort waarden die door de Thora worden voorgestaan.

Te midden van alle drukte namen we altijd uitgebreid de tijd voor het ontbijt en het avondeten. Het fenomeen dat iedereen 's ochtends maar wat hapt, dat kenden wij niet. We voerden met elkaar goede gesprekken. Er deed zich altijd wel iets voor in de wereld om ons heen. Daar knoopten we dan bij aan."

In welke mate liet u uw kinderen vrij om een eigen invulling aan het Joodse geloof te geven?
„U moet weten dat ik zelf uit een socialistisch gezin kom. Mijn ouders hadden de godsdienst ingeruild voor het ideaal: een menswaardig bestaan voor iedereen. Onbewust gaf mijn moeder veel van de Joodse traditie door. Als ze een cake bakte, brak ze de eieren stuk in een glas om te controleren of er niet een druppel bloed in zat. Het verbod op het consumeren van bloed is heel streng."

„Ik zal nooit de reactie van mijn vader vergeten toen ik hem vroeg of ik lid mocht worden van een zionistische jeugdvereniging. Ik was toen twaalf jaar. Mijn vader was in de crisisjaren werkloos geraakt, de dubbeltjes waren schaars. Lidmaatschap kostte precies 1 dubbeltje per week. Mijn vader zei: „Wil jij, die opgegroeid bent met het idee dat er slechts één volk is, namelijk de mensheid, lid worden van een nationalistische vereniging?" Ik antwoordde hem: „Ja, dat wil ik." Hij keek me aan en zei: „Hier heb je het dubbeltje." Geweldig hè?

Mijn man en ik wilden dat onze kinderen meer over het Jodendom te weten zouden komen dan wij in onze jeugd. We stuurden hen naar een Joodse school. Dat leidde ertoe dat niet wij onze kinderen, maar onze kinderen óns meevoerden in het spoor van de orthodoxie. Als de dag van gisteren herinner ik me dat de kinderen ons vroegen of wij een koosjere keuken wilden maken. Ik kan u verzekeren: overschakelen naar koosjer eten is heel ingrijpend."

Ging u er positief op in?
„Nee. Tot ik vernam dat onze kinderen bij iedereen alleen maar koosjer snoep aannamen, behalve bij hun eigen moeder. Dat vond ik erg. Toen heb ik ze bijeengeroepen en gevraagd: Ik wil precies weten waarom jullie een koosjere keuken willen hebben. Is het mode in de klas? Of gaat het dieper? Van hun antwoorden waren mijn man en ik diep onder de indruk. We willen leven als onze voorouders, zeiden ze. Ik dacht snel na. „Als jullie het over een jaar nog willen, doe ik het", stelde ik voor. Tot mijn verrassing gingen ze ermee akkoord. Ik ben daarop allerlei voorbereidingen gaan treffen. Ondertussen voedden mijn kinderen mij op. „Mam, wat eten we vanavond? Boerenkool met worst? Geef je dan geen melktoetje na?" Vlees- en melkgerechten zijn naar Joods gebruik immers strikt gescheiden.

Onze eerste koosjere avond was op een zondagavond in oktober. De oudste drie kinderen hadden cadeautjes voor ons gekocht en hielden kleine toespraakjes. Als ik ooit een goede beslissing heb genomen, dan was het deze wel. Al mijn kinderen zijn orthodox geworden, variërend van "erg" tot "heel erg"."

Waar staat u op de schaal?
Resoluut: „Onderaan, zeker. Ik leef orthodox, maar ik ben het niet in alles met het Joodse geloof eens."

U typeert uzelf als een Joods-orthodoxe, feministische vrouw. Een nogal wonderlijke combinatie van eigenschappen.
„Helemaal niet. Vooral in de Talmoed lees ik bepalingen over vrouwen die bepaald niet vriendelijk overkomen. Voor zover dat niet in strijd is met de Joodse wet vecht ik met geestverwanten voor meer inbreng van de vrouw."

Hoe denkt u over een vrouwelijke rabbijn?
„Ik ben er een voorstander van."

Dat zal rabbijn Evers niet leuk vinden.
„Mijn zoon weet hoe ik erover denk. Onze meningen zijn op dit punt niet eensluidend. Dat geeft ook niet. Wij respecteren elkaars opvattingen. Wat mij betreft gaan orthodoxie en feminisme prima samen. In het verleden is ten aanzien van de positie van vrouwen scheefgroei ontstaan. Daar moet nodig iets aan worden gedaan."

U wordt omschreven als een vrouw met humor, bij wie niettemin de ernst des levens overheerst.
„Mijn man zei dat ook al. Hij was een levensgenieter. Stond luchtiger in het leven dan ik."

Heeft dat te maken met uw kampervaringen in de oorlog?
„Ik vermoed van niet. Het is ook een kwestie van karakter, denk ik."

U was achttien toen u naar Auschwitz werd gedeporteerd. Na negen maanden vol ontberingen kwam u vrij. Hoe was u eraan toe?
„Het is misschien moeilijk te geloven, maar in mentaal opzicht goed. Lichamelijk natuurlijk niet. Door het harde, zinloze werken, de koude, het zeer slechte eten en het gebrek aan drinken waren we uitgeput.

In Auschwitz hadden wij een groep van dertien vrouwen gevormd. We deelden alles met elkaar. Dat was uitzonderlijk. De liefde die we elkaar gaven, hield ons op de been. We beschermden elkaar, we beurden elkaar op. „Meid, je zult het zien, we komen erdoor", zeiden we dan, al geloofden we er zelf niets van. Er heerste onder ons een sterke mentaliteit. We stalen niet, we vloekten niet, we waren zorgzaam voor elkaar."

Hoe groot is het gevaar in zulke omstandigheden alle gevoel van eigenwaarde te verliezen?
„We werden behandeld alsof we waardeloze wezens waren. Een nummer, letterlijk. Soms kijk ik naar de cijfers die de nazi's in mijn arm hebben gekrast. Dan denk ik: Er moet nog een 6 voor." Spottend: „Enkele jaren geleden zijn de telefoonnummers in Amsterdam immers met een 6 uitgebreid…"

„Ik heb in Auschwitz enkele zogenaamde selectiedagen meegemaakt. Dan moesten we langs kampbeul Mengele paraderen, waarbij hij met één wenk koos wie in leven bleef en wie niet. Verschrikkelijk. We waren helemaal naakt. De eerste keer dat ik hem passeerde, knapte er iets bij mij. Ik was opgevoed in kuisheid en preutsheid. Ik voelde mij enorm gekwetst. Terug in onze barakken hielden we elkaar voor: Zíj zijn gek, niet wíj."

Vijf van uw kampvriendinnen werden op een van die dagen naar de gaskamers gejaagd. Hoe kon u daarna nog verder?
„Je laat gebeurtenissen tot je hoofd doordringen, maar niet tot je hart, je emoties. Ik zag in Auschwitz de vreselijkste dingen. Maar ik liet het niet diep bij mij naar binnen komen. Kan dat? Ja. Door een mechanisme waarmee je probeert te overleven. In de psychologie spreken we van depersonalisatie. Ik zag mezelf voortstrompelen, bedekt met luizen, bezig met zinloos werk. Ik wist dat ik het was die daar voorstrompelde, maar het was in mijn bewustzijn alsof het om een ander ging."

Is de kans niet groot door zulke ervaringen uit te groeien tot een persoon die hoge muren om zichzelf heen bouwt en anderen moeilijk in het hart laat kijken?
„Zeker, dat kan. Bij mij is dat niet gebeurd. Ik heb een vrij extravert karakter. Wat ook scheelt, is de liefderijke manier waarop ik na de oorlog door de ouders van een vriend ben opgevangen.

Al in Auschwitz had ik geen enkele illusie dat ik mijn ouders en mijn zusje ooit zou weerzien. Mensen zeggen wel eens: Zij zijn niet teruggekeerd. Ik zeg het anders: Zij zijn vermoord. De vraag waarom ik het heb overleefd, ken ik niet. Ik lijd niet aan overlevingsschuld. Dat ik er ben, is geen prestatie van mezelf. Ik heb gewoon geluk gehad."

In 1977 overleed uw derde kind, een jongen van 18 jaar.
Geëmotioneerd: „Dat was de grootste slag in mijn leven. Ik had al zo veel verloren, dit verlies kon ik er niet bij hebben.

Sem was een veelbelovend kind. Hij had een hoog IQ. Dat wist ik, omdat studiegenoten in het kader van hun opleiding een psychologische test bij hem mochten verrichten. Ik weet nog dat een studente zei: „Hij is niet alleen heel knap, maar hij is ook heel gevoelig; die combinatie kom je weinig tegen.""

Kon u de levensdraad na zijn overlijden weer oppakken?
„Ik heb geruime tijd in een depressie verkeerd. Jarenlang kon ik geen muziek horen. Mijn zoon overleed in februari. Ik was kwaad op de bloemen die in de lente uitkwamen. 's Avonds ergerde ik me eraan dat de krant in de bus viel. Ik dacht: Nu dit is gebeurd, kan het leven toch niet verder?

Leven wordt overleven. Je kunt niet verder en toch ga je verder. Een mens beschikt over veel zielskracht. Je doet op een bijna werktuigelijke manier de dingen die moeten gebeuren. Je moet natuurlijk ook je brood verdienen."

Terwijl het verdriet blijft, toch?
„Omdat je het zo druk hebt, sta je er weinig bij stil. Maar het overvalt je elke keer toch weer, zeker."

En dan?
„Dan huil je. Maar dat gaat niet vanzelf, hoor. Bij mij heeft het lang geduurd voordat ik kon huilen. In het begin had ik geen tranen. De eerste keer dat ik na de oorlog echt in huilen uitbarstte, was pas in 1948."

Helpt huilen?
„Ik denk het. De feitelijke omstandigheden veranderen er niet door, maar het geeft een doorbraak in het koud-zijn. Als je een situatie niet aankunt, stel je je koud op. Je sluit je voor alles af. Dat doe je niet overwogen, het gebeurt vanzelf. Bij het huilen lost dat koude, dat ongevoelige als het ware op.

Wie een weg van lijden gaat, heeft een luisterend oor nodig. Na het overlijden van Sem had ik een huishoudelijke hulp die me altijd aanhoorde en mij in mijn huilbuien troostte. Daar ben ik haar nog altijd dankbaar voor."

Soms zijn mensen bang zielig te worden gevonden.
„Ja, en terecht. Het is mooi als je iemand hebt die kan troosten. Maar mensen moeten je niet zielig gaan vinden. Dat is een geringschatting van je persoonlijkheid."

Haar donkere ogen beginnen opeens te schitteren. Lachend: „Na de oorlog was ik buitengewoon arm. Ik had niets. Toen stuurde de man met wie ik later zou trouwen, mij op een dag een jurk. Ik was zo beledigd dat ik die linea recta naar hem terugstuurde. Alsof ik niet voor mezelf kon zorgen. De eerste brief die hij me schreef, had ik onlangs nog in handen. Hij begon zijn schrijven met de woorden: „Lieve Vesuvius." Geweldig, nietwaar?"

Klopt het dat uw emoties ook zo hoog opvlammen als Israël negatief in de pers komt?
„Over de manier waarop de wereld met het Joodse volk omgaat, zou ik graag nog eens een apart interview willen. Er wordt alleen maar rottigheid over Israël afgeroepen. De grote dictators van nu zijn de media. Ze spugen op de Joden. Keer op keer wordt gezegd dat wat Israël doet, buitenproportioneel zou zijn. Wat een onzin. Alleen al dit jaar zijn er duizenden raketten op het land afgevuurd. Hoe zouden de mensen in Brabant het vinden als ze dag in dag uit worden bestookt? Zeggen we dan ook: Jammer dan? Ik kan me er vreselijk kwaad om maken."

Hoe vaak droomt u van vrede in het Midden-Oosten?
„Elke keer als wij Joods Nieuwjaar vieren, stuur ik mijn kinderen en vrienden kaarten met vurige wensen voor vrede. Maar ik zie het er nog niet van komen. Dat het bestaansrecht van Israël in twijfel wordt getrokken, dat vind ik vreselijk. Het is het enige land ter wereld waar de Joden veilig zijn. Soms denk ik: Was ik maar gegaan…

Als je mij vraagt wat het belangrijkste in mijn leven is, dan zeg ik: Dat het Jodendom blijft bestaan. Dat voel ik zo. Ik voel me zeer verwant aan andere Joden. Zeker, de Tien Geboden komen tegemoet aan universele behoeften. Maar het is het Jodendom dat deze wet in de wereld bracht. Dat vind ik iets waarop ik trots mag zijn."


Levensloop
Dr. Bloeme Evers-Emden is een markante vrouw die zich vol overgave inzet voor het Joodse volk. Zij werd in 1926 geboren als dochter van een diamantslijper in Amsterdam. Tijdens de Tweede Wereldoorlog dook ze lange tijd onder, maar kwam ze uiteindelijk in Kamp Westerbork terecht. In 1944 werd ze afgevoerd naar Auschwitz en Libau.

In 1950 trouwde Bloeme Emden met Hans Evers. Zij kregen zes kinderen. De oudste is de bekende rabbijn Raphael Evers. Haar derde kind kwam in 1977 om het leven door een verkeersongeval.

Op 38-jarige leeftijd pakte Evers een studie aan de Vrije Universiteit op. In 1989 promoveerde ze in de ontwikkelingspsychologie. Ze was jarenlang universitair hoofddocente en kreeg bekendheid vanwege haar indringende studies naar onderduikkinderen en naar Joodse ouders die hun kinderen vanwege de vervolging door de nazi's op een onderduikadres moesten achterlaten.

Evers is verbonden aan Crescas, een onafhankelijk instituut voor Joodse educatie aan volwassenen. Ook schrijft ze wekelijks een column in het Nieuw Israelietisch Weekblad. Een reeks columns is onlangs gebundeld in haar nieuwste boek, "Joods Bloemlezen", verschenen bij uitgeverij Amphora Books.

 

vrijdag 21 november 2008

Hamas ensceneert energietekorten in Gazastrook

 
   Dit roept de 'pro-Israël lobby' nu al een jaar, en verhip, ze lijken het warempel bij het rechte eind te hebben?
 

Hamas ensceneert energietekorten in Gazastrook

 
 
The Fatah-controlled Pal-Press Web site on Thursday quoted a senior official in the Gaza Electricity Company as saying that Hamas has been stealing fuel supplies intended for the power grid.

The official, who asked not to be identified, also denied claims by Hamas and Al-Jazeera about power outages in large parts of the Gaza Strip. He noted that 70% of the Gaza Strip's electricity came from Israel and Egypt, while the remaining 30% were being supplied by the local company.
"Hamas has seized more than 220,000 liters of fuel that was intended for generators belonging to our company," he revealed. "There's no shortage of fuel and as such there is no reason for a crisis."
 
Niet alleen Al-Jazeera trapt in die val, ook Nederlandse kranten nemen wat Hamas zegt vaak kritiekloos over, en wantrouwen daarentegen de Israelische regering en pro-Israel groepen (de notoire 'Israellobby'). Het valt te hopen dat nu ook Palestijnen het zeggen, de media de claims van een 'humanitaire crisis' van een kritische kanttekening voorzien.
 
RP
-----------

PA: 'Hamas is staging Gaza blackouts'
 
Khaled Abu Toameh , THE JERUSALEM POST
 
Palestinian Authority officials in Ramallah accused Hamas on Tuesday of staging the latest blackouts in the Gaza Strip in a bid to win sympathy and incite the Palestinian public against Israel and the PA.

The officials said that contrary to Hamas's claim, there is no shortage of basic goods, medicine and fuel in the Gaza Strip, largely thanks to the many underground tunnels along the border with Egypt.

This is not the first time that Palestinians have accused Hamas of staging Gaza blackouts under the pretext that Israel had cut off fuel supplies to the district's power grid.

Earlier this year, Palestinian journalists in Gaza City told The Jerusalem Post that scenes of Palestinian children and women holding lit candles in the dark had been staged by Hamas and some Arab satellite TV stations.

"There's no shortage of fuel in the Gaza Strip and the Electricity Company is continuing to function normally," said a PA official. "Our people in the Gaza Strip have told us that the blackouts are all staged as part of the Hamas propaganda."
 
Another PA official noted that Hamas's lies reached their peak last January when its legislators held a meeting in a darkened hall of the Palestinian Legislative Council - while light could be seen coming in through the curtained windows.

The official accused Al-Jazeera of serving as a platform for Hamas's propaganda machine by airing staged footage of children and women during candlelight protests in the streets of Gaza City.

"There's enough fuel in the Gaza Strip," he said. "Even when Israel reduces the fuel supplies, Hamas continues to smuggle tens of thousands of liters through the underground tunnels."

The Fatah-controlled Pal-Press Web site on Thursday quoted a senior official in the Gaza Electricity Company as saying that Hamas has been stealing fuel supplies intended for the power grid.

The official, who asked not to be identified, also denied claims by Hamas and Al-Jazeera about power outages in large parts of the Gaza Strip. He noted that 70% of the Gaza Strip's electricity came from Israel and Egypt, while the remaining 30% were being supplied by the local company.

"Hamas has seized more than 220,000 liters of fuel that was intended for generators belonging to our company," he revealed. "There's no shortage of fuel and as such there is no reason for a crisis."

The official also disclosed that Hamas militiamen had been forcing the company to cut off power supplies to some areas in the Gaza Strip so as to create the impression that the outage was due to a lack of fuel caused by the ongoing closure of the border crossings.

Voorzitter Palestina Komitee: IJveren voor einde van Israël

 
   Wie is nu de kritische krant...?
 
______________________________

donderdag 20 november 2008

Voorzitter Palestina Komitee: IJveren voor einde van Israël

 
 
Eindelijk wordt een anti-zionist eens kritisch ondervraagd, en worden zijn uitspraken kritisch tegen het licht gehouden. Hier kunnen het NRC en de Volkskrant nog wat van leren.
Uit de volgende uitspraken blijkt hoe dicht Lankamp tegen het antisemitisme aanschurkt:
 
Wat heeft u met de Palestijnse zaak?
„Ik ben in 1945 geboren. De nazislachtingen in onder andere Rusland tijdens de oorlog hebben naderhand diepe indruk op me gemaakt. Het Eichmannproces heb ik later nauwgezet gevolgd. Ik ben gestempeld door de term "nooit meer Auschwitz". Die leus is mijn drijfveer geworden in mijn verzet tegen discriminatie."
 
Dan moet het wel heel pijnlijk voor u zijn dat juist het Europese antisemitisme door Arabische volken -waaronder de Palestijnen- wordt geïslamiseerd.
„Overal waar ik racisme bespeur, wil ik dat bestrijden. Dat geldt uiteraard ook voor antisemitisme. Maar denk je eens een jonge Palestijn in. De enige Israëli die hij ziet is een kolonist met een machinegeweer, of een soldaat met nog meer wapentuig. Logisch dat hij en velen met hem dan generaliserend en negatief spreken over „de Joden." Maar dat is geen antisemitisme. Mijn ouders hadden het op dezelfde manier over „de Duitsers.""
 
Blijft staan dat onder Palestijnen het nationaal besef pas is gekomen na de oprichting van de Palestijnse bevrijdingsorganisatie PLO. Hun samenhang als volk is beperkt.
„Dat is een punt van discussie, maar ik vind die uitermate oninteressant. Identiteit wordt mensen soms opgedrukt. In de jaren dertig en veertig beseften ook veel Joden pas toen ze vervolgd werden dat ze Jood waren. Het is, als ik het zo mag zeggen, allerminst koosjer dat juist Joodse immigranten rond 1948 de Palestijnen hebben verdreven en daarmee de oorzaak zijn geweest van het conflict."
 
Wacht even. Israël is in 1948 volkenrechtelijk volkomen zuiver tot stand gekomen. Het waren de Arabische landen die meteen daarop een oorlog zijn begonnen - níét Israël.
„Maar die aanval is het gevolg van het feit dat Israël niet ophield met het verdrijven van de Palestijnen. Zij gingen gewoon door met de oorlogssituatie die ze al voor 1948 gecreëerd hadden. Ruim 750.000 Palestijnen zijn gevlucht. Het staat buiten kijf dat de overlevenden van die groep én hun nakomelingen het recht hebben om terug te keren, zoals VN-resolutie 194 aangeeft."
 
 
Vanwege de oorlog en de Jodenvervolging je inzetten voor het einde van de staat Israel, en dat als strijd tegen discriminatie en racisme bestempelen - er is enige moed voor nodig. Het racisme van de ontkenning van het Joodse recht op zelfbeschikking ontgaat Lankamp, zoals zoveel linkse pro-Palestina activisten de balk in eigen ogen (en bij de Palestijnen) niet zien om zich verschrikkelijk kwaad te maken over de splinter bij Israël. Koosjer is dat natuurlijk allerminst.
 
De geschiedvervalsing in de laatste bewering moge duidelijk zijn: de Arabieren in Palestina en de Arabische staten wezen het VN delingsplan af en de eersten begonnen direct daarop een burgeroorlog tegen de Joodse gemeenschap in Palestina. Nadat ze die hadden verloren vielen de Arabische staten aan, met hetzelfde doel: de nieuwe Joodse staat vernietigen. Zie ook Israel en de Nakba.
 
Lankmap liegt ook wat betreft VN resolutie 194.
 
RP
----------

Voorzitter Palestina Komitee: IJveren voor einde van Israël

14-11-2008 19:25 | Jacob Hoekman en Bert Monster
Of zelfmoordaanslagen uit den boze zijn, dat vindt hij bijzonder lastig uit te maken. Wim Lankamp, voorzitter van het Nederlands Palestina Komitee, weet wél dat Israël onmiddellijk 4 miljoen Palestijnse vluchtelingen toe moet laten. „Dat betekent inderdaad het einde van het huidige Israël."

Géén Israëlische scheidingsmuur door de Palestijnse gebieden. Met die boodschap stond Lankamp met een aantal getrouwen deze week weer op de barricaden, ditmaal voor de Tweede Kamer. Daar voerde hij actie tegen wat hij met veel Palestijnen betitelt als de „apartheidsmuur."

Die term apartheidsmuur roept beelden op van een door rassenhaat verscheurd Zuid-Afrika. Dan spreken we over een heel andere situatie.
„Er zijn inderdaad nuanceverschillen. Maar de bouw van die muur heeft feitelijke apartheid tot gevolg. Niet voor niets heeft de Algemene Vergadering van de VN de bouw in juli 2004 veroordeeld. Bovendien heb ik die apartheidsparallel niet van mezelf. Uitgerekend de Zuid-Afrikaanse aartsbisschop Desmond Tutu zei dat hij in door Israël bezet gebied dingen had gezien die hem in veel opzichten sterk aan de vroegere apartheid in zijn eigen land herinnerden. Zo'n uitspraak kun je toch niet naast je neerleggen. De rechten van de Palestijnen worden kennelijk zwaar geschonden."

Wat heeft u met de Palestijnse zaak?
„Ik ben in 1945 geboren. De nazislachtingen in onder andere Rusland tijdens de oorlog hebben naderhand diepe indruk op me gemaakt. Het Eichmannproces heb ik later nauwgezet gevolgd. Ik ben gestempeld door de term "nooit meer Auschwitz". Die leus is mijn drijfveer geworden in mijn verzet tegen discriminatie."

Dan moet het wel heel pijnlijk voor u zijn dat juist het Europese antisemitisme door Arabische volken -waaronder de Palestijnen- wordt geïslamiseerd.
„Overal waar ik racisme bespeur, wil ik dat bestrijden. Dat geldt uiteraard ook voor antisemitisme. Maar denk je eens een jonge Palestijn in. De enige Israëli die hij ziet is een kolonist met een machinegeweer, of een soldaat met nog meer wapentuig. Logisch dat hij en velen met hem dan generaliserend en negatief spreken over „de Joden." Maar dat is geen antisemitisme. Mijn ouders hadden het op dezelfde manier over „de Duitsers.""

In 2003 nodigde Lankamps comité onder andere Abou Jahjah van de Arabisch Europese Liga (AEL) uit voor een lezing in Amsterdam. De AEL vindt dat de staat Israël, „die zionistische entiteit", moet verdwijnen. Een van de Nederlandse bestuursleden heeft begrip voor leuzen als "Hamas, Hamas, alle Joden aan het gas".

U zegt te strijden tegen elke vorm van antisemitisme. Waarom dan toch de voorman van de AEL uitgenodigd?
„Wij kijken van tevoren heel goed wie we vragen en welke standpunten zo'n persoon huldigt. Vage, duistere, extreme figuren krijgen geen invitatie."

Jahjah kwam dus door de keuring?
„Ik heb hem nooit op antisemitische uitspraken kunnen betrappen. Vanuit zijn achtergrond -in Libanon geboren en de verschrikkingen meegemaakt die Israël daar heeft aangericht- is zijn opstelling begrijpelijk."

Is dit conflict een religieus conflict?
„Helemaal niet. Het is niet fijn als je huis wordt weggebulldozerd en je wordt verdreven, dat is heel eenvoudig. Het gaat gewoon om gelijke rechten voor de mensen daar. Iedereen moet daar op dezelfde basis kunnen wonen. Het bordje op de deur van een land is dan helemaal niet interessant. Als een inwoner zegt: Dit is mijn Israël, of: Dit is mijn Palestina, dan is dat prima. What's in a name, zei Shakespeare al."

De Joden hebben met hun eeuwenlange voorgeschiedenis veel meer nationaal besef dan de Palestijnen. Zij vinden het bordje op de deur wél interessant.
„Waar het om gaat is dat er mensen verjaagd zijn. Als ik hier in Nederland op een nette manier een pand verwerf, is dat prima. Maar als ik er eerst de bewoners uitjaag en dan een bordje plaats: Dit is van mij, dan is dat niet echt netjes te noemen."

Blijft staan dat onder Palestijnen het nationaal besef pas is gekomen na de oprichting van de Palestijnse bevrijdingsorganisatie PLO. Hun samenhang als volk is beperkt.
„Dat is een punt van discussie, maar ik vind die uitermate oninteressant. Identiteit wordt mensen soms opgedrukt. In de jaren dertig en veertig beseften ook veel Joden pas toen ze vervolgd werden dat ze Jood waren. Het is, als ik het zo mag zeggen, allerminst koosjer dat juist Joodse immigranten rond 1948 de Palestijnen hebben verdreven en daarmee de oorzaak zijn geweest van het conflict."

Wacht even. Israël is in 1948 volkenrechtelijk volkomen zuiver tot stand gekomen. Het waren de Arabische landen die meteen daarop een oorlog zijn begonnen - níét Israël.
„Maar die aanval is het gevolg van het feit dat Israël niet ophield met het verdrijven van de Palestijnen. Zij gingen gewoon door met de oorlogssituatie die ze al voor 1948 gecreëerd hadden. Ruim 750.000 Palestijnen zijn gevlucht. Het staat buiten kijf dat de overlevenden van die groep én hun nakomelingen het recht hebben om terug te keren, zoals VN-resolutie 194 aangeeft."

Dan hebben we het over 4 miljoen Palestijnen die in Israël gaan wonen. Dat betekent het einde van de staat Israël.
„Dat klopt. Daar ijveren wij ook voor. In Nederland zouden we ook geen katholieke, protestantse, Joodse of islamitische staat dulden. Wat we hier willen, is een staat voor iedereen. Dus waarom ook niet daar?"

Dat betekent ongetwijfeld ook nieuw geweld tegen Joden.
„Het moet zeker niet zo zijn dat in zo'n land een bijltjesdag georganiseerd zou worden. We willen geen dominante krachten die mensen de woestijn in willen drijven."

Dat is nu anders exact de situatie, met Hamas aan de macht in de Palestijnse gebieden.
„Maar dan moet je je eerst afvragen: Waarom en sinds wanneer werd Hamas zo dominant? Dat gebeurde omdat het zogenaamde vredesproces doodliep, want Israël verdubbelde de kolonisatie. Het gebeurde niet omdat de Palestijnen zo vreselijk islamitisch of antisemitisch geworden zijn."

Lankamps comité was op 5 mei vorig jaar vertegenwoordigd op een Palestijnse manifestatie in de Rotterdamse Doelen waar onder anderen de extremistische oud-moefti van Jeruzalem Ikrima Sabri sprak. De man staat bekend om het verheerlijken van zelfmoordaanslagen op Israëlische burgers, al helemaal als ze door kinderen zijn uitgevoerd. „Hoe jonger, hoe meer ik hen respecteer", aldus Sabri.

U had er blijkbaar geen moeite mee dat uw comité zich in dergelijk gezelschap bevond.
„De bijeenkomst woonde ik zelf niet bij, vanwege verblijf in het buitenland. De definitieve lijst sprekers was pas op de dag zelf bekend. Uiterst belangrijk vond ik dat de Palestijnse premier Haniyah op deze internationale solidariteitsbijeenkomst een podium werd geboden in een tijd van internationale boycot van de Hamasregering."

Sabri verheerlijkt zelfmoordaanslagen.
„Zelfmoordaanslagen vind ik een vreemde term. Het gaat om de daad zelf, niet om hoe die wordt uitgevoerd. Wat maakt het uit als dat via zelfmoord gebeurt? Het volkerenrecht zegt dat de onderdrukte recht heeft om in verzet te komen tegen zijn bezetter. Een aanval op combattanten of strijders is in zo'n situatie geoorloofd. Israël pest de autochtone bevolking uit het gebied weg. Degene die zich daartegen verzetten, mogen alle legitieme middelen gebruiken."

U noemt een zelfmoordaanslag legitiem?
„Het volkenrecht noemt gewapend verzet legitiem. Internationaal ontstaat er nauwelijks beroering als Israël aanslagen pleegt op Palestijns grondgebied. De internationale gemeenschap spreekt in dat geval vreemd genoeg niet over aanslagen, maar over operaties van het leger."

Het Israëlische leger is als zodanig herkenbaar, een zelfmoordterrorist vermomt zich juist expres als burger.
„De Palestijnen hebben nu eenmaal geen eigen strijdkrachten. Zij zijn soms aangewezen op verzet door middel van guerrillatactieken. Daarbij laat de internationale gemeenschap het al zestig jaar afweten."

Bij aanslagen door Palestijnse zelfmoordcommando's komen veel Israëlische burgers om.
„Ik kijk naar het doel van de aanslag. Als er twee militairen bij een bushalte staan, zijn die het doelwit. Verzet tegen strijders is, zoals ik al eerder zei, geoorloofd."

Ook als daarbij burgers de dood worden ingejaagd?
Lankamp pauzeert even, kijkt weg, en zegt dan: „Ik vind het moeilijk daarop een sluitend antwoord te geven. Elke situatie zou ik apart willen beoordelen. Laat ik zeggen dat ik in algemene zin afkeur dat burgers bij dergelijke aanslagen de dood vinden. Maar dat geldt ook voor burgers aan Palestijnse zijde. Ik ken voorbeelden genoeg dat Israël een Palestijnse commandant wilde uitschakelen en voor het gemak het hele huizenblok wegvaagde. Maar ik vind vooral dat de vruchteloze discussie over zelfmoordaanslagen moet worden overstegen door het accent te leggen op de verantwoordelijkheid die onder meer Nederland heeft, maar niet voldoende neemt."

Arafat of Abbas?
„Ik kies geen van beiden."

U hebt vast een voorkeur.
Peinzend, en dan resoluut: „Ik zou überhaupt voor Arafat kiezen. Hij heeft fouten gemaakt, maar verbeeldde de Palestijnse zaak op een goede manier. Hij heeft ook de nodige handreikingen gedaan voor vrede, maar die zijn niet opgepakt."

Arafat stond niet bepaald bekend als gematigde vredesduif.
„Wat is gematigd? Er is in mijn ogen geen gematigder standpunt dan op te komen voor je eigen rechten."


Omstreden Komitee
Het Nederlands Palestina Komitee (NPK) dateert, evenals de Palestijnse PLO, uit de roerige jaren zestig. In die beginjaren lag het NPK geregeld onder vuur, omdat de leden onverholen sympathiseerden met de Palestijnse PLO. Dat was in die dagen een gangsterbende die niet terugdeinsde voor bloedige kapingen en gijzelingsacties.

Het NPK werd opgericht door onder meer Piet Nak, Mahmoud Rabbani en Kees Wagtendonk. Nak was een Nederlandse verzetsman en politiek activist. Hij was een van de aanstichters van de Februaristaking in Amsterdam in 1941. Hij ontving hiervoor in 1966 de Israëlische onderscheiding Yad Vashem.

In de jaren zeventig was onder meer de journalist en Midden-Oostendeskundige Bertus Hendriks voorzitter van het NPK. Hendriks is met enige regelmaat te gast in radio- en televisieprogramma's voor zijn visie op ontwikkelingen in het Midden-Oosten.

Huidig voorzitter van het NPK Wim Lankamp werd in 1969 lid van de toenmalige Pacifistisch Socialistische Partij (PSP). In 1977 stapte hij over naar de Communistische Partij Nederland (CPN), omdat die partij „meer daadkracht" had. Tegenwoordig participeert Lankamp in GroenLinks.

Het NPK heeft volgens Lankamp „heel goede contacten" met de extreem linkse Internationale Socialisten. Ook heeft het Komitee banden met de niet onomstreden Gretta Duisenberg, voorzitter van Stichting Stop de Bezetting.

Twee weken geleden was Duisenberg spreker op een internationale conferentie over hulp aan slachtoffers van de bezetting in de Indonesische hoofdstad Jakarta. Een van de andere sprekers daar was de oud-moefti van Jeruzalem, Ikrina Sabri, die vorig jaar in de Rotterdamse Doelen ook sprak op een internationale solidariteitsbijeenkomst voor de Palestijnen. Volgens Sabri zijn de Joden voorbestemd tot eeuwige vernedering en marteling en het is de plicht van ieder moslim erop toe te zien dat zij krijgen wat hun toekomt. „Waar Hitler faalde, daar moeten wij zegevieren", aldus de oud-moefti.

In 2003 beklaagde het NPK zich in het ledenblad "Soemoed" over de tegenstanders van Gretta Duisenberg. Die hadden haar aangeklaagd vanwege belediging van het Joodse volk. Een „lastercampagne", zo vond het NPK. De vrijheid van meningsuiting was volgens de stichting in het geding.

Niet altijd spant het comité de vrijheid van meningsuiting voor zijn karretje. In 1986 voerde het NPK juist actie tegen een uitgeverij die het had gewaagd "De hadji" van de schrijver Leon Uris in Nederland uit te brengen.

"De hadji" is een roman over de ontstaansgeschiedenis van de staat Israël. Het boek heeft een politieke lading. Uris stelt dat de Palestijnen zelf de kans laten liggen om in welvaart en vrede met de Joden samen te leven. Het NPK eiste destijds dat het boek uit de handel zou worden genomen.


CV

Naam: Wim Lankamp

Leeftijd: 63

Woonplaats: Delft

Functie: Voorzitter Nederlands Palestina Komitee en werkzaam bij de werkgroep Midden-Oosten van GroenLinks

zaterdag 1 november 2008

Antisemitisme op internet

 
 
Het volgende bericht stond afgelopen dinsdag in de Telegraaf:

 
Arrestaties om 'nepzieken' Israëlisch leger
  JERUZALEM - De Israëlische militaire politie heeft vijf Palestijnse artsen en drie verpleegsters gearresteerd die in Israël leven en werken. Zij worden verdacht van een handeltje in valse ziekverklaringen voor Israëlische militairen. Dit heeft de politie van de Joodse staat dinsdag laten weten. Na een snel bezoekje aan een Arabische arts konden gezonde Israëlische militairen een ziekmelding krijgen. Die kostte 5 shekel (1 euro) per "vrije dag". Voor de service werd discreet geadverteerd via internet. 
 

  Daarop schreef iemand het volgende op zijn blog:

  "Zionisme is antisemitisme. Even geen zin om kampbeul te zijn? Even geen zin in bloedvergieten? Dan heb je pech in Israël. Ben je tegen zionisme, dan wordt je opgepakt en afgevoerd. Voor de Tweede Wereldoorlog wilde de Joden niet naar Israël. Hitler was dus een zionist en is ook door zionisten in het zadel geholpen. Zionisme is nazisme."

[ Bron: "De Nederlandse Patriot" op
http://nederlander.wordpress.com/2008/10/29/zionisme-is-antisemitisme/ ]

 
  Het verband met het Telegraaf artikel ontgaat me, net als de logica, maar omdat de beste man naar de Telegraaf linkt stond zijn blog daar ook gelinkt. Het is moeilijk voorstelbaar dat mensen zulke verwrongen ideeën over Israel en zionisme hebben, mensen die soms op andere terreinen best zinnige dingen kunnen zeggen en logisch kunnen nadenken. Ook op de Volkskrant is weer een discussie bezig met uitlatingen als deze:

  "En ja, dan de naam van de Joodse gemeenschap in Europa; daarover is voldoende historische documentatie te vinden. Controversieel dus. En sinds de Joden hun eigen staat hebben gekregen, middels dubieuze koehandel tussen Engeland en de Joodse baron de Rothschild, is het compleet hommeles in het Midden-Oosten. Dikke problemen aldaar.

  Ik denk dat we de feiten gewoon in ogenschouw moeten durven nemen: Joden werden/worden in Europa -- terecht of onterecht is hier niet de discussie -- in een historisch perspectief met problemen geassocieerd -- ik verzin het niet -- en sinds ze een eigen land hebben, zijn er giga-problemen in het Midden-Oosten. Dat kan dan toch niet echt toevallig zijn?

  Ik pleit er dus voor om de VN een dis-erkenning van de staat Israël uit te laten spreken en dat land terug te geven aan de rechtmatige Palestijnse eigenaren. 40% van de Joden bestaat bijv. uit etnische Khazaren en komen helemaal niet uit het gebied wat nu Israël wordt genoemd, dus die kunnen dan prima terug naar hun oorspronkelijke leefgebieden; de noordelijke Caucasus. Richting Georgië dus. Die kunnen daar dan bijv. de Khazaarse staat uitroepen? George Bush is dikke vriendjes met de Israëliërs en de Georgische president Saakashvili; dus dat komt dan wel goed.
 
www.khazaria.com/

  Aldoende komt er ook weer ruimte vrij om de miljoenen Palestijnse vluchtelingen terug te laten keren naar hun land van herkomst. Uit sympathie en respect voor het feit dat er door de eeuwen heen wel eens wat Joden in dat gebied hebben gewoond, zou ik het niet meer als billijk achten om tussen de 10- en 20.000 Joden tot Palestina toe te laten. En als die groep zich dan ook weer vervelend gaat gedragen naar de Palestijnen toe, dan moet Amerika maar een gebaar maken en wat ruimte in Alaska ter beschikking stellen.

  Het probleem genaamd Israël is dus prima en op een humane wijze op te lossen."
 
 
  Sommigen beklagen zich ook over de Joodse invloed van de Volkskrant, waardoor zij nu teveel een neoconservatieve visie uit zou dragen. Vreemd genoeg werden deze mensen niet of nauwelijks beschuldigd van antisemitisme, wellicht omdat mensen weten dat dat voor hen reeds een geuzennaam is geworden en niet iets om je voor te schamen. Het op zichzelf redelijk genuanceerde artikel van Arie Elshout dat de discusssie uitlokte (een voorbeeld van wangedrag van een Israelische soldaat bij een checkpoint kon echter weer eens niet ontbreken) werd misbruikt door de bekende mensen om Israel (en de Joden) als een stelletje criminelen en de oorzaak van alle ellende in het Midden-Oosten neer te zetten: 'Israel is een kwaadaardig kankergezwel dat zo snel mogelijk verwijderd dienst te worden.'

  Ik ga bovenstaande beweringen hier niet stuk voor stuk weerleggen. Ik hoef toch ook niet uit te leggen dat er echt gaskamers waren en niet slechts werkkampen? Het Kazarenverhaal is natuurlijk onzin (en wordt overigens ook tegengesproken op de website die erbij gelinkt staat!), maar ik kom het verdomd vaak tegen, net als al die complottheorieën over de aanslagen op de Twin Towers, de macht van de Joden in de financiële wereld en de oppermachtige zionistische lobby die achter de schermen aan de touwtjes zou trekken.

  Ik maak mij zorgen, en ik hoop u ook.  
 
 
Ratna Pelle