woensdag 27 mei 2009

Faroek Hosny - de Egyptische boekverbrander van de Unesco

 
______________________

De Egyptische boekverbrander van de Unesco

http://weblognoa.web-log.nl/noalog/2009/05/de-egyptische-b.html

 

Het is bizar dat de voorzitter in spe van de Unesco, de belangrijke culturele tak van de Verenigde Naties, een opruier en een cultuurbarbaar is. Maar in de Nederlandse krant heb ik er niets over gelezen.

Faroek Hosny, de Egyptische minister van Cultuur van de afgelopen 15 jaar, lijkt de gedoodverfde volgende Directeur Generaal van de UNESCO als niemand er iets tegen doet. Maar Meneer Hosny is niet voor het verenigen van naties.

Hij heeft een onverbloemde haat en minachting voor de Israëlische cultuur. Hij verklaart in 2001 "dat die cultuur niets heeft bijgedragen aan de Beschaving, want het heeft zich slechts de bijdragen van anderen toegeëigend" , en ook:. "Het is een inhumane cultuur; het is een agressieve, racistische, pretentieuze cultuur, gebaseerd op één simpel principe: stelen wat niet van jou is, en daarna beweren dat het van jezelf is". Hosny verklaarde ook dat hijzelf de 'aartsvijand' was van alle pogingen om de betrekkingen van zijn land met Israël te normaliseren. Toen in 2008 een afgevaardigde van het Egyptische parlement zijn vrees uitte dat de bibliotheek van Alexandrië Israëlische boeken zou aanschaffen antwoordde onze aanstaande directeur van de UNESCO: "Verbrand deze boeken. Als je ze aantreft, zal ik ze zelf persoonlijk voor uw ogen verbranden".
Als u nog even dacht dat het alleen anti-israelisme betrof en geen antisemitisme dan helpt onze Faroek Hosny u uit de droom. In 2001 in het dagblad Ruz-al-Yusuf verklaart hij: 'dat Israël werd geholpen bij zijn duistere intriges door de infiltratie van Joden in de internationale media, en door het joodse diabolische talent om leugens te verspreiden'. Deze uitspraken zijn slechts een kleine greep - en niet eens de meest stuitende – uit de ontelbare opruiende verklaringen die deze minister de afgelopen jaren heeft gedaan.

In Frankrijk werden de filosoof Bernard-Henri Lévy, de regisseur Claude Lanzmann, en de Nobelprijswinnaar Elie Wiesel, hier zo door verontrust dat zij in een open brief o.a. schreven: Farouk Hosny is een gevaarlijk man, een opruier van harten en geesten. Er is nog maar heel weinig tijd om de grote fout te voorkomen dat Mr.Farouk Hosny wordt bevorderd tot deze hoge post.
Ze vragen alle landen die toegewijd zijn aan de vrijheid en de cultuur om een tegenkandidaat te stellen voor 30 mei, om in ieder geval de nodige initiatieven te nemen om de ramp af te wenden die deze benoeming zou betekenen.
Zij doen een beroep op een ieders geweten om te voorkomen dat de UNESCO in handen valt van een man, die bij het horen van het woord 'literatuur', antwoordt met "boekverbranding".

Of is het geen antisemitisme en heeft hij in eigen land de boeken ook laten verbranden? Dat zou tenminste wel verklaren waarom na 15 jaar onder zijn ministeriële verantwoordelijkheid nog steeds meer dan 40% van de Egyptische bevolking niet kan lezen of schrijven. Of maakt hem dat juist zo geschikt voor de post?

Rosa van der Wieken- de Leeuw

 

Haaretz: Mark Rutte wil af van verbod op Holocaust ontkenning


Nederland heeft de Haaretz weer eens gehaald. De zaken worden naar goed journalistiek gebruik wel een beetje omgedraaid: Rutte wil alle restricties op de vrijheid van meningsuiting opheffen, behalve wanneer direct tot geweld wordt opgeroepen, en daarmee wordt ook het ontkennen van de Holocaust legitiem.
Overigens is Rutte niet 'liberal' maar 'conservative'.

Je ziet, hoe gemakkelijk dingen in het buitenland verkeerd worden weergegeven, en daar erger ik me aan. Gebeurt dat voor Nederland maar af en toe, Israel heeft daar dagelijks mee te maken. Bovendien zijn het daar geen toevalligheden meer, maar is er een consequente bias ten voordele van de Palestijnen.

RP
----------------

Dutch liberal leader: Holocaust denial should not be a crime 
http://www.haaretz.com/hasen/spages/1088643.html
By DPA 
 
 
Holocaust denial should not be a crime in the Netherlands, the leader of the Dutch liberal party said on Wednesday.

Mark Rutte, head of the People's Party for Freedom and Democracy (VVD), said Dutch law should instead only prosecute people who incite others to commit violence, not when they incite people to hatred.

Claiming the Holocaust did not occur "should be possible" in the Netherlands, Rutte added.

Reacting to Rutte's remarks, public prosecutor spokesman Evert Boerstra said: "Offensive remarks, such as Holocaust denial, are only punishable by Dutch law if it equals discrimination of a particular group, in this case the Jews.

"Then such remarks fall under the prohibition against discrimination," he added.

The liberal VVD party also revealed it will present a bill to parliament proposing to abolish all restrictions to the freedom of expression in the Netherlands.

"Indirect offences - for example if I make a remark about your jacket which you perceive as a personal offence - should not fall under the prohibition against incitement," Rutte said.

"This is also why I vehemently opposed the Amsterdam District Court's decision ordering the prosecution of my colleague Geert Wilders," he added.

On January 21, the Amsterdam District Court ordered the public prosecutor to prosecute controversial Freedom Party leader Geert Wilders for remarks he made about Islam.

Wilders, who until 2005 was a member of the VVD party, has repeatedly referred to Islam as a "backward" religion, among others.

At the trial due to start in the summer, an Amsterdam court will determine whether Wilders merely criticized Islam as a religion, or whether he offended and discriminated Muslims as a group.

If the court decides Wilders has discriminated against Muslims, he could be sentenced under the Dutch anti-discrimination law. The last time the Dutch Supreme Court convicted a Dutch citizen under the same law - for Holocaust denial - was in 1995.

The Labour and Christian Democrat parties, the two largest coalition parties, said they would not support the Liberal bill proposing to lift all restrictions to the freedom of expression.

Sybrand van Haersma Buma, lawmaker for the Christian Democrats, said he was perplexed about the proposal.

"Freedom of expression is necessarily limited by the prohibition to incite others to hatred or violence," Van Haersma Buma said.
 
 

Nasrallah beschuldigt Israel van Hariri rapport in Der Spiegel


Natuurlijk geeft Hezbollah Israel de schuld van het bericht in Der Spiegel onlangs, waaruit blijkt dat de onderzoekers naar de dood van de Libanese ex-premier Hariri over overtuigend bewijsmateriaal beschikken dat naar Hezbollah wijst.

"The report in Der Spiegel is very, very, very dangerous," he said.

Dat heeft Nasrallah goed gezien, en daarom is hij ook zo boos. Dit zou zijn geloofwaardgiheid, populariteit en machtspositie in Libanon, kort voor de verkiezingen, ernstig kunnen aantasten, om nog maar te zwijgen van juridische acties als een en ander inderdaad blijkt te kloppen.

RP
--------------

Israel accused over Hariri report
http://english.aljazeera.net/news/middleeast/2009/05/200952520135864549.html


Hassan Nasrallah, the leader of Hezbollah, has accused Israel of being behind a report in Germany's Der Spiegel implicating the movement in the assassination of Rafiq al-Hariri, the former Lebanese prime minister.

"I consider the report in Der Spiegel an Israeli accusation that Hezbollah killed the martyr Rafiq Hariri and we will deal with this claim as such," Nasrallah said on Monday.
 
Speaking by videolink to thousands of supporters gathered in south Beirut, Nasrallah said that the report in the weekly news magazine was aimed at fomenting strife between Lebanon's Sunni and Shia Muslims.
 
"The report in Der Spiegel is very, very, very dangerous," he said.
 
The Der Spiegel report quoted an unnamed source as saying that the UN-backed tribunal into the assassination had found evidence which suggested Hezbollah had a role in attack.
 
Al-Hariri, a Sunni Muslim construction magnate who had been Lebanon's prime minister on two occasions, was killed with 22 other people in a bomb attack in Beirut in February 2005.

'Hezbollah link'
 
The Der Spiegel report quoted an unnamed source close to the UN tribunal as saying that Lebanese investigators found a link between eight mobile phones used at the time of the bombing and a network of 20 other phones belonging to Hezbollah agents.
 
The report named the suspected mastermind of the attack as Hajj Salim, believed to be the commander of the Islamic Resistance, Hezbollah's military wing.

Responding to the report, Israel's foreign minister said that an international arrest warrant should be issued for Hassan Nasrallah, Hezbollah's secretary-general.
 
"The report in Der Spiegel on Nasrallah's direct involvement in the assassination of Hariri should raise concern in the entire international community," Avigdor Lieberman said.
 
"He should have an international arrest warrant issued against  him, and if not, he should be arrested by force," he said.

Syria implicated
 
Prior to the formation of the special tribunal, interim reports from investigators leading the UN Independent Investigation Commission suggested that Lebanese and Syrian security officials may have planned the killing of al-Hariri.
 
At the time of al-Hariri's death, Damascus had thousands of troops and intelligence officers deployed in Lebanon.
Widespread public anger in Lebanon after the assassination led Syria to pull its forces out of Lebanon in April 2005, ending a 29-year presence in the country.

Damascus dismissed the Der Spiegel report as "insignificant".

"I invite the prosecutor to use his prerogatives concerning these lies which undermine the international investigation," Walid Muallem, Syria's foreign minister, said.
 
The Der Spiegel report comes before a June 7 parliamentary election in Lebanon, in which a Western-backed parliamentary majority faces a bloc led by Hezbollah, which is supported by Iran and Syria.
 
"This is a pure fabrication aimed at influencing the [forthcoming Lebanese] election campaign and to deflect attention from the news about the dismantling of spy networks working for Israel," a Hezbollah statement released on al-Manar television said on Sunday.
 
 

maandag 25 mei 2009

Trouw Podium: optimisme over Hamas misplaatst

Reaktie op Alfred Pijpers in Trouw van 20 mei: De politieke winst van de Gaza-oorlog
 

Optimisme over Hamas misplaatst

http://www.zionism-israel.com/blog/archives/00000368.html

IMO Blog, 2009

In een artikel deze week in Trouw beweert Alfred Pijpers van het instituut Clingendael dat Israël Hamas een harde klap heeft toegebracht tijdens het offensief in de Gazastrook, en dat door de afschrikkende werking hiervan het nu zo rustig is aan zowel het Gaza front als in het Noorden (want ook Hezbollah zou haar lesje hebben geleerd). De internationale gemeenschap, inclusief gematigde Arabische staten, zouden 'hun bekomst' hebben van Hamas en het verder in een isolement hebben gedreven, en diep onder de indruk van dat alles zou Hamas nu met het voorstel voor een tienjarig bestand en erkenning van de '67 grenzen zijn gekomen. Weliswaar inclusief het 'recht op terugkeer' van de vluchtelingen, maar dat zijn details.


Dit voorstel van Hamas is echter verre van nieuw. Oprichter sjeik Achmed Yassin deed het al in de jaren '90, waarna het nog verschillende malen en in verschillende varianten is herhaald. Soms werd nog de vrijlating van alle gevangenen geëist of stopzetting van het atoomprogramma, maar altijd minimaal een terugtrekking naar de wapenstilstandslijnen van 1949, ten onrechte vaak als 'grenzen' aangeduid. Het is voor Israël natuurlijk onaanvaardbaar om zich geheel terug te trekken, ook uit Oost-Jeruzalem, en alle nederzettingen op te geven terwijl Hamas zich op het nieuw verworven gebied rustig kan voorbereiden op een nieuwe confrontatie. Ondertussen komt Hamas zo naar het Westen toe wel gematigd en 'pragmatisch' over.
Pragmatisch is het nieuwe toverwoord in onze media waar het Hamas betreft. Ik kom het woord telkens weer tegen in artikelen over Hamas, zoals Abbas en 'gematigd' onafscheidelijk zijn in de kranten, en Netanjahoe en 'rechts' of 'hardliner' of 'havik'. Iemand zou misschien eens kunnen onderzoeken hoe vaak dergelijke adjectieven voor bepaalde mensen en organisaties staan, en of dat overeenkomt met de werkelijke standpunten van deze mensen en organisaties.

Wat betreft de zogenaamde acceptatie van Hamas van een Palestijnse staat naast Israël, en in feite dus erkenning van Israël, zei de vaak als pragmatisch aangeduide leider Ismail Haniyeh onlangs:

The leadership of the Palestinian Islamic resistant movement, Hamas, has reasserted its principled refusal to recognize the Zionist entity (Israel), saying that Israel is an illegitimate state based on ethnic cleansing and crimes against humanity.

Ismael Haniya, the legitimate Palestinian Prime Minister, told foreign dignitaries visiting Gaza last month that Hamas wouldn't abandon its principles under pressure.
"We will not cave in to pressure, we will not betray our people's trust, we will not recognize the illegitimate Zionist entity. This has always been our stance, and it will never change."


Hamas leider Meshaal zou het handvest van Hamas 'verouderd' hebben genoemd, aldus Pijpers. De vraag is echter waarom het dan niet gewijzigd wordt en waarom Hamas leiders en geestelijken nog steeds geregeld uitspraken doen die geheel in lijn met dit handvest zijn en er qua antisemitisme niet voor onderdoen? Wat bijvoorbeeld te denken van het volgende, uitgesproken door een Hamas geestelijke en uitgezonden op 24 april op het Hamas TV station Al Aqsa:

"True foundation and education start in the mosques... Do you realize what the mosque is? It is a prime factory educating men to fear and please Allah; the prime factory educating Jihad fighters...
The mosque is the life of Muslims, and the symbol of their courage and honor... The Palestinian fetus in its mother's womb, the Muslim fetus throughout the world in its mother's womb, call to unite through fear of Allah, through pleasing Him, and through choosing Jihad and Resistance."


Ook het volgende toneelstukje over 2 Joden is onlangs op het TV station Al Aqsa uitgezonden:

Father: "We Jews hate the Muslims, we want to kill the Muslims, we Jews want to drink the blood of Muslims and Arabs.
[Turns to the audience:] Are you Muslims and Arabs?
[The audience responds in the affirmative.]
I hate you, to please God."
...
Father: "Shimon, look, my son, I want to teach you a few things. You have to hate the Muslims."
Son: "[I don't] like them, I hate them."
Father: "You have to drink the blood of the Muslims."
...
Father: "I spoke with God, so that you will hate the Muslims, so that you will please God."
Son: "Don't worry, father."
Father: "Very well, my son. I repeat: You have to hate the Muslims."
Son: "But I [do] hate them."
Father: You have to drink the blood of the Muslims."
...
Father: "I tell you, you must stand next to me and pray, my son."
Son: "Okay, one moment and I'm coming."
Father: "Where are you going, my son?"
Son: "I am going to cleanse my body." [as Muslims do before prayer]
Father: "You're going to do WHAT?"
Son: "To cleanse my body. You said you want us to pray."
Father: "Muslims [do that], not us."
...
Father: "We have to wash our hands with the blood of Muslims."


Dit zijn maar twee willekeurige recente voorbeelden; in dit achtergrondartikel over Hamas staan meer voorbeelden, waaronder uitspraken van leiders van Hamas.

Pijpers is erg optimistisch, zo niet naïef. Hamas is verre van verslagen, en het feit dat nu tijdelijk weinig raketten worden afgevuurd is een strategische keuze om nu alle aandacht te richten op het herstellen van de smokkeltunnels en de wapenvoorraad weer op peil te krijgen. Immers, na iedere raketaanval bombardeert Israël weer een paar tunnels of een wapenopslagplaats. Ook heeft Hamas een analyse gemaakt van het voor hun tegenvallende resultaat van de Gaza Oorlog en hoe ze in een volgende confrontatie succesvoller kunnen zijn. Daarvoor is naast een andere strategie ook beter wapentuig nodig, dat men nu probeert te bemachtigen. Kort na de Gaza Oorlog heeft Israël wapenkonvooien in Soedan, die van Iran op weg waren naar Gaza, gebombardeerd. De raketten die voor Gaza bestemd waren konden van daaruit Tel Aviv bereiken. Het is een illusie te denken dat Israël alle wapenkonvooien weet tegen te houden, temeer daar Egypte nog steeds weinig doet tegen de wapensmokkel.

Hamas wordt veel minder strikt geboycot door de internationale gemeenschap dan Pijpers beweert, de stemmen voor een dialoog zonder de internationale voorwaarden (erkenning van Israël, afzweren van geweld en acceptatie van de akkoorden tussen Israël en de PLO) nemen alleen maar toe. Allerlei parlementaire delegaties, zogenaamde mensenrechten- en vredesgroepen en anderen hebben met leden en leiders van Hamas gesproken in de afgelopen jaren. Ondanks Hamas' cynische gebruik van de eigen bevolking tijdens de Gaza Oorlog, de bewezen wapenopslag in moskeeën, het tegenhouden van gewonden naar Egypte voor behandeling, intimidatie en liquidatie van zogenaamde 'collaborateurs', werd Hamas tijdens de Gaza Oorlog in de media vooral afgebeeld als de underdog. Voor de jarenlange raketbeschietingen op Israëlische burgers, een oorlogsmisdaad, was weinig aandacht, en er heerste een algemeen beeld dat Israël disproportioneel reageerde op primitieve en weinig schade aanrichtende raketten.

Terwijl de media de mythe van de almachtige Joodse lobby en de zo succesvolle Israëlische 'hasbara' blijven herhalen, is het juist Hamas dat een zeer succesvolle mediacampagne voert. Met gerichte interviews in Westerse kranten, zoals onlangs in de New York Times, zet Hamas zich neer als principiële maar niet onredelijke verzetsbeweging die deel van de oplossing wil zijn. Men heeft niks tegen Joden, men doodt niet uit haat, maar men strijdt voor legitieme Palestijnse rechten, vrijheid en waardigheid. De uitzendingen van Al Aqsa TV, het ophitsende taalgebruik voor eigen publiek, inclusief Holocaust ontkenningen en allerlei antisemitische scheldpartijen, worden in het Westen grotendeels genegeerd.

Jammer dat zoveel mensen daar intrappen.

Ratna Pelle

De Pers vertekent relatie Israel en VS

 
 

IMO Blog, 2009

Eva Ludemann berichtte deze week in Dagblad De Pers over het bezoek van premier Netanjahoe aan Barack Obama, waarbij ze een verbluffende reeks mythes en clichés over Israël in 1 artikel wist te bundelen.

Volgens Ludemann geeft de VS al "ruim drie decennia onvoorwaardelijke steun aan Israël", waarna ze nog verwijst naar de "zeer gevoelig liggende, politieke immuniteit van de joodse staat".

Uiteraard heeft de VS geregeld kritiek geuit en druk uitgeoefend op haar bondgenoot, en was ze ook niet benauwd om sancties te treffen. Zo gebruikte de VS haar vetorecht niet toen de Veiligheidsraad in 1980 in felle bewoordingen de annexatie van Oost-Jeruzalem door Israël veroordeelde en lidstaten opriep hun ambassades naar Tel Aviv te verplaatsen (resolutie 478). Ondanks druk van het Amerikaanse congres hebben opeenvolgende regeringen geweigerd de Amerikaanse ambassade naar Jeruzalem te verplaatsen. In 1997 bevroor de VS een deel van haar financiële hulp aan Israël toen deze afspraken niet nakwam over het doorsluizen van geld naar Jordanië, en in 2002 weigerde de VS reserve-onderdelen te leveren van aan Israël verkocht wapentuig, uit protest tegen Israëls herbezetting van de Westoever in reactie op een bloedige reeks zelfmoordaanslagen in Israël. Daarnaast heeft de VS door de jaren heen veelvuldig kritiek en druk op Israël uitgeoefend betreffende het nederzettingenbeleid en vredesonderhandelingen met Egypte en de Palestijnen. Ook de ontruiming van de Gazastrook en de deelname van Hamas aan de Palestijnse verkiezingen waren mede het gevolg van Amerikaanse druk.

Uit de VS klinken weliswaar veelvuldig warme woorden voor de Joodse staat, en het is de grootste hulpontvanger, maar veel andere strategisch of economisch belangrijke staten zoals China en de bondgenoten in de Golf hoeven evenmin te vrezen voor zware kritiek of politieke druk, al is op hen veel en veel meer aan te merken op het gebied van mensenrechten.

Eva Ludemann omschrijft Israël "als een verwend kind dat altijd zijn zin doordrijft en overal mee wegkomt".

Deze denigrerende opmerking is volkomen ongepast voor een serieus nieuwsartikel. Om karikaturen te schetsen zijn cartoonisten en columnisten ingehuurd. Bij Israël gaan journalisten wat dit betreft echter steeds vaker over de schreef, en veel zogenaamde nieuwsberichten over Israël zijn in feite opiniestukken waarin Israël van allerlei wordt beschuldigd en als het enige obstakel voor vrede wordt neergezet. Vreemd dat dan nog wordt beweerd dat Israël boven kritiek verheven is...

Wat betreft bovenstaande opmerking: ieder land komt voor zijn belangen op, dus ook Israël. Maar terwijl Israël continu wordt bekritiseerd vanwege reële en vermeende wandaden, komen juist andere landen met veel grovere mensenrechtenschendingen weg. Sri Lanka heeft met de Tamil Tijgers gedaan wat Israël - vanwege de internationale publieke opinie en het vergrootglas dat constant op haar is gericht - niet met Hamas heeft kunnen doen, waarna diezelfde internationale gemeenschap roept dat Hamas niet militair te verslaan is en Israël en het Westen er daarom mee moeten gaan onderhandelen. Dit heet ook wel een self fulfilling prophecy. Daarbij heeft Sri Lanka vele burgerslachtoffers gemaakt, maar de reportages uit het ziekenhuis van Kilinochchi bleven uit, we kregen geen bloederige lijken te zien en sympathisanten van de Tamil Tijgers kwamen niet op TV uitleggen wat voor misdaden tegen de menselijkheid het Srilankese leger had begaan. De VS heeft in Afghanistan onlangs honderden burgerslachtoffers gemaakt bij bombardementen. Het Pakistaanse leger heeft vele dorpen in het grensgebied met Afghanistan met de grond gelijk gemaakt omdat de Taliban zich er schuil houdt. Turkije heeft duizenden Koerdische dorpen verwoest in de jaren '80 en '90, en Rusland heeft enorm huisgehouden in Tsjetsjenië. Om nog maar te zwijgen van Soedan, Kongo, Rwanda, Nigeria en vele, vele andere brandhaarden en schurkenregimes waarover we zo af en toe eens een artikel lezen, ons hoofd schudden en over gaan tot de orde van de dag.

Ludemann weet verder te melden: "Het tweede instrument dat Obama tot zijn beschikking heeft om Israël zijn wil op te leggen, is het opschorten van de uitzonderlijk grote Amerikaanse financiële hulp aan het land.
Onder de vorige president George W. Bush is vastgelegd dat Israël – volgens onderzoeken een van de veertig rijkste landen ter wereld – de komende tien jaar ruim dertig miljard dollar krijgt. Dat is in totaal ongeveer eenderde van het Amerikaanse budget voor ontwikkelingshulp."


Het Amerikaanse budget voor buitenlandse hulp bedroeg zo'n 26 miljard dollar in 2008, waarvan Israël circa 10% ontving, nl. 2,4 miljard. Egypte kwam op de tweede plaats met 1,7 miljard en Jordanië op de vierde plaats met 688 miljoen dollar. De twee buurlanden samen kregen dus bijna evenveel als Israël, en voor een groot deel gaat het om 'vredespremies', financiële steun die de landen ontvangen sinds het sluiten van een vredesverdrag. Als een dergelijk smeermiddel kan helpen bij het sluiten van vrede in zo'n hardnekkig conflictgebied, is het dat geld wel waard lijkt ons, en de VS ziet dit ook als in haar eigen belang.
Overigens zijn de VS en de EU met honderden miljoenen dollars ook de hoofdsponsors van de Palestijnse Autoriteit en vluchtelingenorganisatie UNRWA. Het is jammer dat de Palestijnse Autoriteit voor haar miljarden aan hulpgeld niet wat harder wordt afgerekend op haar vredesinspanningen.

De Amerikaanse steun aan Israël vertoonde onder Bush een netto dalende lijn, waarbij de economische steun jaarlijks werd afgebouwd en de militaire steun langzaam steeg. Ook andere Arabische staten, zoals Saoedi-Arabië en andere golfstaten, ontvangen militaire steun van de VS.

Israël ligt zeer geïsoleerd in de regio en wordt door de Arabische staten niet alleen niet erkend, maar op vele terreinen tegengewerkt en vijandig bejegend. Dat gaat van antisemitische propaganda en haatzaaierij tot een sinds 1948 bestaande collectieve boycot, een verbod voor Joden of Israëli's om verschillende Arabische en islamitische landen te bezoeken, een verbod op het verkopen van land of onroerend goed aan Joden (NB: in de Palestijnse Autoriteit staat hierop de doodstraf), en een collectieve campagne tegen Israël in de VN. De meeste derde wereld landen, waarmee Israël aanvankelijk goede relaties had, hebben zich bij de Arabische positie aangesloten en stemmen met hen mee in verschillende VN gremia. Dankzij deze acties was Israël decennialang als enige land niet bij een regionaal blok aangesloten en daardoor uitgesloten van de meeste VN lichamen en overlegorganen.

Zonder militaire voorsprong op de Arabische staten was Israël er allang niet meer geweest. In tegenstelling tot de Arabische staten, kan Israël het zich niet permitteren om ook maar één oorlog te verliezen. Als de VS (en Rusland) de Arabische staten minder militaire steun zouden geven, kon ook de steun aan Israël omlaag, en kon dat geld worden uitgegeven aan bijvoorbeeld ontziltingsinstallaties om zeewater drinkbaar te maken, of zonnecollectoren in de woestijn, of aan armoedebestrijding en beter onderwijs in de Arabische staten. Het is echter de vraag of de zeer autocratische Arabische regimes op dat soort projecten zitten te wachten. Zonder de Arabische haatcampagne tegen Israël had er al lang vrede kunnen zijn en was dus ook de Amerikaans hulp aan Israël onnodig.

Overigens is die militaire steun niet altijd persé in Israëls belang. Veel geld dat Israël van de VS ontvangt is het verplicht in de VS uit te geven, waardoor de eigen wapenindustrie wordt geschaad en de afhankelijkheid vergroot. Wanneer Israël moderne Amerikaanse spullen koopt, is Israël vaak aan allerlei ongunstige verplichtingen gebonden, zoals de vliegtuigen in de VS laten repareren. De VS zorgen er bewust voor dat Israël bepaalde codes of onderdelen mist zodat het van de VS afhankelijk blijft, en die daarmee invloed kan uitoefenen op Israëls beleid. Een recent voorbeeld hiervan is de F35 (Joint Strike Fighter). De VS verbieden Israël ook om eigen computersystemen in te bouwen.
(Zie ook: F-35: Should Israel develop an independent air superiority alternative?)

Eva Ludemann bepleit een politieke isolatie van Israël. Dit is volgens haar de enige weg naar vrede. Ze suggereert dat het enige probleem in het Midden-Oosten de Israëlische bezetting is, en dat als Israël maar hard genoeg onder druk wordt gezet die onvoorwaardelijk op te geven, er vanzelf vrede komt. Ze haalt daarbij de woorden van koning Abdullah aan, die een 57-staten oplossing voorstelde, waarin Israël, in ruil voor terugtrekking uit de Westoever, Golan, en Oost-Jeruzalem, diplomatieke banden met 57 Arabische en islamitische staten zou krijgen. Klinkt mooi, maar onlangs heeft de leider van de Arabische Liga in reactie op Abdullah gezegd dat een dergelijk voorstel niet op tafel ligt.

Het Israëlisch-Arabische conflict werd niet veroorzaakt door de bezetting, die een gevolg was van de Zesdaagse Oorlog, maar door de weigering van de Arabische wereld om ook maar enige vorm van Joodse zelfbeschikking te erkennen. Vandaar de Arabische afwijzing van het VN delingsplan uit 1947, een voor de Arabieren nog veel gunstiger plan uit 1937, en de vredesvoorstellen van Barak en Clinton in 2000. Er is vrede met Egypte en Jordanië, en er is het Arabische vredesplan, maar ook daarin wordt niet van erkenning van Israël als Joodse staat gesproken, en in Egyptische staatsmedia wordt Israël als illegale staat afgeschilderd en de Joden het recht op een staat - in welke grenzen dan ook - ontkend. Ook Egyptische politici, intellectuelen en geestelijken spreken zich in dergelijke bewoordingen uit, en de enkeling die daar tegenin durft te gaan komt in de problemen. Volgens het Arabische vredesplan hebben de Palestijnse vluchtelingen en hun miljoenen nakomelingen het recht op terugkeer naar Israël, wat niet te verenigen is met een tweestatenoplossing.

Tot slot komt Ludemann ook nog met het cliché van de 'machtige Joodse lobby': "En waarom zou de president het risico lopen om nu al zijn populariteit te verspelen en tegelijkertijd ook nog eens de zeer invloedrijke joodse lobby tegen de haren instrijken?"

In de VS zijn tal van invloedrijke lobbygroepen aktief, waaronder ook het pro-Arabische Aramco. Vreemd dat we daar zo zelden over lezen. Overigens is AIPAC (die onlangs ook voor een tweestatenoplossing pleitte) wel over zijn bloeitijd heen, en ondanks mooie woorden van steun van diverse presidenten en andere hooggeplaatsten op de jaarlijkse AIPAC conferentie, is haar werkelijke macht beperkt. Zo belooft iedere aankomende president de Amerikaanse ambassade naar Jeruzalem te zullen verplaatsen, maar hij staat nog steeds in Tel Aviv, en zal daar vooralsnog ook blijven staan. Jonathan Pollard, in 1983 veroordeeld voor spionage voor Israël, zit nog steeds een levenslange gevangenisstraf uit ondanks herhaaldelijke campagnes voor zijn vrijlating. Andere mensen kregen voor spionage van vergelijkbare ernst veel kortere straffen. Met name het State Department heeft altijd een afstandelijke en kritische houding gehad tegenover Israël, de zogenaamd oppermachtige pro-Israël lobby ten spijt.

De door met name Mearsheimer en Walt populair gemaakte mythe van een machtige pro-Israël lobby die de Amerikaanse regering tegen het landsbelang in zou laten handelen, is misleidend en ook een beetje onfris. De Joden zijn er immers veelvuldig van beschuldigd achter de schermen aan de touwtjes te trekken in de politiek, media en financiële wereld, en zelfs uit te zijn op de wereldmacht. Rusland (voor en na de revolutie), Nazi-Duitsland, en tegenwoordig de Arabische wereld verspreidden deze antisemitische leugens.

Ratna Pelle & Wouter Brassé

 

maandag 18 mei 2009

Enquete: 40% Israëlische Arabieren gelooft niet dat Holocaust plaatsvond

 
Eenzelfde percentage erkent Israels bestaansrecht wel als een democratische Joodse staat. In 1995 verwierp slechts 7% Israels bestaansrecht. Ook op andere gebieden laat de enquete een achteruitgang zien in de Arabische houding tegenover de Joodse bevolking van Israel:
 
Other disturbing findings in the poll: In 2008, about 54% of Israeli Arabs said they would agree to send their children to a Hebrew school, while five years [earlier] the figure stood at 70.5%. Meanwhile, at this time 47% of local Arabs object to having a Jewish neighbor, while in 2003 the figure stood at 27.2%.
 
Als uit enquetes blijkt dat een significant deel van de Joodse Israeli's geen Arabische buren wil of hun kind niet naar een Arabische school zou sturen, staan velen klaar om op het racistische karakter van de staat Israel en haar inwoners te wijzen, maar dit wordt uiteraard aan de wrede onderdrukking door de zionisten geweten. Dat Arabieren in Israel meer rechten en welvaart kennen dan in de omliggende Arabische staten, wordt voor het gemak even vergeten.
 
Het positieve nieuws is dat, wanneer er hoop en vooruitzicht is op vrede, deze percentages weer kunnen dalen. In het artikel formuleert de professor die de enquete heeft gehouden dat als volgt:
 
"This shows us that the trend is not consistent, and that we have ups and downs. Everything depends on the State of Israel's domestic and foreign policies." 

... Of van het beleid van de Palestijnse Autoriteit en de Arabische staten, en de vraag of zij bijvoorbeeld bereid zijn het Arabische vredesplan op punten aan te passen en Israels bestaansrecht te erkennen. Israels verharde positie is immers voor een groot deel het gevolg van de tweede intifada die in reactie kwam op vergaande vredesvoorstellen, en de duizenden raketten uit Gaza als reactie op de Israelische terugtrekking in 2005.
 
RP
---------------

40% of Israeli Arabs: Holocaust never happened

Disturbing poll results: Shocking percentage of local Arabs are Shoah deniers, less than half recognize Israel's right to exist as Jewish democratic state; survey shows significant deterioration in Arab attitudes in past six years
 
Sharon Roffe-Ofir - YNET
 
Only 41% of local Arabs recognize Israel's right to exist as a Jewish democratic state, while 40.5% of Arab Israelis believe the Holocaust never happened, a new poll conducted by Haifa University revealed.

The poll's disturbing findings will be presented Monday in a conference to be held at the University of Haifa and compared to past figures.

Professor Sami Samocha, who conducted the survey, has been monitoring Arab-Jewish relations for 35 years and says the sensitive ties have seen ups and downs that closely related to current affairs.

"The most moderate year was 1995 - the golden era of the Rabin government, the Oslo Accord, and the attitude to the Palestinian people," he said. "Four years later, the great disappointment with the Netanyahu government and the October events worsened the situation."

In 1995, only 7% of Arab-Israelis said the State had no right to exist. Meanwhile, the figure rose to 22% last year. On another front, last year 56% of Arab-Israelis agreed to limit the right of return to Palestinian areas only. In a similar poll conducted in 2003, 72% of respondents supported the same statement.

'Great rift of October 2000'
 
Meanwhile, 41% of Arab-Israeli respondents took part in some kind of protest activity last year, while only 28% did so six years ago.

"The figures are a derivative of what we've known in recent years," Professor Samocha said, and pointed to the Gaza blockade, the Second Lebanon War, and the aftermath of the October 2000 Riots as exacerbating factors.

"In the past three or four years we are witnessing the results of the great rift of the October 2000 riots," he said. "Should this continue, the negative positions will grow stronger."

Other disturbing findings in the poll: In 2008, about 54% of Israeli Arabs said they would agree to send their children to a Hebrew school, while five years later [=earlier?] the figure stood at 70.5%. Meanwhile, at this time 47% of local Arabs object to having a Jewish neighbor, while in 2003 the figure stood at 27.2%.

Samocha noted that the current figures are reminiscent of the 1976 data.

"This shows us that the trend is not consistent, and that we have ups and downs," he said. "Everything depends on the State of Israel's domestic and foreign policies."

maandag 11 mei 2009

De weg naar vrede anno 2009

Netanyahu`s aanpak op weg naar vrede.
 
Vanaf het begin heeft Netanyahu aangegeven een bepaalde volgorde te willen aanhouden in zijn weg naar vrede met de Palestijnen.
Niet meteen onderhandelen over twee staten naast elkaar, maar eerst de Palestijnen voorbereiden op effectief bestuur van een staat met een eigen economie.
Daartoe wil hij zowel de economie  als de infrastructuur van de Palestijnen helpen op orde te brengen. 
Dat dit geen loze woorden zijn blijkt uit onderstaand communique van het ministerie van buitenlandse zaken en uit het artikel van Arutz 7.
Aangekondigd wordt een ministeriele commissie die de Palestijnse economie moet bevorderen en het levenspeil van de Palestijnen moet verhogen.
Daaronder wordt als een eerste aanpak de verwijdering van twee roadblocks aangekondigd om beter bereik van steden te bevorderen. 
 
MS

(Communicated by the Prime Minister's Media Adviser)
 
Following his meeting last night (Wednesday), 6 May 2009, with Quartet envoy Tony Blair, Prime Minister Benjamin Netanyahu decided to appoint a ministerial committee on developing the Palestinian economy and improving the Palestinians' quality of life. 

The committee's members will be: Defense Minister Ehud Barak, Finance Minister Yuval Steinitz and Minister Silvan Shalom.  Due to the importance that he ascribes to the issue, Prime Minister Netanyahu will chair the committee himself. He will ask Minister Shalom to begin advancing several economic projects soon in Jenin, Jericho and the Qasr al-Yehud baptismal site.

11/5

Arutz 7

IDF Removes More Roadblocks near Ramallah


by Hana Levi Julian


(IsraelNN.com) The IDF removed two more roadblocks Sunday night near the Palestinian Authority-controlled city of Ramallah, located next to the Jewish community of Beit El, in Samaria.

The move came less than a day before the Jordanian plane carrying Pope Benedict XVI touched down at Ben Gurion International airport for a five-day visit to Israel and the PA territories.

One of the roadblocks was located near the village of Ras Karkar. The other was formerly placed at the entrance of the village of Ein Yabrud.  The removal of both opens access to the city of Ramallah from villages to the east and west.

According to a statement issued by the IDF, the roadblocks were removed as part of the "relief plan" authorized by Defense Minister Ehud Barak and IDF Chief of Staff Lt.-Gen. Gabi Ashkenazi.

The plan includes the opening of a number of central roads and the removal of checkpoints, especially in the areas of the Samarian PA cities of Ramallah, Shechem and Tulkarm, as well as the Judean mixed Jewish-Arab city of Hevron.

"These steps improve the overall Palestinian quality of life," commented the IDF Spokesman, "allowing for increased freedom of movement." He added in the statement that as part of the plan, more than 140 security checkpoints have already been removed throughout Judea and Samaria in the past year.

zaterdag 9 mei 2009

Technische redenen voor NOS Journaal om beeld te vertekenen


Het NOS journaal geeft openlijk toe te manipuleren, en Theodor Holman vraagt zich af wie het NOS journaal nog vertrouwt.
 
__________________________________
 

Technische redenen

column  
THEODOR HOLMAN

 
Het NOS Journaal verlengde het warme applaus dat Hare Majesteit de Koningin kreeg. Het Journaal heeft dat erkend. Ze deden het vanwege 'technische redenen'. Nou heb ik voor de televisie gewerkt, ik heb nieuwsitems gemaakt, ik ben betrokken bij het maken van films voor de televisie, ik ben journalist - en laat ik nou geen technische redenen kunnen verzinnen om een applaus voor Hare Majesteit langer te laten duren in een nieuwsitem. Wat is die reden ?

En als er al een technische reden zou zijn, gaat die dan voor de inhoud van het nieuws? Als er een moord is gepleegd en om 'technische redenen' kunnen we die moord niet uitzenden, maken we er dan maar geen melding van?

De NOS vindt dat het lakeiengedrag dat ze vertoonden niet zo erg is en dat wij maar zeuren. De koningin verdiende toch een langer applaus?

Maar ik twijfel nu aan alles. Heeft het Journaal, dat aantoonbaar anti-Israël is, ook geknoeid met de oorlogsbeelden uit Gaza? Heeft het ook geknoeid met de beelden uit Afghanistan? Knoeit het NOS Journaal - allemaal natuurlijk om 'technische redenen' - met de beelden van Wilders? Met de beelden van Verdonk? Met de beelden van Agnes Kant? Femke Halsema?

In Rusland was het vroeger gebruikelijk om onwelgevallige politici weg te retoucheren; om 'technische redenen' doet de NOS nu hoogstwaarschijnlijk hetzelfde. En het ergste is: de journalisten die daar werken, vinden het helemaal niet erg. Niemand wordt kwaad of zegt: 'Dit gaat te ver, we bedriegen de kijkers!' Het waren immers 'technische redenen'.

Vanwege 'technische redenen' worden wij dus voorgelogen - en Hans Laroes, de hoofdredacteur van de NOS, kan rustig blijven zitten.

Wat nu als een minister straks liegt? Dan kunnen we het Journaal - voor velen de belangrijkste nieuwsbron - niet vertrouwen, want om 'technische redenen' hebben ze per ongeluk 'nee' in 'ja' veranderd.

Hoe kan het dat niemand bij de NOS zich druk hierom maakt? Wie vertrouwt het Journaal nog? En wiens schuld is dat? Om 'technische redenen' liegt het Journaal u voor.

VN-rapport over schade aan VN-gebouwen in Gazastrook omstreden

 
Of je een VN-onderzoek naar schade aan VN-gebouwen tijdens de Gaza Oorlog onafhankelijk kunt noemen - zoals het NOS Journaal deed - is nog maar de vraag. Zeker als ze de schade willen verhalen op de verantwoordelijken, lijkt het aantrekkelijker om naar Israel te wijzen dan naar Hamas.
 
Wat betreft de VN school in Jabaliya zegt het VN rapport:
 
In one incident, the IDF fired 122mm mortar rounds into the immediate vicinity of the Jabaliya school on January 6, killing 30 to 40 Palestinians, the investigators found. The site was the refuge of hundreds of Palestinians who had fled the Israel-Hamas conflict.
"The board found that the undisputed cause of the injuries and the deaths to persons in the immediate vicinity of the school was the firing of 122mm mortar rounds by the IDF, which landed in the area outside the school and at the compound of a family home nearby," the report said.
 
The IDF claimed Hamas had used the school to fire missiles against Israel. But the board said "there was no firing from within the compound and (it found) no explosives within the school."
 
Het onderzoek van het Israelische leger zegt hierover:
 
The incident occurred near the UNRWA school ("Fahoura" School) in Jabaliya on January 6th, 2009. Hamas operatives used a site located only 80 meters away from the school to launch mortar shells at IDF forces. The shells exploded next to an IDF force operating in the area, and represented a grave threat to the soldiers. The previous day thirty IDF soldiers were wounded by Hamas mortar fire. The mortar fire presented a very significant threat to the lives of IDF forces.

Following a confirmed and cross-referenced identification of the source of the fire, the soldiers under attack responded with minimal and proportionate retaliatory fire, using the most precise weapon available to them, with the purpose of stopping the Hamas fire. The return fire hit the Hamas operatives who were firing the mortars and stopped their fire. All of the shells fired by the force landed outside of the school grounds (contrary to claims made by Hamas). Sadly, due to the fact that Hamas was firing from a populated area, the return fire also resulted in unintentional harm to civilians in the vicinity.

Despite the fact that the incident took place outside the UNRWA school grounds, Hamas was quick to accuse Israel of intentionally hitting the UN Facility. The investigation showed unequivocally that those claims were false. This was reinforced by the UN in a press release published subsequent to the operation. Additionally, the investigation showed that a cell of five terror operatives and seven civilians outside of the school grounds were hit, contrary to the 42 deaths that were reported by Hamas inside the school grounds.
 
Je zou zeggen dat het uit te maken moet zijn wie er hier liegt en wie de waarheid spreekt, maar wie is in de positie om dat te bepalen?
Het leger heeft meer informatie tot zijn beschikking, maar heeft natuurlijk ook een belang bij een positieve uitkomst. De Verenigde Naties is echter ook allesbehalve objectief waar het Israel en de Palestijnen betreft.
 
RP
--------------
 
Last update - 21:50 07/05/2009       
UN Security Council fails to agree on procedures for Gaza debate
By DPA
http://www.haaretz.com/hasen/spages/1083963.html
 
 
The United Nations Security Council failed on Thursday to agree on the procedures for a debate on the controversial investigation that held Israel accountable for causing deaths of Palestinians and the destruction of UN compounds in the Gaza Strip.
 
A summary of the 184-page report by an independent, three-member board was provided to the 15-nation council on Tuesday. But the board members were given no legal and court of law obligations to pursue their work and the report itself was labeled as an internal UN document.
 
Council president, Russian Ambassador Vitaly Churkin, said council members discussed "the modality of possible handling by the Security Council of the summary."
 
"We have not reached an agreement on the subject," he told reporters. He said he would discuss further "if and how" the council should take up the summary.
 
UN Secretary General Ban Ki-moon commissioned the investigation to determine the truth relating to accusations that the Israel Defense Forces (IDF) were responsible for the destruction of UN-run schools and compounds in Gaza and the deaths of dozens of Palestinians.
 
President Shimon Peres, who visited UN headquarters in New York on Wednesday and held talks with Ban, called the report "outrageous," "unfair" and "one-sided." Peres said his government rejected the report, but did not consider Ban responsible for it.
 
Peres said, however, that an Israeli team would discuss with UN officials compensation for the destruction, which the UN estimated at 11 million dollars.
 
Ban supported the board's findings, but said the report was an internal UN document, closing the doors to further discussion.
 
The report said the IDF was responsible for six of nine serious incidents during the conflict with Hamas in December and January.
 
In one incident, the IDF fired 122mm mortar rounds into the immediate vicinity of the Jabaliya school on January 6, killing 30 to 40 Palestinians, the investigators found. The site was the refuge of hundreds of Palestinians who had fled the Israel-Hamas conflict.
 
"The board found that the undisputed cause of the injuries and the deaths to persons in the immediate vicinity of the school was the firing of 122mm mortar rounds by the IDF, which landed in the area outside the school and at the compound of a family home nearby," the report said.
 
The IDF claimed Hamas had used the school to fire missiles against Israel. But the board said "there was no firing from within the compound and (it found) no explosives within the school."
 
The report said the IDF had been given GPS coordinates of the Jabaliya school, which was among the 91 shelters that had been communicated to the IDF before it launched Operation Cast Lead against Hamas militias in Gaza.
 
"In six of the nine incidents, the board concluded that the death, injuries and damage involved were caused by military actions, using munitions launched or dropped from the air or fired from the ground, by the Israel Defense Forces," the investigators found.
 
The board said it found "undisputed cause" that IDF activities had caused damage and deaths to the Asma school, the Jabaliya school, the Bureij health center, a field office compound, the Beit Lahia school and a UN compound. The schools and field office were run by the United Nations Relief and Works Agency for Palestinian refugees.

vrijdag 8 mei 2009

Politieke partijen in Israel

Israel kent vele politieke partijen.
Hieronder meer over de partijen die meededen in de verkiezingen.
 
MS 
 

  Political Parties in Israel

About 10 to 15 parties, representing dramatically diverse political views, have been elected to every Knesset (Israeli Parliament, comprising 120 seats).  Following are the political parties with seats in the 18th Knesset  (elected Feb. 24, 2009)

Likud (27 seats), a Hebrew word meaning “consolidation,” is Israel’s major conservative party. Its leaders tend to support Israeli settlements and reject proposals to divide Jerusalem. Like its political rivals, Likud seeks peace agreements with Israel’s neighbors, conditioned on reciprocal efforts to stop terrorist activities within Israel’s borders. The party also advocates a pro-capitalist, free-market economy.  Likud is the head of the current coalition government, and its party leader, Benjamin Netanyahu, is the current Prime Minister of Israel.

Kadima (28 seats), a Hebrew word meaning “forward,” was formed in 2005 by then-Prime Minister Ariel Sharon as a centrist bloc with a mission of unilaterally disengaging from the Gaza Strip. Sharon suffered a brain hemorrhage on Jan. 4, 2006. Ehud Olmert, deputy prime minister at the time, led the party to victory in 2006. Under Olmert, the former prime minister, Kadima became the largest party in the Knesset.

Yisrael Beytenu (15 seats), which translates from Hebrew to ‘Israel Our Home’ is a right-wing party established in 1999 by Avigdor Lieberman, an immigrant from the former Soviet Union. The party became the fifth-largest parliamentary faction following the 2006 general elections, with more than half of Israel’s Russian immigrants voting for it.  In the 18th Knesset, the party represents the third largest faction, and is a key member of the current coalition government. The party’s two core principles include encouraging socio-economic opportunities for new immigrants and taking a hard line in negotiations with the Palestinians and with Arab states.

Labor  (13 seats) The center-left party has been one of Israel's two dominant blocs (along with Likud and its predecessors) since the founding of the state in 1948. Labor leaders tend to support negotiating with Palestinians and dismantling most Israeli settlements in the West Bank in exchange for peace. The Labor platform emphasizes liberal social and economic policies and a strong defense. In 2005, Labor joined the Likud coalition to implement Israel’s unilateral withdrawal from the Gaza Strip. In 2006 it became Prime Minister Ehud Olmert’s most important coalition partner. In 2009, the party slipped in the polls, but joined the coalition government of Bibi Netanyahu, leaving party leader Ehud Barak in place as the Minister of Defense.

Shas (11 seats), an acronym for ‘Sephardic Guardians of the Torah,’ represents primarily ultra-Orthodox Jews who immigrated to Israel from other Middle Eastern countries and North Africa. In the 2006 elections, Shas tied with Likud for the third-highest number of seats in the Knesset, an unprecedented occurrence. Shas has a socially conservative agenda, while also supporting generous welfare payments, especially for students of religious seminaries. Its policy toward Palestinian Arabs has been relatively flexible. Shas often holds the balance of power among the major parliamentary blocs, enabling it to maximize its influence.

Yahadut HaTorah Hameukhedet  (5 seats), Hebrew for ‘United Torah Judaism,’ is an alliance of two small, ultra-Orthodox political parties. It represents the growing ultra-Orthodox community.  It opposes the separation of religion and state, drafting young ultra-Orthodox men into the military and any change in the nation’s laws that prohibit most businesses from opening on Saturdays and holidays. The party has been highly successful in securing financial aid for the ultra-Orthodox community, including government stipends for large families. 

Hadash  (4 seats) is the Hebrew word for ”new” as well as the Hebrew acronym for ‘The Democratic Front for Peace and Equality.’ It is a left-wing party with roots in Israel's anti-Zionist Communist Party and defines itself as a “Jewish-Arab party.” The main points of Hadash's platform include an Israeli withdrawal to pre-1967 borders; establishing a Palestinian state alongside Israel; the separation of religion and state; the full realization of rights for Israel’s Arab citizens; a Palestinian "right of return" to Israeli territory; encouraging Israel to join the Nuclear Non-Proliferation Treaty; and lobbying for workers’ rights. 

Ha'ichud Ha'leumi (4seats), which translates from Hebrew to ‘The National Union,’ is a right-wing coalition of three small parties. In the 2006 elections, the party ran on a joint list with the National Religious Party. Its platform emphasizes maintaining a strong Jewish national identity, extending Israeli sovereignty over disputed territories and rejecting the concept of a Palestinian state. 

Ra'am-Ta'al (4 seats), the Hebrew acronym for ‘United Arab List- Arab Movement for Renewal,’ is the largest Arab party in the Knesset and endorses an end to what it considers the Israeli occupation of the territories. It supports the creation of an independent Palestinian state, with East Jerusalem as its capital. The party calls for dismantling all Israeli settlements, including those in the Golan Heights and along Israel’s border with Lebanon (land it contends belongs to Lebanon).  

The party supports the separation of religion and state, the “right of return” within Israeli borders for Palestinian refugees, and the dismantling of all nuclear weapons in the world, in particular Israel.  Ra’am-Ta’al calls for the recognition of Israeli Arabs as a national minority and believes that Arabs should not be recruited to serve in the Israel Defense Forces. Ra'am-Ta’al believes that Israel should give Islamic religious courts greater freedom in performing judicial duties, especially among the Israeli-Arab Shi’ite communities. In addition, the movement calls for an increase in the budget for subsidizing all holy places belonging to the Muslims, Christians and Druze.  The party enjoys particular popularity among the Bedouin population.

Balad (3 seats), is the Hebrew acronym for ‘National Democratic Assembly,’ and was established in 1996. Balad advocates that Israel should not be a Jewish state, but rather a democratic, secular state. The party favors Israel's withdrawal from all remaining Palestinian territories and a two-state solution, in which a non-Jewish state with Arab and Jewish residents exists alongside a Palestinian state.  Balad demands that the Israeli government grant Arabs full autonomy in such areas as culture and education.


New Movement-Meretz (3 seats, formerly Meretz-Yachad), a Hebrew acronym for ‘Social-Democratic Party,’ is a left-wing alliance that supports a peace agreement between Israel and the Palestinians based on a two-state solution as outlined in the Geneva Accord. The party is also concerned with human rights issues, minority rights, women’s rights, social justice and environmentalism. New Movement-Meretz is closely associated with Peace Now, a left-wing, non-governmental organization.

 

The israel project

donderdag 7 mei 2009

De fraude van Ilan Pappé

 
Meer over het dubieuze werk van Ilan Pappé:
 
Reformatorisch Dagblad (2008) - De kandelaar brandt achter prikkeldraad
 
___________________________________________

De fraude van Ilan Pappé
Dinsdag 5 Mei 2009 14:16

Ideologisch boegbeeld van Israël boycot, doorgelicht

Onder de loep door Savasorda

Ilan Pappé is een hype voor al wie in onze contreien actief anti-Israël is. Zijn boek over de gebeurtenissen van 1948 werd in 2008 in het Nederlands vertaald en werd onmiddellijk in de literaire pagina's van de (betere?) kranten en op de nationale radio zenders besproken. Sindsdien ligt 'De etnische zuivering van Palestina' (uitgegeven door het Davidsfonds) in dikke stapels in de boekhandel. Het is bovendien het referentiepunt waar in heel veel opiniestukken naar verwezen wordt. Het voorwoord voor de Nederlandstalige vertaling is van de hand van Ludo Abicht, een man die steevast in het publieke debat als Israëlkenner opgevoerd wordt. In het EEN programma Mezzo kreeg hij meer dan een kwartier lang het woord. Hij omschrijft er Pappé als 'iemand die de waarheid durft te zeggen'.

Abicht situeert Pappé als één van de 'nieuwe historici', die vanaf het einde van de jaren '80 nieuw vrijgekomen archiefmateriaal over Israëls onafhankelijkheidsoorlog bestudeerden en als gevolg daarvan, kritische bemerkingen formuleerden op wat tot op dat moment Israëls 'officiële' geschiedschrijving was. Benny Morris werkte even rigoureus als Pappé, volgens Abicht, maar hij trok andere conclusies.

Verder vertelt Abicht dat Pappé niet langer verbonden is aan de universiteit van Jaffa, terwijl dit eigenlijk de universiteit van Haïfa was. Een verspreking of een aanwijzing dat deze Israëlkenner toch wel heel slordig met de feiten omspringt? In hetzelfde interview beweert Abicht ook dat het feit dat de Arabische landen gesteund werden door de Sovjet-Unie er de oorzaak van is dat hun versie van de feiten tijdens de Koude Oorlog niet geloofd werd. De Sovjet-Unie was echter één van de eerste landen om Israël te erkennen en een van de (weinige) wapenleveranciers voor de onafhankelijkheidsoorlog van Israël. Weet Abicht dat dan niet?

Pappé is ook een graag geziene gastspreker op tal van (anti)-Israël bijeenkomsten en kreeg zelf de gelegenheid om, zonder wederwoord, zijn verhaal gedurende één uur op Klara te vertellen. Een eer, die geen enkele andere Israëlische auteur te beurt valt. Savasorda trok op onderzoek naar deze nieuwe goeroe van de Israël-boycotters.

Etnische zuivering?

De term 'etnische zuivering' is geen bestaand juridisch begrip binnen het internationaal recht. Enkel 'gedwongen transfer van een bevolkingsgroep zonder enige militaire reden' wordt bestempeld als een misdaad tegen de menselijkheid. De term 'etnische zuivering', de titel van Pappés onderzoek is dan ook veeleer een journalistieke en ideologische interpretatie dan een juridische kwalificatie binnen het internationaal recht. Achteraan, op de kaft, vermeldt de uitgever dat de 'Israëlische onafhankelijkheidsoorlog van 1948 leidde tot één van de grootste gedwongen migraties uit de geschiedenis. Ongeveer één miljoen mensen werden verdreven uit hun huizen, burgers werden het slachtoffer van massamoorden'. De historische realiteit is helemaal anders: de gedwongen verhuizingen binnen de Sovjet-Unie en Oost-Europa na 1945 zijn een zesvoud van dit aantal. Na de onafhankelijkheid van India en Pakistan in 1949 werden meer dan twaalf miljoen(!) mensen tot verhuizen gedwongen. Ten gevolge van de communistische machtsovername in Vietnam werden eveneens miljoenen mensen op de vlucht gedreven. Momenteel zijn ongeveer 2,7 miljoen inwoners uit Darfoer verdreven. In het radio interview vermeldt Abicht het cijfer van 750.000 vluchtelingen. Dit cijfer wordt door de meeste auteurs als een min of meer juiste schatting beschouwd. De tijdgenoten echter geven een heel genuanceerd beeld. Zo heeft het commissariaat voor de hulp aan de vluchtelingen, tijdgenoot en een bevoorrechte getuige in april 1949 416.000 personen ingeschreven, aan wie hulp geboden werd.

De VN waarnemers merkten op dat verscheidene groepen niet als vluchteling kunnen beschouwd worden: onder meer de normale nomadische Bedoeïenen, maar ook lokale bewoners die men wegens hun armoede op de lijst geplaatst had en mensen die door de oorlogsomstandigheden hun werk, aan de andere kant van de grens verloren hadden. Sommige vluchtelingen verlieten wel hun oorspronkelijke woonplaats, maar vestigden zich in het 'Arabische' gedeelte van het voormalige Britse mandaatgebied Palestina, zoals bijvoorbeeld in Gaza of op de Westoever. Ook deze categorie valt binnen het internationaal recht niet zomaar onder het statuut van vluchteling.

Een ander probleem met de term etnische zuivering is dat de terminologie doet denken aan Srebrenica, Rwanda en Cambodja waar niet enkel mensen uit hun huis werden verdreven, maar bij duizenden, tienduizenden en honderdduizenden werden vermoord. Behalve geïsoleerde incidenten kun je sinds 1948 niet spreken van een georkestreerd plan om Palestijnen te vermoorden. Maar net daarom neemt Pappé deze explosieve terminologie in de mond. Omdat hij zelf vindt dat Israël als Joodse staat niet mag bestaan. Een historicus dus die veeleer een hedendaags standpunt inneemt en om zijn gelijk te halen de feiten eenzijdig portretteert.

Het plan Daled

Het hele boek van Pappé draait rond het zogenaamde 'plan Daled' van de Hagana, het Joodse leger. Pappé ziet hierin het bewijs dat de zionisten vooraf en doelbewust het plan opgevat hadden om in 1948 alle Arabieren uit Palestina te verdrijven. Dit 'bewijst' hij aan de hand van citaten uit het werk van Benny Morris, die helemaal uit hun verband worden gerukt. In tegenstelling tot wat Pappé - en in navolging van hem ook Abicht beweert, is Benny Morris nooit akkoord gegaan met Pappés bewering dat de zionistische leiders moedwillig een etnische zuivering gepland hadden. Morris heeft het in zijn werk enkel over 'gedeeltelijke etnische zuiveringen', waarbij hij refereert naar bepaalde Arabische dorpen, die om militair strategische redenen met de grond gelijk gemaakt werden. En zoals bovenaan beschreven, indien dit een militaire en strategische reden heeft valt het niet te classificeren als een oorlogsmisdaad, laat staan als misdaad tegen de menselijkheid. Om zijn stelling te bewijzen, schrikt Pappé er evenmin voor terug om historische figuren verkeerd te citeren. Zo legt hij David Ben-Gurion woorden in de mond, (februari 1948), die niet terug te vinden zijn in diens gepubliceerde memoires, die Pappé nochtans als 'bron' opgeeft.

Savasorda grasduinde zelf ook in het werk van een rechtstreekse en niet partijgebonden getuige, de vertegenwoordiger van het internationale Rode Kruis, Jacques de Reynier, 'A Jérusalem un drapeau flottait sur la ligne de feu, 1950′. Dit werk wordt vooral aangehaald als bewijs van de tragische gebeurtenissen in Deir Yassin: het relaas daarvan beslaat slechts vier pagina's van het boek! Over de overige (220) pagina's wordt meestal zedig gezwegen. Nochtans vermeldt de Reynier ook dat op 6 maart 1948 - een paar dagen voor het plan Daled werd aangenomen - het Arabische bevrijdingsleger, onder leiding van Fawzi al-Qawuqji, de Allenbybrug overstak en het Britse mandaatgebied Palestina binnentrok vanuit Transjordanië. Dit gebeurde voor de ogen van de Britten, die volgens Pappé vooral anti-Arabisch waren. Logisch toch dat de zionistische leiders een plan opstelden om deze militaire dreiging te weerstaan. Het gevaar was zeer reëel, want nog steeds volgens de getuigenis van Jacques de Reynier, werd op 11 maart het gebouw van het Joods agentschap opgeblazen. Pappé vermeldt deze feiten niet in zijn werk! Hij situeert evenmin de Arabische leider Fawzi al-Qawaqji, die tijdens de oorlog in nazi Duitsland verbleef, aan de zijde van Hadj Amin Al Husseini. 'Details uit de geschiedenis', waarvan Le Pen onlangs nog eens enkele 'voorbeelden' gaf? Evenmin vermeldt hij de nochtans wijd verspreide uitspraken van tal van Arabische leiders, die hun 'verlangen' om de 'Joden uit Palestina in de zee te drijven' voor niemand verborgen hielden. Op de dag van Israëls onafhankelijkheidsverklaring, verklaarde Azzam Pasha, de eerste secretaris-generaal van de Arabische liga, dat de komende oorlog even erg zou zijn als de kruistochten of de Mongoolse invasie. Een half jaar eerder, op 24 november 1947 werd in de Verenigde Naties door de Egyptische vertegenwoordiger, Heykal Pasha en de Palestijnse vertegenwoordiger Jamal Husseini bedreigingen geuit aan het adres van de Joden in de Arabische wereld. De Joodse aanwezigheid werd daar dan ook in enkele jaren tijd gedecimeerd tot maar een half procent van de oorspronkelijke bevolking overbleef. Een schoolvoorbeeld van 'ethnic cleansing' zonder enige militaire reden, maar het vermelden niet waard voor Ilan Pappé.

Niemand ontkent het bestaan van het plan Daled. Op het moment dat het opgesteld werd, was het Arabische bevrijdingsleger van Fawzi al-Qawaqji inmiddels al opgerukt in Samaria. Sluipschutters vielen Joden aan in Haïfa en er werd Arabische mortiervuur afgeschoten op Tel Aviv. Onder druk van deze omstandigheden dienden de Joodse leiders hier een antwoord op te vinden. Bepaalde dorpen, zoals onder meer Ishwa en Jaffa waren bolwerken van het Arabische verzet en huisvestten strijders uit Irak en zelfs uit Joegoslavië en daar moest een antwoord op gevonden worden. Pappé minimaliseert bovendien de talrijke aanvallen van Arabische strijders op Joodse dorpen: voor hem zijn het niet meer dan excuses voor de Joden om weerwraak te nemen.

Overigens dient het historisch onderzoek zich niet te beperken tot de studie van plannen. Iedereen die ooit in een ministerieel kabinet gewerkt heeft en de archieven opmaakte bij het einde van een regeringsperiode, weet dat er in die documenten de meest diverse plannen zitten. De plannen die uit de archieven naar boven gehaald worden, moeten ook nog getoetst worden aan de reële uitvoering ervan.

De foto op de cover van zijn boek is evenmin een bevestiging van Pappés stelling: we zien een foto van Arabische vluchtelingen, vrouwen, kinderen en ouderen, geen strijdbare mannen. Dit ligt in de logica van de 'traditionele' opvatting over de oorzaken van de vluchtelingenstroom, namelijk dat velen op de vlucht sloegen op aanraden van lokale dorpsleiders. De Reynier haalt ook voorbeelden aan waarbij oproepen via de radio en geruchten uit de geschreven pers, tot 'paniek' bij de bevolking leidden.

Jenin

Geschiedenisvervalsing is steeds moeilijk te achterhalen, vooral als de feiten meer dan zestig jaar oud zijn. Gelukkig voor ons heeft Pappé enkele van zijn 'van de pot gerukte claims' ook gedaan over meer recente gebeurtenissen. Neem nu de Israëlische inval in Jenin, 'suicide bombing capital', in 2002. De Palestijnse propaganda verklaarde tijdens de militaire operatie dat Israël een massaslachting had uitgevoerd en vijfhonderd doden had gemaakt. Eens de operatie voorbij werd de balans door zowel Israël als de VN bevestigd op 23 gedode Israëlische soldaten (wat de hevigheid van de gevechten aantoont) en een 50-tal Palestijnen waaronder zeker 40 strijders. Maar Ilan Pappé nam daar geen genoegen mee. Neen, volgens hem gebeurde er niet enkel een massaslachting (massacre) maar veel erger. Hoe het komt dat daar niemand iets over weet? De VS en Israël hebben alle sporen vakkundig gewist en intimideren iedereen die iets anders wil beweren, inclusief de VN en de Arabische landen! Te gek voor woorden. Maar toch een belangrijk element om de persoonlijkheid van Pappé te leren kennen. Het zal wel duidelijk zijn dat hij geen enkele credibiliteit verdient in deze zaak en in alles wat te maken heeft met het Israëlisch-Palestijns conflict.

Morris

Toch nog een belangrijke opmerking, het is niet omdat we kritiek uiten op Ilan Pappé dat we al het werk van de Nieuwe Historici onbetrouwbaar noemen, integendeel. Door  werk van o.a. Benny Morris is bijvoorbeeld geweten dat niet alle Palestijnen gevlucht waren op aansporen van lokale leiders of Arabische landen (slechts een derde), terwijl de rest is weggelopen uit schrik voor de militaire campagne of verdreven door de Joodse troepen. We laten Morris zelf aan het woord.

"Halverwege de jaren tachtig ging ik op zoek naar de oorzaak van het vluchtelingenprobleem. In 1988 publiceerde ik 'The Birth of the Palestinian Refugee Problem (1947-1949)'. Mijn conclusie maakte vele Israëli's boos en ondermijnde de zionistische geschiedschrijving. De meeste vluchtelingen zijn het product van de zionistische militaire actie en, in mindere mate, van de aansporingen of bevelen van Arabische leiders om te verhuizen. Israëls critici hebben zich vastgeklampt aan deze bevindingen, die de verantwoordelijkheid van Israël duidelijk in de verf stellen. Maar ze negeren wel het feit dat het vluchtelingenprobleem een rechtstreeks gevolg was van de oorlog die de Palestijnen, en in hun spoor de omliggende Arabische landen, begonnen waren." Met andere woorden, hadden de Arabische landen geen oorlog gestart, dan was het vluchtelingprobleem nooit geboren.

Partijman of wetenschapper?

Ilan Pappé wordt meestal in één adem vernoemd samen met andere 'Nieuwe Historici', zoals Benny Morris en Avi Shlaim. Het enige wat deze mensen verenigde, die vanaf het einde van de jaren '80 in verschillende universiteiten in Israël en erbuiten, aan het werk waren, was het onderwerp van hun onderzoek: Israël en Palestina in de jaren '40. Hun historisch werk, dat in het Engels verscheen, was vernieuwend omdat het een genuanceerd licht wierp op de geschiedenis van het Israëlisch-Palestijns conflict. Ze hadden dan ook toegang tot officiële bronnen, die niet eerder voor het historisch onderzoek opengesteld waren. Pappé is hierin een buitenbeentje. In zijn eerste werk volgt hij de gangbare historische methodiek: de toon is objectiverend en hij probeert een nauwkeurig relaas van het verleden te brengen. In zijn later werk bekent hij zich tot het 'postmodernisme'. Volgens de postmodernisten bestaat er geen absolute 'historische waarheid'. Elke deelnemer, elke partij in het historisch proces heeft zijn eigen verhaal. Het ene verhaal is even waardevol, legitiem en waar als het andere. De historicus kiest partij en brengt een verhaal. Pappé kiest naar eigen zeggen voor de zwakkeren en de slachtoffers, tegen de machtigen der aarde en de generaals. De Palestijnen zijn in zijn ogen de gedoodverfde slachtoffers, de zionisten de 'brutale kolonisatoren'.

Rigoureus respect voor de feiten is van ondergeschikt belang, objectief onderzoek wordt niet nagestreefd, het subjectieve verhaal primeert.

Dit druist in tegen de gangbare normen van de wetenschappelijke geschiedschrijving. Dit standpunt wordt geïllustreerd aan de hand van de 'affaire Katz'.Theodore Katz was een student geschiedenis, die onder leiding van Pappé een thesis schreef over de 'massamoord' in het dorp Tantura door de Alexandroni brigade. Na klachten van de leden van die brigade die woedend waren over deze beschuldigingen volgde een uitgebreid onderzoek. Daaruit bleek dat Katz de gegevens uit de interviews verdraaid had. Pappé bleef zijn student verdedigen, ondanks de harde bewijzen van diens 'frauduleus' gedrag ten aanzien van zijn bronnenmateriaal.

Foutieve weergave van feiten, namen en data zijn legio in het werk van Pappé, teveel om op te sommen binnen dit bestek. De aandachtige en geïnformeerde lezer spoort er moeiteloos verschillende op, ook in Pappés overige werken. In andere gevallen gaat het om verdoken verdraaiingen van de waarheid. Neem nu de tabellen met aantal Arabische en Joodse inwoners in het gebied anno 1948. Hiervoor gebruikt Pappé het aantal inwoners 'per district' terwijl het overduidelijk wel om steden gaat die hij aanhaalt: nl. Beer Sheva, Ramallah, Hebron, Haïfa enz. Dit is een slimme manier om Joodse steden als Tel Aviv, Netanya en Naharia niet te moeten vernoemen. En zo wordt zelfs de duidelijke meerderheid van de Joodse bevolking in Jeruzalem in 1948 (60 %) omgevormd tot een Joodse minderheid van nog geen 40%!

Feiten en aantallen zijn voor de 'burgerlijke' wetenschap, Pappés doelstelling is 'een bevrijdingsboodschap brengen'. Op het politieke vlak is hij een aanhanger van de Israëlische communistische partij Hadash. Deze partij was altijd een fervent tegenstander van het zionisme en streeft nog steeds, tegen beter weten in, naar de vorming van één staat voor Joden en Arabieren. Lees: Er moeten geen 14 Arabische staten en één Joodse staat zijn in het Midden-Oosten maar 15 Arabische landen en geen enkele Joodse staat. (De Arabische liga telt 22 lidstaten waarvan 14 in het Midden-Oosten)

Daarom is Pappé natuurlijk zo geliefd bij de Vlaamse NGO's, en de hele politieke linkerzijde. Hij biedt hun 'bevrijdingsverhaal' een (pseudo) wetenschappelijke legitimiteit. Als Joodse Israëli heeft hij automatisch een zekere geloofwaardigheid en biedt hij een alibi in die gevallen waar het antizionistisch discours ontaardt in het 'klassieke' antisemitisch jargon.

Tijdens zijn jongste bezoek aan ons land was hij ook uitgenodigd als spreker voor de oud studenten geschiedenis van de Gentse universiteit. Een historicus die alle regels van de wetenschappelijke geschiedschrijving over boord gooit en geen respect toont voor de feiten is gewoon een slecht historicus. Zijn ze dit in de Gentse geschiedenisfaculteit dan vergeten?

* * *

Artikel eerder verschenen in Joods Actueel Magazine; abonneer nu

Savasorda is het pseudoniem van een kleine groep medewerkers van Joods Actueel die de berichtgeving over Israël onder de loep nemen. Savasorda ("Hoofd van de wacht") was een Joods-Spaanse geleerde, leefde in Barcelona en was DE persoon die voor het eerst de volledige oplossingen van de tweedemachtsvergelijkingen naar Europa bracht.

woensdag 6 mei 2009

godsdienstvrijheid in Israel

Godsdienstvrijheid in Israel
 
Israel is een Joodse staat, maar er wonen veel mensen met een andere religie en wel 25% van de bevolking is niet Joods.
Deze mensen hebben allen vrijheid van godsdienst.
Anders dan in de omringende landen hebben zij als burgers van Israel dezelfde burgerrechten als de Joodse inwoners.
Het is interessant om te zien dat ook de Bahai`s in Israel niet alleen vrij zijn hun godsdienst uit te oefenen, maar zelfs hun heiligdom bevindt zich in Israel.
Juist de Bahai`s worden in de omringende landen vervolgd.
 
MS
 

Religious Freedom in Israel: A Fundamental Guarantee
Israel Funds Mosques, Korans; Protects Holy Sites for All

Israel's Mandate for Religious Freedom                                                   
Jews in Israel
                                                                        Muslims in Israel                                   
Christians in Israel
                                                             Druze in Israel                              
         
Bahá'í in Israel
                                                                                       

As a country in the Middle East committed to the free practice of religion for all, regardless of religious affiliation, Israel stands as an oasis of religious freedom in the Middle East. The Israeli government supports religious services for communities of all faiths. That includes funding Korans and the operating costs for more than 100 mosques  as well as the salaries of Muslim religious leaders; serving as a safe haven for minorities persecuted in surrounding countries; allowing citizens of any religion to hold political office; and paying for the upkeep of holy sites for all religions.

Israel's Declaration of Independence: A Mandate for Religious Freedom

Israel's Declaration of Independence, issued in 1948,
describes the country as a Jewish state but clearly extends religious freedoms to all of its inhabitants by stating: the State of Israel "will ensure complete equality of social and political rights to all its inhabitants irrespective of religion, race or sex; it will guarantee freedom of religion, conscience, language, education and culture; it will safeguard the Holy Places of all religions." 

As a state that comprises people of many ethnicities and religious backgrounds, Israel encourages minorities to take an active role in politics and government. All Israeli citizens enjoy the right to vote and can run for political office, including the presidency. 

Every person in Israel enjoys freedom of conscience, of belief, of religion, and of worship. This freedom is guaranteed to every person in every enlightened, democratic regime, and therefore it is guaranteed to every person in Israel. It is one of the fundamental principles upon which the State of Israel is based.

-Moshe Landau, Former Israeli Supreme Court Justice


Since the reunification of Jerusalem in 1967, Israel has granted access to holy sites of all faiths and has restored and rebuilt Christian, Jewish and Muslim holy sites.

In 1992, the Knesset, or Israeli Parliament, passed the Basic Law on Human Dignity and Liberty, which codified civil and human rights into law.  Although the Basic Law on Human Dignity and Liberty refers to Israel as a "Jewish and democratic state," Israel does not have an official religion.  Each of the country's largest religious communities – Christian, Druze, Jewish, Muslim – has jurisdiction over its internal affairs, religious affairs and personal status including marriage, divorce and burial.  All religious family courts are recognized as autonomous and paid for by the Israeli government. 

Coexistence in Israel: An Arab and a Hassidic Jew in the Muslim Quarter of the Old City in Jerusalem
Photo Courtesy of Israel Ministry of Tourism Web site

Religious Groups in Israel

Israel comprises people who practice a variety of faiths, and all enjoy full rights to do so without fear of persecution or unequal treatment under the law. Israel recognizes five religions - Judaism, Islam, Christianity, Druze and Bahá'í.

As of Dec. 31, 2007, the religious demographics of Israel are as follows:

Jews and "Others" 80 percent:
      Jews: 75.7 percent
      Non-Arab Christians: .4 percent
      Not classified by religion: 3.9 percent
Arabs 20 percent:
      Muslim: 16.6 percent
      Christian: 1.7 percent
      Druze: 1.7 percent

Jews in Israel:
Israel is the only country in the world where the majority of the citizens are Jewish.  The Jewish spectrum in Israel ranges from those who regard themselves as secular, or non-observant, to those who are ultra-Orthodox, or observant.  Jerusalem is the holiest city in Judaism and is home to many of the religion's sacred sites including the Western Wall, the Temple Mount and the Tomb of David. 

Muslims in Israel:
Israel's Muslim population consists primarily of about 1.4 million Sunni Arabs, who mostly live in northern Israel
 Circassians and Bedouins are members of Israel's Muslim sector.  The Temple Mount in Jerusalem, which contains the Dome of the Rock and the Al-Aqsa Mosque, is Islam's third-holiest site. Other notable sites include the El-Jazzar mosque in Acre and the Tomb of the Patriarchs in Hebron in the West Bank, referred to historically as Judea and Samaria, which could become part of a future Palestinian state.  Israel funds more than 100 mosques and pays the salaries of their imams (religious leaders). In addition, Israel purchases the Korans used in mosques.  The Israeli government also funds Arab schools as well as numerous Islamic schools and colleges. Arab-operated schools teach Islamic studies and Arabic, in addition to the Israel Ministry of Education's general curriculum. 

Christians in Israel:
Israel is home to the holiest sites in Christianity, including the Church of the Holy Sepulchre in Jerusalem, where Jesus was crucified and resurrected; 
the Basilica of Annunciation in the Galilee town of Nazareth, in northern Israel; the Church of the Nativity in Bethlehem, in the West Bank; the Room of the Last Supper and the Via Dolorosa in Jerusalem; the Sea of Galilee in northern Israel; and the Mount of Olives in Jerusalem, revered in Judaism, Islam and Christianity. 

Israel officially recognizes 10 Christian denominations for the purposes of personal status such as marriage and divorce: Greek Orthodox, Greek Catholic, Roman Catholic, Armenian Orthodox, Armenian Catholic, Maronite, Syrian Orthodox, Syrian Catholic, Chaldean Catholic and (Anglican) Episcopal. 
The majority of Christians in Israel are Arabs belonging to the Greek Catholic, Greek Orthodox and Roman Catholic churches. 

Druze in Israel:
The Druze community has a special standing in Israel for its contribution to the country's defense. Israeli Druze

A Druze woman baking pita in Daliat el-Carmel, the largest Druze village in Israel, southeast of Haifa
Photo Courtesy of Israel Ministry of Tourism

are required to serve in the IDF and have held prominent positions in politics, the military and public office. Israel's Druze are loyal to the country and often place their flag alongside Israel's. Most of the country's 113,000 Druze live in 22 villages in northern Israel; Daliyat el-Carmel on Mount Carmel, southeast of Haifa, is the most populous Druze village with 13,000 residents.  The tomb of Jethro, father-in-law of Moses, is one of the most important sites in the Druze faith. Another important Druze religious place, the tomb of Nebi Shu'eib, sits in the Galilee near the Horns of Hittin – a twin mountain near Tiberias and the site of a major battle of the Crusades. 

Bahá'í in Israel:

Israel serves as a haven for the Bahá'í, a religious minority that originated in Persia and whose adherents have been routinely persecuted under the Islamic Shia government in IranThere are about six million Bahá'ís in

The Shrine of the Báb, the predecessor of Bahá'u'lláh and founder of the Bahá'í Faith, in Haifa. The Shrine is the resting place of the Báb's remains.
Photo Courtesy of Bahá'í Topics (http://info.bahai.org)

the world, residing in more than 200 countries and territories.  Roughly 700 to 800  Bahá'í volunteers from 60 countries reside near the Bahá'í World Centre, in the northern port city of Haifa, where they administer the internal and international affairs of the Bahá'í world community. The staff cares for the Bahá'í holy sites in Israel including Bahjí, where the founder of the Bahá'í faith, Bahá'u'lláh, died in Acre in northern Israel

The Israelproject