maandag 22 februari 2010

rapport NOS-Journaal over berichtgeving Van NOS over gebeurtenissen in Israel gedurende 23/10-31/12 2009

Hieronder vindt u zowel het rapport (nummer 2, er is ook een nummer 1, maar dat is van een jaar geleden)) over de NOS-journaaluitzendingen gedurende 2310 -31/12 2009 als de andere bijlagen, genoemd in de brief in vorige artikel.
De brief van de NOS is hier niet bij.
Alleen onze eigen bijdragen kunt u hier en onderstaand vinden.
 
 
 
BIJLAGE 1
 
 

 

 

                                                                                                                 Eemnes, 17 januari 2010

 

 

 

Aan:

De heren J. de JongMediadirecteur / H. Laroes - Hoofdredacteur  / S. van Hoorn -  Midden-Oosten verslaggever, G. van den Broek – Chef buitenlandredactie.

 

 

 

Mijne heren,

 

In februari 2009 boden de stichting WAAR en de Werkgroep Israel Facts (IF) u een rapport aan over de berichtgeving in het NOS-Journaal over de Gaza-oorlog eind december 2008 en begin januari 2009.

 

In april 2009 vond er een gesprek plaats over het rapport tussen vertegenwoordigers van de NOS en vertegenwoordigers van WAAR en IF. Daarin werd vastgesteld dat de berichtgeving evenwichtiger en duidelijker moest zijn met informatie van alle partijen. Het onderzoek had aangetoond dat de Israëli-sche visie al te vaak ontbrak of dat geen echte Israëlische deskundigen geraadpleegd waren. Er werd bij de NOS aangedrongen om meer aandacht te besteden aan context omdat die hinderlijk ontbrak en de gemiddelde journaalkijker die informatie nodig had om zich een goed beeld te kunnen vormen.

 

Ook werd Sander van Hoorn duidelijk gemaakt dat verkeerde informatie rechtgezet moet worden.

 

Het gesprek werd als positief ervaren door alle partijen, hoewel niet op alle punten gelijke visie was ontstaan.

 

Aangekondigd werd dat WAAR en IF zouden doorgaan met monitoren van het NOS-journaal. Er werd afgesproken opnieuw met elkaar in gesprek te gaan als er aanleiding zou zijn een nieuw rapport op te stellen en aan te bieden.

 

Die aanleiding is er inmiddels. Wij bieden u hierbij een tweede trapport aan over de berichtgeving in het NOS-Journaal inzake de ontwikkelingen rond het conflict in het Midden-Oosten. Het betreft de periode 23 oktober tot en met 31 december 2009. Zeer tot onze teleurstelling zijn wij helaas tot de conclusie gekomen dat het NOS-Journaal in tegenstelling tot wat in het genoemde gesprek werd beloofd de eigen journalistieke code niet of niet volledig naleeft. Uit het onderzoek komt een patroon naar voren dat wij zeer verontrustend vinden. Israël doet het in alle opzichten verkeerd en geen kwaad woord over de Palestijnen. De kijker in Nederland heeft echter recht op een NOS-Journaal dat alle feiten van het Midden-Oosten conflict belicht en dat die feiten in een juiste context zijn geplaatst.

 

Gezien het hoge tempo waarin het klimaat rond de discussie over Israël in Nederland verslechtert en gezien de reeds zichtbare maatschappelijke gevolgen daarvan, achten wij de tijd rijp voor drastische verbetering in de taakopvatting en het verantwoordelijkheidsbesef van de Journaal-staf.  De primaire nieuwsbron voor de Nederlandse burger behoort voor alles de feiten te presenteren in het nieuws en niet bij voorbaat de ene partij te bevoordelen boven de ander.

We verzoeken u vriendelijk goede nota van het rapport te nemen en, binnen twee weken ons uw reactie te doen toekomen.

Na de periode van twee weken behouden wij ons het recht toe met het rapport naar buiten te treden.

Voorts wil een delegatie van onze stichting en Werkgroep, zoals bij het vorige onderhoud afgesproken, andermaal een gesprek met u voor het bespreken van de inhoud van het rapport. Wij wachten daartoe een voorstel af van uw kant.

Hoogachtend,

 

Namens stichting WAAR,

M.S.  Slager - Voorzitter

A.L.E. Cohen  - Secretaris

 

Namens Israel-Facts monitorgroep

Yochanan Visser

 

Bijlagen:

-          Rapport monitoring NOS-Journaal

-          Code NOS

-          Artikel Jerusalem Post

BIJLAGE 2

 

 

Rapport  over berichtgeving van de NOS over gebeurtenissen in Israël

in de periode 23 oktober tot 31 december 2009

 

Samengesteld door stichting WAAR in samenwerking met Israel Facts groep

 

I n l e i d i n g 

In tegenstelling tot het eerste rapport, dat voornamelijk de periode tijdens de Gaza-oorlog besloeg, was er in de periode 23 oktober-31 december 2009 geen gewapend conflict en was Israël niet elke dag in het nieuws.

 

In deze periode werd in het NOS-journaal van 20.00 u zevenmaal over Israël bericht. (prime time)

27/10  31/10  11/11  13/11  18/11  26/11 28/12

Andere uitzendingen in die periode over Israël: driemaal om 22.00 u en 1 maal in het late journaal.

  5/11    22.00 uur

21/11    22.00 uur

25/11    het late journaal

  2/12    22.00 uur

 

Opnieuw werd de berichtgeving van de NOS getoetst aan de eigen NOS journalistieke code en werden de uitzendingen geanalyseerd op feiten, bronnen, wie er aan het woord kwam, taalgebruik, omissies, suggestieve opmerkingen/misleiding, beeldmateriaal en de montage van beelden, selectie van beelden en onderwerpen, en tot slot repeterende thema's.

Naast de Journaaluitzendingen van de NOS werd gekeken naar RTL 4 en werd een aantal Neder-landse en buitenlandse  kranten gevolgd voor algemene informatie over Israël en de Palestijnse gebieden in de betreffende periode. Op deze manier werd ook nieuws opgemerkt waaraan  door de NOS geen aandacht werd besteed.

 

Uitvoering van het onderzoek

De volgende uitzendingen en onderwerpen werden meegenomen in het onderzoek:

27/10    reportage over waterverdeling naar aanleiding van rapport van Amnesty International.

31/10    reportage over Al Quds Underground festival

  5/11     reportage over aankondiging van Abbas af te treden 

11/11    bericht over bezoek minister van buitenlandse zaken Lieberman aan Nederland

13/11    reportage over Israëlisch verhoor van slachtoffers van Gaza-offensief in het licht van het

Goldstone-rapport

18/11    reportage over bouw in Gilo

21/11    item over onrust door orthodoxen over het werken van een firma op sjabat in een orthodoxe wijk van Jeruzalem

25/11    reportage over aankondiging bouwstop

26/11    reportage over bouwstop

2/12      reportage over bouwstop

28/12    reportage over Gaza, een jaar na de oorlog. 

 

Feiten

Hieronder volgen enkele door de NOS uitgezonden berichten met daarbij de niet vermelde werkelijke feiten.

 

Voorbeeld 1

30/10 reportage over Al Quds Underground: een muziekfestival in Jeruzalem. Georganiseerd door een Nederlandse kunstenaar, Merlijn Twaalfhoven.

De nieuwslezer (Sacha de Boer) zegt dat UNESCO Jeruzalem uitriep tot culturele hoofdstad van de Arabische wereld. De indruk wordt dan gewekt, dat dit recent gebeurd is. 

Feit: De Arabische Liga heeft dat begin 2009 gedaan en Unesco heeft dat ondersteund,

Feit: De Arabische Liga benoemt ieder jaar een stad tot culturele hoofdstad van de Arabische wereld.

 

Van Hoorn vermeldt vervolgens dat Israël bijna alle activiteiten verboden heeft

Feit: maar verzuimt te vertellen dat de Oslo-Akkoorden, die tussen Israel en de Palestijnse Autoriteit zijn afgesloten, aan het verbod ten grondslag lagen.

De Oslo akkoorden (Oslo 2 van 28-9-1995)  bepalen namelijk in art 31 5-7.

De "remaining issues" zijn onderdeel van deze final status besprekingen inclusief: (citaat punt 5) Jeruzalem, vluchtelingen, nederzettingen, security regelingen; grenzen etc.

Punt 6 zegt dat niets in de Oslo akkoorden de uitkomst van deze final status onderhandelingen vooraf zal bepalen of beslissen op dit gebied. Verder staat daar dat alle bestaande posities, claims en rechten in tact blijven tot het moment dat er een final status akkoord is.

Punt 7 art. 31 van Oslo 2: Geen partij zal stappen initiëren die de status van de West Bank en Gaza zal veranderen tot het moment van de uitkomst van de final status onderhandelingen.

Totdat de uiteindelijke status van Jeruzalem bereikt is is Israel de "high contracting party" volgens Internationaal Recht. Uit dit alles volgt dat het uitroepen van Jeruzalem als "Al Quds" tot hoofdstad van de Arabische cultuur door de Arabische liga en het organiseren van een festival om dat te onderstrepen, in strijd was met de Oslo akkoorden.

 

Het feit dat de Arabische Liga spreekt van Al Quds culturele hoofdstad van de Arabische wereld is een duidelijk politieke uitspraak.

 

Van Hoorn interviewt vervolgens de Nederlandse componist Twaalfhoven over kleinschalige projecten in Oost-Jeruzalem. Hij verzwijgt daarbij dat het project gesubsidieerd werd door de EU via de Nederlandse liefdadigheidsinstelling Cordaid en de Anna Lindh stichting voor de dialoog tussen culturen in Alexandrië. Hij verzwijgt ook dat Israëli's de toegang werd geweigerd, en maakt alleen een cryptische opmerking 'dus vandaag geen Joodse bezoekers in de huiskamers van Twaalfhoven', In reactie op een melding van een arrestatie de vorige dag door Israël vanwege de rellen in de stad. Volgens de Israëlische journalist Gil Zohar werd al een half jaar van te voren besloten Israëli's te weigeren. (zie bijgevoegd artikel van hem in de Jerusalem Post).

Dit is niet alleen een grove vorm van discriminatie, het is ook in strijd met de regels voor subsidie, omdat er zo van dialoog tussen culturen  geen sprake meer is. Het hele item was wat dit betreft misleidend: in het begin kwam een Arabische medewerker aan het woord die zei dat zijn huis altijd openstaat voor alle religies, en ook Twaalfhoven vertelt dat hij in Jeruzalem een project wilde doen 'om te laten voelen hoe al die culturen hier al honderden jaren samenleven, en dat dat gaaf is.' Het project deed echter in feite het tegendeel, want Joodse bezoekers (er waren verschillende gekomen) werden naar huis gestuurd.

Letterlijk:

Van Hoorn in de Al Quds reportage (http://player.omroep.nl/?aflid=10257937)

"Mag je als Arabier je eigen cultuur vieren in een stad waarvan Israel zegt dat is onze hoofdstad? Nee dus zei Israël en verbood veel evenementen. Israël zegt dat dit soort bijeenkomsten politieke evenementen zijn".

(Twaalfhoven) "Dat andere Israël dat hier een puur Joodse stad wil bouwen, of dat nu over 1000 jaar is of al morgen, dat Israel is nu wel heel dominant" dan aarzelt hij en zegt " dat hier hevige rellen zijn , een muzikant eh gisteren... is er nog iemand gearresteerd, dan kun je vandaag niet zeggen we gaan nu even gezellig thee drinken".

Hierop zegt van Hoorn: " Dus vandaag geen Joodse bezoekers in de huiskamers van Twaalfhoven".

 

Voorbeeld 2

13/11: reportage over slachtoffers van Gaza-offensief: n.a.v. Goldstone rapport.

Van Hoorn zegt: Een kleine groep landen, waaronder Nederland, stemt sowieso tegen Goldstone, maar andere landen dringen aan op eigen onderzoek door Israël zodat Israël er dan van af is.

Feit: Verhagen heeft wel degelijk op onafhankelijk onderzoek aangedrongen.

Dit laatste is ook begrijpelijk omdat een onafhankelijk onderzoek nodig is om niet naar het internatio-nale hof verwezen te worden.

 

Voorbeeld 3

2/12 om 22 uur: reportage over protest tegen bouwstop in de nederzetting Efrat. Verkeerde vertaling van spandoek 'Geen toegang voor de BOUWSTOP-inspecteurs van Bibi', vertaalt Van Hoorn met 'De controleurs van Bibi zijn hier niet welkom'. 

Men toont het storten van een vloer dat aangekondigd wordt als in strijd met de bouwstop,

Feit: het betrof een vloer van een synagoge in Efrat, en een synagoge valt buiten de bouwstop.

De bevriezing geldt voor tien maanden in de Westelijke Jordaanoever. De bouwstop geldt niet voor de bouw in Oost-Jeruzalem, de bouw waarvoor al toestemming was gegeven en de bouw van openbare gebouwen zoals scholen en synagogen.

 

Voorbeeld  4

28/12: De reportage betrof een terugblik op de reportage van 6 januari 2009, waar cameraman El Ajrami verslag had gedaan van de aanval van Israël op de VN-school in Jabalya.

Feit:  Al tijdens de oorlog in januari was duidelijk geworden dat de school nooit was aangevallen en dat er geen doden in de school of op het schoolplein waren gevallen. Ook de toedracht was inmiddels duidelijk. Vanuit een straat naast de school was er geschoten op de IDF en die hadden terug geschoten. Daarbij waren onder de aanvallers doden gevallen, men schatte 15 doden en zeker geen 40 onschuldige burgers.

Feit  In de reportage van 28 december werd deze foutieve informatie van 6 januari gewoon herhaald, sterker nog: nu was er opeens sprake van een bombardement met witte fosfor. Die fosforgranaat was niet op de school afgevuurd.

 

Eenzijdige bronnen

Vervolgens enkele voorbeelden waarbij sprake is van verkeerde voorlichting door gebruik te maken van eenzijdig Palestijnse bronnen. Het in de code vermelde principe van hoor en weder-hoor werd niet  toegepast of relevante bronnen werden genegeerd.

We sluiten een rapport bij van IMFA net voor informatie voor buitenlandse reporters.

De gegevens uit een dergelijk rapport werden nooit ergens vermeld.

 

Voorbeeld 1

27/10 Item over de waterverdeling op de Westelijke Jordaanoever naar aanleiding van een rapport van Amnesty International. Hierin komen alleen Palestijnen aan het woord. Het rapport van Amnesty International gaat niet uit van de Oslo-Akkoorden; noemt ze zelfs irrelevant. Amnesty negeert bewust de bestaande afspraken tussen Israël en de Palestijnse Autoriteit over de waterverdeling. De NOS had deze omissie moeten constateren.

Feit: Israël houdt zich namelijk, ondanks de kritiek van Amnesty, wel aan de Oslo Akkoorden. Een recent waterrapport van Israël met actuele informatie over verbruik door beide partijen en de verdeling geeft totaal andere cijfers dan A.I. dat alleen Palestijnse gegevens gebruikt.

De NOS had dat moeten vermelden en had minstens ook de Israëlische cijfers moeten geven.

Volgens Israël wijzen de Palestijnen moderne technologie af zoals het ontzilten van water en hebben zij illegaal vele putten geslagen. In de reportage worden die feiten verzwegen en wordt beweerd dat de Palestijnen geen putten mogen slaan van Israël.

De NOS had objectief de claims van beide kanten tegenover elkaar moeten zetten.

 

Van Hoorn in het journaal: 

"Maar bij de plantages van de nederzettingen is geen gebrek aan water. Al heel vroeg waren Israëlische leiders zich bewust van het belang van water voor de regio. Kijk maar op de kaart: Hier langs de kust is eigenlijk het enige waterwingebied in Israël zelf. De Golan is bezet gebied. Jordaan-rivier: bezet gebied. En dus het waterwingebied in de bezette Westelijke Jordaanoever ook bezet gebied. Wat Israël dus hard nodig heeft." Aldus Sander  van Hoorn. 

Feit: In werkelijkheid zijn er afspraken over het gebruik van de aquifers onder de Westelijke Jordaanoever. De bevolking in de kuststreek maakte al voor de stichting van Israël gebruik van dat water, en dat water is ook helemaal niet 'Palestijns' zoals Van Hoorn wel suggereert. Het komt vaker voor dat lager gelegen gebieden water gebruiken van hoger gelegen gebied en dat zo'n aquifer mensen uit verschillende landen van water voorziet. Een ingewikkelde kwestie wordt door de NOS vertaald in een simpel dader-slachtoffer verhaal

 

 

Voorbeeld 2

13/11 Familieleden en slachtoffers van het Gaza-offensief worden geïnterviewd.

Uitsluitend Palestijnen komen aan het woord.

Een willekeurige Palestijn vertelt dat geen Israëlische soldaat beschuldigd zal worden en/of berecht. Hier waren kritische vragen op zijn plaats geweest, bijvoorbeeld; weet de Palestijn niet dat er Israëlische soldaten bestraft worden als ze schuldig worden bevonden van onrechtmatige daden. Weet de Palestijn niet dat er altijd onderzoek wordt gedaan als er klachten zijn, weet hij dat de mogelijkheid bestaat (en ook zeer vaak gebruikt wordt) om bij het hooggerechtshof in Jeruzalem een klacht in te dienen. (zie bijgevoegd rapport over onderzoek IDF naar onderzoek van misstanden, vermeld in Goldstone Rapport)

Geen enkele Israëlische visie wordt gevraagd, geen enkele kritiek geuit op het Goldstone rapport,  waarop door internationale experts grote kritiek is geuit. Geen jurist werd gevraagd hoe het kan dat Goldstone zelf zei dat hij geen juridische commissie had (daarom kon het lid dat Israel al beschuldigd had blijven meedoen!) en dat hij toch uiteindelijk met juridische adviezen kwam. Bekende onderzoekers zoals Jonathan Halevy en bekende juristen reageerden zeer negatief op het rapport Zij hebben kritiek op de inhoud, brongebruik, werkwijze, mandaat naast de samenstelling van de commissie van het Goldstone-rapport. De NOS had wel iets meer afstand van het rapport mogen nemen, en iets van de vele kritiek melden.

 

Voorbeeld 3

18/11 Doorgaande bouw in Gilo. Op geen enkele wijze wordt uitgelegd waarom Jeruzalem (en Gilo) een andere status heeft dan de Westbank. Ook de VN heeft Jeruzalem al in 1947 een andere status gegeven, namelijk een internationale status. De historische gang van zaken ten aanzien van Jeruzalem vanuit het Brits Mandaat loopt via Jordaanse verovering in 1948, Jordaanse annexatie, Israëlische verovering in 1967 met behoud voor Jordanië van toezicht op de heilige plaatsen van de moslims tot opgeven van rechten op de Westbank door Jordanië, maar met behoud van toezicht op heilige plaatsen. Alleen de Palestijnse visie over de status van Jeruzalem wordt aangehaald. 

 

Suggestieve mededelingen

Voorts noteerden wij enkele naar onze mening suggestieve mededelingen. We geven ze kort weer.

 

13/11 Van Hoorn over onderzoek door Israël van mogelijke misdaden tijdens Gaza-offensief:

Van Hoorn: Onderzoek is nauwelijks onafhankelijk te noemen: van leger naar leger.

Zie voor onderzoek van IDF bijgevoegd document, waaruit blijkt dat alle zaken uit het Goldstone rapport nader onderzocht werden en worden.

 

13/11: de wat geheimzinnige, alsof het eigenlijk niet kan manier waarop wordt gerapporteerd over het wel vier uur durende verhoor van slachtoffers door Israël geeft de indruk dat Israel het wel erg bont maakt, terwijl aan de andere kant wordt gemeld dat Israel het onderzoek niet serieus neemt.

 

13/11  Van Hoorn: Veel landen dringen aan op eigen onderzoek van Israel nav Goldstone, maar Israel vindt dit niet nodig.  Dit is een merkwaardige constatering: nota bene gaat de uitzending over Israëlisch onderzoek.

 

18/11 Ligging van Gilo wordt zodanig aangegeven of het eerder bij Bethlehem hoort dan bij Jeru- zalem.

In de praktijk hoort het duidelijk bij Jeruzalem. Dat het op de heuvels van Bethlehem ligt (zoals Van Hoorn zegt) zegt niet zo veel: de heuvels en bergen rond Jeruzalem beslaan een groot gebied en de hele stad is op verschillende heuvels gebouwd.  De ligging van Gilo is ten zuiden van West Jeruzalem het gedeelte dat al vanaf 1948 bij Israel hoorde. Geografisch is het meer een verlengstuk van dat gedeelte van Jeruzalem dan van Bethlehem. Het heeft dan ook nooit tot het gebied van de gemeente Bethlehem behoord, zoals bekend was het gebied al voor 1947 in Joodse handen .   

 

25/11 late journaal over de door Israël afgekondigde bouwstop op de Westelijke Jordaanoever. Van Hoorn benadrukt dat het om een gedeeltelijke bouwstop gaat. Dat een dergelijke bouwstop nog niet eerder is afgekondigd verzwijgt hij. Israëls motief wordt alleen verklaard uit: Amerika behagen, en dat Netanyahu hier zijn kabinet tot het uiterste heeft laten gaan, ontgaat Van Hoorn. Ook het feit dat de Palestijnen niet bereid zijn ook maar een tegen-gebaar te maken, en nog steeds weigeren te onderhandelen, wordt niet vermeld.

26/11 de aparte status van Jeruzalem wordt kort genoemd, maar nog steeds niet toegelicht. Van Hoorn noemt Gilo een nederzetting, en daarmee neemt hij stelling over de status van Oost-Jeruzalem. Volgens Israël is Gilo een onderdeel van Jeruzalem, en dat had ook vermeld moeten worden bij de bouwstop die is afgekondigd. Bovendien is de grond waarop Gilo is gebouwd al voor de stichting van Israel door het Joods Nationaal Fonds aangekocht.

Van Hoorn zegt dat Israël voornamelijk goede wil toont aan Amerika en daarom kondigde Netanyahu de bouwstop ook in het Engels aan. Verder zegt hij dat Israël hoopt dat de VS dan zal optreden tegen vermeende kernwapen in Iran. Op 2/12 om 22 uur doet hij dezelfde uitspraak.

Deze uitspraak geeft een politieke mening over Israel weer van de correspondent en laat de Palestijnse rol buiten beschouwing.

 

Taalgebruik

Een enkele opmerking over verkeerd of in elk geval discutabel taalgebruik.

 

26/11 Van Hoorn noemt Gilo een nederzetting. Dat is een interpretatie. 

 

18/11: kolonisten van Gilo. Dit is een uitspraak over de status van Gilo, een wijk van Jeruzalem, die Van Hoorn op zijn minst hoort toe te lichten. De inwoners van Gilo zien zich zelf als inwoners van Jeruzalem en niet als kolonisten.

 

26/11: de aparte status van Jeruzalem wordt kort genoemd, maar nog steeds niet toegelicht. Terminologie nederzetting voor Gilo stelt een wijk van Jeruzalem gelijk aan nederzettingen op Jordaanoever.

  

Beeldmateriaal en montage

En dan het beeldmateriaal en de manipulerende montages van gemaakte opnamen.  

 

Voorbeeld 1

Uitzending 2/12. Er wordt een vloer getoond die onrechtmatig zou zijn gestort ondanks de gedeeltelijke bouwstop. De plaats van handeling wordt niet vermeld. Het geheel wordt zo gemonteerd dat het lijkt te gaan om ongeoorloofde bouwactiviteiten.

Feit: de reportage komt uit Efrat. (Zowel de plaats als de geïnterviewden worden herkend)

In Efrat ging het om een synagoge.   De vrouw die werd geïnterviewd is bij een van onze waarnemers bekend en er is met haar gesproken. Het betrof hier een groot interview over het beladen verleden van de vrouw en op het eind werd over de bouwstop gesproken waarbij Van Hoorn haar vroeg of ze besefte dat ze gearresteerd kon worden.

Alleen haar reactie daarop werd uitgezonden, waardoor ze veel militanter overkomt en - door de manier waarop dit werd ingepast in de reportage – de kolonisten als extremistisch en overdreven emotioneel worden neergezet. Zo'n aanpak moet manipulatie worden genoemd.

 

Voorbeeld 2

In het merendeel van de reportages werden voornamelijk beelden uitgezonden die benadrukten dat de Palestijnen de grote slachtoffers zijn en Israël de boosdoener.

 

Voorbeelden van slachtofferschap zonder enige nuancering of onderzoek naar de feiten:

27/11 Waterrapport

13/11 Onderzoek door Israel van beschuldigingen volgens Goldstone

 

Voorbeelden van Israel als boosdoener:

27/11    Waterrapport

30/11    Al Quds Underground 

13/11    Slachtoffers volgens Goldstone

18/11    Israël beslist niet tot totale bouwstop en bouwt maar door.

25/11    Israël houdt zich niet aan bouwstop

26/11    Israël houdt zich niet aan bouwstop

  2/12    Israël houdt zich niet aan bouwstop

28/12   Gaza in herhaling van januari tijdens de oorlog

In  deze reportages werden vaak gecompliceerde zaken zodanig weergegeven dat er een simpel "good guy -bad guy" verhaal ontstond met Israel in de rol van "outlaw".

 

Ten onrechte gemist nieuws

Het is opgevallen dat enkele belangwekkende feiten het NOS-nieuws om welke reden dan ook niet haalden.

 

Geen aandacht werd er gegeven aan het onderscheppen door Israël op 4 november van een boot met enorme wapenvoorraad afkomstig uit Iran. Dit item werd gemist in verband met voortdurende dreiging voor Israël vanuit Gaza en Libanon (Hezbolla) met geavanceerde raketten. Bovendien heeft de VN toegezegd toe te zien op wapensmokkel, terwijl uit de bevoorrading van de boot bleek dat Iran Hamas en Hezbolla ruimschoots van wapens voorziet.

 

In de periode van ons onderzoek was er in het journaal geen aandacht voor (opvallend) positief nieuws, noch uit Israël, noch uit de Palestijnse Autoriteit,  maar ook geen nieuws dat gerelateerd was aan samenwerking tussen Israël en de Palestijnen.

 

Twee voorbeelden van mogelijk nieuws, dat elders wel werd gevonden:

 

A:

In de Wall Street Journal van 2 december 2009 stond een opvallend artikel geschreven door Tom Gross: In Building Palestine Without Obama's Interference - WSJ.com.  Hieruit blijkt onder andere dat de economie van de Palestijnen behoorlijk in de lift zit en de beurs enorm groeit terwijl wereldwijd een recessie gaande is en enorme verliezen op de beurs plaatsvonden. Bovendien zijn er inmiddels zeer veel checkpoints weg gehaald, wat naast een bevorderende factor voor de economie ook een verbetering van het individuele leefklimaat heeft opgeleverd.

http://online.wsj.com/article/SB10001424052748704107104574571491401847518.html

 

B:

RTL 4 had op 19 november jl een alleraardigst item van Conny Mus over orthodoxe EHBO vrijwilligers in Jeruzalem die zich op brommers verplaatsen omdat dat sneller is, en waar sinds kort ook Palestijnse vrijwilligers  mee draaien. Deze zijn vooral bedoeld voor Oost Jeruzalem, waar ambulances vaak alleen met bewaking naar toe willen gaan, met als gevolg veel tijdverlies, maar ze komen ook in heel Jeruzalem, en de Palestijnse vrijwilliger die geïnterviewd werd gaf aan dat dat geen problemen gaf bij de Joodse patiënten.

 

Concluderend

We komen tot de volgende conclusies.

 

Van de elf uitzendingen over Israël en de Palestijnse gebieden konden er slechts twee de kwalificatie neutraal dan wel objectief krijgen. De overige negen waren onder de maat en voldeden met name door het commentaar absoluut niet aan de eigen journalistieke   code   van de NOS. Die negen reportages waren volledig eenzijdig doordat enerzijds voornamelijk Palestijnen aan het woord kwamen en dus alleen  de Palestijnse visie werd vermeld en anderzijds de Israëlische kant zo goed als altijd ontbrak. Objectieve Israëlische gegevens zoals de cijfers uit het recente Israëlische water-rapport werden niet genoemd. Gegevens uit IMFA-net voor informatie voor buitenlandse reporters werd nooit betrokken.  De reportages waren daarnaast gekleurd en suggestief door woordgebruik, beeld en montage en te vaak voorzien van onjuiste of onvolledige informatie. Er werd nauwelijks context gegeven of deze werd alleen van Palestijnse zijde gegeven. Doordat de context ontbrak bleef de werkelijke situatie voor de kijker onduidelijk, ook al omdat er geen scheiding was van feiten en meningen en hiermee de vorming van een eigen mening ondoenlijk was. Bovendien werd er al een mening opgedrongen, namelijk door de suggestieve woordkeus of zelfs door de uitgesproken mening van Van Hoorn.

 

Voorbeelden hiervan:

27/10 reportage over waterverdeling: onvolledige en verkeerde informatie, eenzijdig en gekleurd door alleen de Palestijnse kant te belichten, suggestief in de beelden, ontbreken context over oorsprong van de akkoorden over waterverdeling in de Oslo-Akkoorden.

30/10 reportage over Al Quds Underground: naast onvolledige informatie ook onjuiste informatie, suggestieve informatie, verbloemen van de werkelijke toedracht en van duidelijke discriminatie. Ook hier geen context van bijvoorbeeld de Oslo-Akkoorden.

5/11  reportage over aankondiging aftreden Abbas. Voornamelijk suggestief.

13/11 reportage over slachtoffers Gazaoffensief volgens Goldstone rapport. Volledig eenzijdig door alleen Palestijnen aan het woord te laten, suggestief door alle Palestijnse beweringen klakkeloos te accepteren, suggestief door uitspraken waarin de uitkomst al besloten lag (een leger dat een leger onderzoekt), suggestief over de tijdsduur van de verhoren, suggestief over de reden van de verhoren, onjuiste informatie over standpunt van Verhagen, ontbreken context van het Goldstone rapport. Volledig ontbreken Israëlische visie, behalve de opmerking: Israël is het er niet mee eens. 

Opvallend was verder dat er vier uitzendingen over eenzelfde onderwerp gingen: de bouwstop:

18/11 reportage over doorbouwen in Gilo. Suggestief taalgebruik. Ontbreken context over status.

25/11 reportage over doorbouwen. Ook hier weer geen onderscheid status Jerusalem en West Bank, geen context door uitleg over moeilijke positie Netanyahue in het kabinet, dat er nooit eerder een dergelijke bouwstop is afgekondigd. Eenzijdig: geen vermelding dat Abbas niets aangrijpt om ook een gebaar te maken, maar voortdurend alles te weinig vindt en geen onderhandelingen zal aangaan.

Eenzijdig: Van Hoorn: Vastlopen onderhandelingen is eenzijdig aan Israël te wijten. 

26/11 reportage over bouwstop. Voornamelijk een reportage die duidelijk maakt wat Van Hoorn ervan vindt. Overal een mening, geen context, geen opmerking over de starre houding van Abbas. Veel suggestief taalgebruik als nederzetting, kolonist. Suggestief over doel van de bouwstop: alleen maar voor gunstig beeld naar Amerika bedoeld en Amerika moet naar Israël luisteren..

2/12 reportage over doorgaande bouw: suggestief door geheimzinnig over de locatie te doen. Suggestief door niet de bestemming van de vloer, de synagoge, te noemen. Manipulatief interview Naomi Baroechi.

28/12 reportage over Gaza , jaar na de oorlog: herhaling van onjuiste feiten uit reportage van januari, aandikking van de onjuiste feiten.

 

Alleen twee uitzendingen van het journaal waren redelijk neutraal. Dit betrof het journaal van 11/11 dat over het bezoek van Lieberman ging en het journaal van 21/11 dat over het opstootje door orthodoxie in verband met overtreding werkverbod op sjabbat ging.  

 

Eindconclusie

Helaas komt ook het tweede rapport over de berichtgeving van de NOS over het Israëlisch/Arabisch conflict tot een negatieve eindconclusie. Het eerste rapport in februari handelde over de Gaza-oorlog met veel verwarring en journalistieke problemen. In de nu gekozen periode waren er geen oorlogshan-delingen, werd de reporter op geen enkele wijze gehinderd door beperkingen en had hij alle tijd om zijn onderwerpen te onderzoeken. Toch vonden we ook nu weer onjuistheden, heel veel suggesties, hinderlijke eenzijdigheid, gemis aan context. We hebben moeten vaststellen, dat kritische vragen aan Palestijnen niet gesteld werden en informatie van Palestijnen en organisaties als Amnesty International (of: critici van Israël)  altijd voor zoete koek werd aangenomen.  Israëlische bronnen werden nooit geraadpleegd, officiële Israëlische rapporten volledig genegeerd. Officiële Israëlische zegslieden kwamen nooit aan het woord.

 

N.B.

De NOS-reportage vanuit Gaza op 28 december 2009 was ronduit onthutsend, omdat eruit bleek dat ons gesprek in april met betrekking tot de berichtgeving over het Midden-Oosten niets ten goede heeft doen keren bij het NOS journaal. De reportage was een aaneenrijging van feiten die al sinds een jaar als onjuist bekend zijn en werden nog eens aangedikt met nieuwe onjuistheden

Deze verkeerde informatie is onacceptabel, zeker in de herhaling wanneer de feiten bekend zijn.

Juist in verband met het feit dat de cameraman El Ajarmi de enige in de oorlog was die in Gaza kon rondlopen en Van Hoorn geheel op zijn reportages afging deed ons de vraag stellen bij ons onderhoud in april of mensen in Gaza misschien wel eens voorzichtig moeten reageren vanwege angst voor familie. De ongewoon boze reactie van de NOS op die vraag alsof wij de integriteit van de NOS hiermee aantastten blijft ons tot de dag van vandaag verbazen en de reportage van 28/12 heeft deze vraag niet beantwoord.

 

Alles bij elkaar genomen: 

De berichtgeving van het NOS-journaal over het Israëlisch/Arabisch conflict is sinds ons eerste rapport niet verbeterd of veranderd. En dus beneden de maat. Het een en ander voldoet niet aan alle zelf in de Code NOS Journaal gestelde uitgangspunten. Het gaat dan om de punten 1, 2, 4, 5 en 10. Daarmee voldoet de NOS niet aan de haar gegeven opdracht

 

 

BIJLAGE 4

 

Status of IDF Investigations of Gaza Incidents –  Update: 5.11.2009

 

The current status (as of 5 Nov 2009) of investigations into allegations arising from the Gaza Operation is as follows:

 

1.        A total of 128 incidents have been/are being examined. These include incidents identified as being of concern by the IDF itself, or brought to its attention by individuals or by human rights reports.

2.       Of this total number, 25 incidents were examined in the course of five General Staff command investigations, which were opened following the operation. The results of the examination of these incidents are currently being examined by the Military Advocate General to decide whether additional examination or further proceedings, including military police investigations, are warranted. The decision of the Military Advocate General on these issues will also be presented to Israel's civilian Attorney General for his review and examination. Both the decision of the Military Advocate General and the Attorney General are subject to review by Israel's Supreme Court which can be petitioned by Israeli and Palestinians alike.

3.       Of the remaining 103 incidents, in relation to 48, after examination it was found that there was no basis for suspecting any violation of the law and accordingly these cases were closed. 

4.       Of the remaining 55 incidents, 28 are currently under process of examination

5.       In relation to the remaining 27 incidents, criminal investigations have been opened (14 almost immediately upon the close of the operation – one of which has already led to prosecution and conviction - and 13 opened at a later stage.) In addition to investigating the soldiers and officers involved, these criminal investigations include the taking of evidence from Palestinian complainants and witnesses. To date seventy Palestinian witnesses and complainants have given evidence to the investigating authorities.  

 

Status of specific incidents referred to in the Goldstone Report:

The Goldstone Report states that it examined 36 incidents, however it is hard to determine precisely how this number is arrived at in relation to the events described.  Nonetheless, all the incidents cited in the Report have been or are being examined (12 incidents had not been reported to Israel prior to publication of the Report, and upon hearing of them, investigations were initiated by the IDF). According to Israel's best understanding of the breakdown of incidents in the Report, the current status of these incidents is as follows:

 

·         5 incidents were addressed in the framework of the General Staff Command investigations and are currently being examined by the Military Attorney General (para. 2 above).

·         5 incidents were examined and found not to present any basis for suspecting that laws had been violated (para. 3 above).

·         16 incidents are currently under process of examination (para. 4 above).

·         10 are the subject of criminal investigations (para.5 above). 

מח' מידע ואינטרנט – אגף תקשורת

 

 

BIJLAGE 5

 

 

 

בלמ'ס/מיידי

 

אל: כל הנציגויות

דע: תפוצת הסברה

מאת: מח' מידע ואינטרנט – אגף תקשורת

 

 

הנדון: מצב כלכלי ברש"פ עדכון תקופתי אנגלית 6.12.09

 

 

The economic situation in the Palestinian Authority and Israeli relief measures - periodic update

 

1.  Points for emphasis

 

·        Growth continues in the West Bank. Fayyad recently addressed the growth of 8% or more that is projected for 2009. In an interview with the New York Times on November 11, Quartet emissary Blair anticipated that the Palestinian economy might reach a double-digit growth rate in 2009.

 

·        The second cellular company in the West Bank, Wataniya, commenced operations at the beginning of November with 3.8 MHz and 40,000 subscribers. According to various publications, the company is expected to bring investments estimated at about $700 million into the West Bank, and to bring revenues of $354 million into the treasury of the Palestinian Authority, while providing thousands of jobs.

 

·        The Palestinian Authority has a budget deficit of $200 million because of missing donations for 2009 (after receiving a $200 million contribution from Saudi Arabia).

 

·        Israel continues to transfer collected tax monies to the Palestinian Authority on a regular basis. In November, the Minister of Finance signed approval to transfer the monies to the Palestinian Authority. NIS 330 million was transferred on November 29 (compared with NIS 293 that was transferred in October).

 

·        Projects:

-       Construction work on the central structure in the French project of the Bethlehem industrial zone commenced in the middle of November. The project is being built in Area A.

-       The USAID project to upgrade the Jalameh crossing (Gilboa) has been completed. It enables the passage of thousands of travelers and hundreds of vehicles each week. The project has enabled 3.3 times more Israeli Arabs to enter the West Bank cities, from 16,000 in September to 52,000 in November.

-       The cornerstone was laid on October 13 for the new Al Jinan neighborhood in Jenin, in which about 1000 housing units will be constructed.

 

·        Progress on the project to construct West Bank electricity substations: The European Investment Bank approved on November 17 a € 250 million loan to the Israel Electric Corp. to finance its investment plans and investments in the power grid as part of a regional project. Concomitantly, a financial agreement was attained between the Israel Electric Corp. and the Palestine Electric Company, with the European Bank acting as facilitator for the construction of four substations in the West Bank. The project will be implemented by the Israel Electric Corporation. The European Investment Bank will provide the loan package for construction of the power lines from Israel and for financing the construction of the stations themselves.

 

·        The Palestinians canceled their participation in the annual meeting organized by the Ministry of Defense to promote infrastructure projects (water, sewage and electricity) in the West Bank and Gaza Strip. The meeting, which was to have been held on December 2 in Tel Aviv, with the participation of delegates from the international community who are involved in the projects, Palestinian representatives (head of the Water Authority and head of the Ministry of Energy), and Israeli representatives (from the Ministry of Defense, the Unit for the Coordination of Government Activities in the Territories-COGAT, the IDF, the Ministry of Foreign Affairs, the Water Authority, and the Israel Electric Corp.), was postponed.

 

Details of the above points:

 

2.  Statistics on the improved economic situation:

 

·        The Palestinian national product: A 5.6% increase in the first quarter of 2009 compared with the corresponding quarter last year, and a 5.4% increase in the second quarter of 2009, compared with the corresponding quarter in 2008.

 

·        Unemployment in the West Bank: A drop from 19% in the first quarter of 2008 to 17.7% in the first quarter of this year. A drop from 18.2% unemployment in the second quarter of 2008 to 16.4% in the second quarter of 2009.

 

·        Unemployment in the Gaza Strip: A drop from 45.5% in the second quarter of 2008 to 36% in the second quarter of 2009.

 

·        Growth: In an interview with WP and Newsweek in October, Fayyad related to "8% growth in 2009, if not more," and described the growth as "very good." Special Quartet envoy Tony Blair mentioned the possibility of a double-digit growth rate in 2009.

 

·        Stock market: A 12.5% rise since the beginning of the year.

 

·        Foreign investments in the West Bank: A six-fold increase (!) compared with the corresponding period last year, as a result of the economic conferences that were held in Bethlehem and Nablus, and of the improved security in the area (this figure was provided by the Palestinians and the Joint Economic Conference held on September 2).

 

·        Truck traffic between Israel and Judea and Samaria: A 41% increase in the first half of 2009 compared with the corresponding period last year. There was a 22% increase in the crossing of goods into the Gaza Strip between September and October, and an additional 14% increase from October to November (source of data: COGAT).

 

·        Palestinian sales to Israel: From 2007 to 2008 there was a 6.8% increase, from $530 million to $566 million. In the first quarter of 2009, there was an 8% increase, from $136 million to $147 million (source: Central Bureau of Statistics).

 

·        Palestinian purchases from Israel: From 2007 to 2008 there was a 25% increase, from $2.6 billion to $3.25 billion. In the first quarter of 2009, there was a decrease of 9.5% compared with the corresponding quarter in 2008, from $796 million to $720 million (source: Central Bureau of Statistics).

 

·        General Palestinian foreign trade (including with Israel): Imports in 2008 totaled $3.7 billion, of which 72% was from Israel. This is a 20% increase compared with 2007. Imports in 2008 increased by 3%, and reached $529 million. The PA's total trade in 2008 was $4.3 billion - a 17% increase compared with 2007.

 

·        Energy: There was a 29% increase in gasoline consumption and a 7.6% increase in diesel fuel consumption in the first half of 2009, compared with the corresponding period last year (source: COGAT).

 

·        Imports of cement: In the first half of 2009 alone, 18% more cement was imported than in all of 2008 (source: COGAT).

 

·        Vehicle purchases: There was a 44% increase.

 

·        Tourism: In 2008 there was a 93% increase in the number of tourists in the Bethlehem area (about one million tourists), and a 31% increase in the Jericho area (about half a million tourists). The number of hotel stays in the third quarter of 2009 was 136,000 - a 42% increase compared with the corresponding quarter last year.

 

3.  Projects and developments that reflect the economic growth:

 

·        General: The Rawabi city project is in the advanced planning stage. A new mall and a cinema complex were opened in Nablus, exhibitions and economic conferences were held this year in the West Bank (in Al Bireh, Hebron and Nablus) attended by thousands of people, and there has been marked momentum in Ramallah which, in recent years, has become an unprecedentedly bustling and flourishing West Bank city of cafes and restaurants.

 

·        The cornerstone was recently laid for the al-Jinan neighborhood (on October 13) in which one thousand housing units will be built. In the first stage, 132 units will be constructed. The developer foresees completion of this stage in 2012.

 

·        The Bethlehem industrial zone - Work commenced in July on construction of the Bethlehem industrial zone, under the auspices of the French president. The plans involve the construction of a zone for light industry, handicrafts and stone crafts, located 12 km southeast of Bethlehem. The area of the first stage will be 230 dunams and later on it will encompass 3,500 dunams, all within Area A.This month, work began on construction of the central building in the area. All the project plans were approved. The Palestinians have still not submitted to Israel the plans for connecting the Hebron-Tarqumiyah access road and the plans for the sewer network and for trash removal. The prime minister instructed the entities dealing with the matter to participate in financing the planning of the access road to the industrial zone. The cost of the construction and the infrastructures required for the industrial zone are to be undertaken by the Palestinians and the French.

 

4.  Israeli measures and relief policy:

 

A.  General:

·        The Government decided to establish a ministerial committee headed by the prime minister to examine and promote economic measures that will lead to economic growth in the West Bank. A regional cooperation minister will be appointed, whose ministry will be in charge of coordinating and advancing the above matters.

 

·        The JEC, headed by Deputy Prime Minister Shalom and Palestinian Minister of National Economy, Bassem Khoury, met on September 2. The meeting that was to take place on November 8 was postponed at the request of the Palestinians due to the resignation of Minister Khoury (who was replaced by Hassan Abu Libdeh). A new date has not yet been set.

 

·        Collected taxes continue to be transferred from Israel to the Palestinian Authority. On November 29, NIS 330 million were transferred to the Palestinian authority treasury.

 

B.  Assistance for the festival of Eid al-Adha

 

Gaza: For the Eid al-Adha festival, some 7,000 head of cattle were brought into the Gaza Strip.

 

The West Bank: The following measures were taken between November 26th and December 2nd (announced by the IDF spokesman):

-       Palestinians were permitted to enter Israel for the purpose of visiting immediate family members.

-       Israeli citizens were permitted to enter Tulkarm in vehicles through Checkpoint 407.

-       The hours of operation of the Awarta checkpoint, south of Nablus, were extended to 10:00 p.m.

-       A roadblock that had been placed on the Jenin-Tulkarm road was removed in order to accelerate passage between the two cities.

-       A roadblock that had been placed in the area of Kfar Dahariya was removed in order to improve access to the villages near Hebron.

-       More than 50 roadblocks in Judea and Samaria were removed permanently.

-       Married men over the age 45 were allowed to enter the Temple Mount for prayers with a special permit. Men over the age of 50 were allowed to enter without a special permit. Married women between the ages of 30 and 45 were allowed to enter the Temple Mount with a special permit, and women age 45 or older were allowed to enter without a special permit.

 

During the holiday, the IDF also reduced its activities in the main West Bank cities, and the hours of operation of the Palestinian police in those cities were extended.

 

C.  Traffic and access facilitation

·        Checkpoints: The number of major checkpoints has been reduced since July 2007 from 41 to 14 today. For example, the Huwara checkpoint south of Nablus, which was one of the most difficult checkpoints in the West Bank, is now open 24 hours a day, despite the fact that, in the past, Nablus was known as the "terror capital." In September, the Minister of Defense ordered the removal of 100 roadblocks in various places in the West Bank. Most of them have, indeed, been removed. It should be noted that for several months the IDF and the Civil Administration have been holding meetings with OCHA (UN Office for the Coordination of Humanitarian Affairs) in order to map the checkpoints and roadblocks in the territory, and to create a basis for discussion on the subject. It should be emphasized that removal of the checkpoints and roadblocks entails a calculated risk. For example, on July 9, 2009, an Israeli vehicle was shot at and the shooters exploited the opening of the checkpoint in Ramallah in order to escape from the city's security forces. With the removal of the checkpoints near Kalkilya at the beginning of June and, for the first time in a decade, removal of the checkpoints surrounding the Palestinian cities, inter-city traffic flows uninterrupted. In addition to the removal of the checkpoints, some 150 roadblocks in the West Bank have also been removed. As mentioned, before Eid al-Adha, more than 50 other roadblocks were removed permanently.

 

·        Permitting Israeli Arabs to enter West Bank cities: Permitting Israeli Arabs to enter Jenin, Tulkarm, Jericho and Bethlehem has led to a significant increase in retail commercial activity in those cities, and has stimulated the local economy. According to the IDF Planning Division, revenues from the visits of Israeli Arabs in Jenin, Tulkarm and Nablus alone (out of all the cities which they are permitted to enter) total NIS 8 million each weekend!

 

·        Upgrade for the Gilboa crossing: The work on upgrading the crossing near Jenin has been completed with the help of USAID. The crossing was opened on October 13 and inaugurated a month later, on November 10, in the presence of Deputy Prime Minister and Minister of Regional Cooperation Silvan Shalom, Quartet envoy Tony Blair, Governor of Jenin Mussa Kadora, Gilboa Regional Council Head Danny Atar, representatives of the U.S. embassy and USAID. Now vehicles and not just pedestrians can enter (there is a crossing for merchandise operating near the passenger crossing). The crossing upgrade facilitates the movement of international organizations and diplomats, and is expected to significantly increase the number of Israeli Arabs entering the West Bank in their vehicles, thereby increasing the scope of their purchases in the area of Jenin and the northern West Bank. Between January and July of 2009, 78,000 Israeli Arabs entered Jenin, compared with 48,000 during the corresponding period last year. In September, 16,000 people went through the crossing, and in November, the first month in which the vehicle crossing was operative throughout the entire month, 52,000 people went through the crossing, i.e., more than 3 times as many as in September. Out of those 52,000 people, 12,000 crossed on foot and 40,000 in cars - through the new vehicle crossing (data from the Crossings Authority).

 

·        Allenby Bridge: A special ministerial committee, headed by Prime Minister Netanyahu, decided at the beginning of August to extend the operating hours of the Allenby Bridge crossing until midnight, for both people and goods, as a pilot project to continue until the end of the year. This measure has already led to a significant improvement for those crossing the bridge, and has greatly shortened the time it takes to cross. Official Palestinian entities report that this measure has already saved the Palestinian economy tens of millions of shekels. Meetings held by Israeli customs with business people and Palestinian customs agents (the last of which was held on August 18th), are helping to improve the service and to increase the movement of Palestinian goods across the bridge.

 

D.  Employment

-       The number of employment permits approved for Palestinians reached 54,318 in September 2009 (for work in Israel and for Israeli employers in West Bank settlements). 47,161 actually utilized these permits (about 86%).

-       The number of Palestinians employed in Israel increased by 8.4% compared with 2008.

-       The number of work days of Palestinian laborers in Israel increased by 19%.

-       About 14% of the Palestinian workforce is employed in Israel or in Israeli businesses in the West Bank.

-       About 5,000 permits were approved for overnight lodging in Israel, of which 4,373 were utilized, i.e., 87.5%.

-       In September 2009, the Minister of Defense approved an increase in the number of Palestinian construction workers by an additional 4,000.

These workers contribute a great deal to the growth in the West Bank, as do the 1,500 business people who are permitted to go through all the crossings between Israel and the West Bank without prior coordination, after being issued special cards (BMC - Business Man Card). It is important to note that the list of recipients of these documents is determined according to the request of the Palestinian Authority.

 

5. Policy in the Gaza Strip - humanitarian aid:

 

·        Before, during and after the Gaza Operation, Israel acted to enable the entrance of humanitarian aid into the Gaza Strip. Israel ensured the orderly operation of the electricity, communications and water infrastructures, including bringing in equipment and repair teams to repair water and sewer facilities during the operation, and to repair turbines and parts of the Gaza power station after the operation, including a two-month stay by a Siemens team, which conducted repairs and maintenance work at the power station, etc.

 

·        Supply of gasoline: In August, Israel renewed the supply of gasoline for private use, according to the standard determined by the High Court of Justice as the threshold sufficient for humanitarian needs. While the minimum quotas determined by the High Court of Justice are only partially filled because of the debts owed by the gas stations in Gaza to the Palestinian Authority, a decision was made in the summer by the Coordinator to meet the threshold set by the High Court of Justice: 800,000 liters of diesel fuel and 75,400 liters of gasoline per week are approved for transfer as the minimum for use for private transportation.

 

·        Supply of cooking gas: In general, cooking gas has been transferred to the Gaza Strip without restriction before, during and, of course, after the operation. Due to security reasons which jeopardize the continued operation of the terminal, Israel was recently compelled to reduce to a minimum the operation of the gas terminal at Nahal Oz depot and, for that purpose, an alternative was built for the transfer of cooking gas at Kerem Shalom. To some extent, this reduced the ability to transfer cooking gas to the Gaza Strip, and now action is being taken to increase the capacity at Kerem Shalom for a quick solution to the problem. As a rule, the transfer of the gas is coordinated with the Palestinian Fuel Administration Authority in Ramallah. The Authority pays for the transferred fuel (by means of tax offset) and is responsible for collecting the money from the gas stations in the Gaza Strip.

 

·        Diesel fuel for the power station: The transfer of 2.2 million liters a week (financed by the European Union) continues. It is important to note that the flow of diesel fuel to the power station took place throughout and after the operation.

 

·        Vital humanitarian infrastructure projects:

-       The Serry project: Israel is conducting a dialogue with Robert Serry, special emissary of UN Secretary-General, regarding vital humanitarian projects, primarily relating to sewer systems. Implementation of the projects will serve as a pilot to test the ability to supervise the entrance of equipment and materials for rehabilitating essential infrastructures. In talks with the Secretary-General's emissary, Israel expressed its willingness to coordinate the entrance of materials for repairing and sealing houses that were damaged during the operation, before the arrival of winter.

-       Sewage purification plant in Beit Lahia:  The World Bank issued a tender for the second stage of the sewage purification project in the northern Gaza strip (Beit Lahia). In order to complete the first stage, actions have been implemented in recent months, including a visit by an expert on behalf of the Bank in July 2009. Israel approved drilling to conduct treated wastewater to the aquifer, and the required equipment was brought in to construct the facility, including cement, iron and aluminum. As mentioned, stage A of the plan (building collection and sedimentation pools) was completed in full. The World Bank issued the tender to entrepreneurs and investors for building the purification plant itself.

-       Other projects: In recent months, the implementation of several projects has been approved, among which are a German sewage plant, repair of a flour mill, approval for restoration of the American school (the Americans do not intend to restore the structure at this stage, but rather to operate the school in another structure. For that purpose, the entrance of equipment for the school was approved), as well as a project of greenhouses and chicken coops at the request of USAID.

 

·        Supervisory mechanism for monies and materials: Israel is conducting discussions with the Palestinian Authority, the US, EU representatives in the area and others, with the aim of establishing an agreed-upon supervisory mechanism, subject to international standards, which will ensure, if and when a decision is made to that effect, that monies, materials and equipment that are brought into the Gaza Strip for vital humanitarian projects actually reach their destinations. The dialogue with the Palestinian Authority on supervision of the monies and the structure of their banking system is moving along slowly.

 

·        Food: All food products are brought into the Gaza Strip, except for those that definitely constitute luxuries.

 

·        Agriculture: Fertilizers that are not dual purpose, potato seeds, eggs for reproduction, bees, equipment required for the Dutch project dealing with the export of flowers, etc.

 

·        Monies: Each month Israel transfers NIS 50 million to the Gaza Strip for salaries for Palestinian Authority employees, and up to $13.5 million for salaries for UNRWA workers (most of them Palestinians).

 

·        Infrastructures and energy: Most of the equipment required for the work of the Siemens people at the Gaza Strip power plant was brought in. Israel does not restrict the quantity of cooking gas brought into the Gaza Strip, and it is determined by the Palestinians according to demand. As mentioned, Israel enables the supply of fuel to the Gaza Strip in the quantities required for reasonable subsistence, as determined by the High Court of Justice. The order is coordinated and paid for directly by the Authority vis-à-vis the fuel suppliers. There is no quota on cooking gas, but due to technical and security problems which are in the process of resolution, the supply was limited in November.

 

·        Education: At the beginning of November, the Civil Administration permitted the transfer of equipment designated for the UNRWA schools: notebooks, school bags, writing implements and text books. Two Braille printers were also brought in.

 

·        Health: the Jordanian field hospital in Gaza: The hospital was established near the end of the operation. The daily al-Arab al-Yawm reported (on November 19th) on the arrival of a supply convoy for the military field hospital operated by Jordan in the Gaza Strip. The convoy arrived in Gaza through the Kerem Shalom crossing and contained 8 trucks carrying medical equipment and instruments, including drugs and a modern x-ray machine. Since its establishment in January 2009, the hospital has treated 155,000 medical cases and performed 2,020 major surgeries and 3,090 minor surgeries.

 

·        Health: Psychiatric help provided by Jordan to residents of the Gaza Strip: The daily al-Rai reported (on November 22) on a Jordanian team of five psychiatrists who have been providing psychological assistance for the past month to residents of the Gaza Strip. The team instructed and trained 85 people on emergency teams and medical teams, in the framework of five psychological aid courses.

 

6.  Important statements:

 

Marc Otte, European Union emissary to the Middle East, to the working group for Middle East affairs in the European Parliament (November 24):

-       There has been an economic improvement in the West Bank, primarily due to removal of the checkpoints.

-       There is no shortage of equipment or cement for construction in Gaza, and Hamas is controlling the resources.

-       - Hamas dismissed employees of the systems and appointed its own people, and that is the reason that there is no construction in Gaza.

-       The prevailing economy in Gaza is not an official economy but rather an economy of tunnels; there are no shortages in Gaza, but there is a problem of unemployment, primarily for civilians who are not close to Hamas and have no buying power.

-       The security fence has proven its effectiveness in the fight against terrorism.

 

 

מח' מידע ואינטרנט – אגף תקשורת

6.12.2009

 

 

BIJLAGE 6                                                                                                                                                              

Peace without dialogue? Impossible

Nov. 8, 2009
Gil Zohar , THE JERUSALEM POST

There aren't too many English-language journalists who have covered Arab Jerusalem as I have for In Jerusalem in recent years - reporting on everything from a home in Anata built and demolished four times and now facing a fifth demolition order, to the first shopping mall along east Jerusalem's main drag Salah a-Din Street, which received a building permit after 42 years of bureaucracy; from the al-Mamal Foundation for Contemporary Art inside the New Gate, to a conference on Palestinian refugees at al-Quds University in Abu Dis. These are all stories I have reported in an objective manner.

Thus it was that last weekend I duly RSVP'd to a guests-only invitation to the Al-Quds Underground, touted as an unconventional festival with more than 150 small shows in private spaces in the Old City. Performances included music, storytelling, dancing, short acts and food. Locations were living rooms, a library, courtyards, gardens and more unique places. My expectation of a celebration of Jerusalem's diversity was dashed, however, when I arrived late Saturday afternoon at the Damascus Gate meeting point. Politely asked in English by Jamal Goseh, the director of the a-Nuzha Hakawati Theater near the American Colony Hotel, "Where do you live?" I responded in Arabic that I live in Jerusalem. From my accent and appearance, he discerned that I am an Israeli.

Al-Quds Underground's artistic director Merlijn Twaalfhoven of Amsterdam then told me, along with some Israeli peace activists who had arrived, that we were not welcome. My reply that I had been invited was to no avail, nor was my guarded threat to pen an expose of their racism.

And so here it is.

For the sake of fairness, I met Twaalfhoven the next day to allow him an opportunity to explain… or dig himself a deeper hole. (Goseh declined my request for an interview.) "We want to bring art to the world," he began. "I sometimes break through the boundaries between art and life. That is the core of my work."

A visionary creator of art happenings such as a dance performance at the Jalazoun refugee camp near Ramallah and the Long Distance Call concert on the rooftops of the Turkish half of the divided Cypriot city of Nicosia, Twaalfhoven said he had vaguely heard that the Arab League had chosen Jerusalem as Al-Quds 2009 Capital of Arab Culture and that the Israeli government had banned the festival as a political event forbidden under the Oslo Accords. "I don't know the details. I thought it was a good idea to bring people together."

Twaalfhoven then added, "The local people told me months ago that Israelis cannot go. Our team [of 12 Dutch activists and eight artists] had to promise that we would not allow peaceful Israelis to come."

Apologetic over what had happened, he then spilled the beans. The €50,000 project was funded by the European Union through the Dutch charity Cordaid and the Alexandria-based Anna Lindh Euro-Mediterranean Foundation for the Dialogue between Cultures. To have said no to racism would have meant to scuttle the budget.

Al-Quds Underground's no-Israelis rule is part of a larger policy set by the Palestinian Boycott Divestment and Sanctions National Committee. This BDS movement, founded in 2005, can take credit for the cancellation of Leonard Cohen's September concert at the Ramallah Cultural Palace.

Similarly in 2007, BDS activists succeeded in getting Canadian rock 'n' roll star Bryan Adams to pull the plug on back-to-back concerts in Jericho and Tel Aviv. Organized by the New York-based One Million Voices, the concerts were intended to promote a two-state solution to resolve the festering Palestinian-Israeli conflict.

BDS activists in Europe and elsewhere aim to isolate and discomfit Israel just as South Africa's apartheid regime was targeted in the 1980s. This rejection of normalization of relations is a historic and strategic mistake based on the false analogy between apartheid and Zionism.

Never mind the snub I received Saturday. On a broader level, the BDS movement is missing the point that peace is best promoted at a grassroots level, person to person, Jew to Arab, and Arab to Jew.

Those who think Israel can be pressured into coexistence are mistaken. Two states for two peoples will be embraced when enough people demand it. BDS fosters the illusion that Palestinians can achieve their goal of statehood without ever accepting Israel and Israelis.

Boycott, divest and sanction? I respond, Embrace, invest and encourage. Peace starts among people. Anyone unprepared for honest dialogue with the other is suffering from acute xenophobia. As Black Panther activist Eldridge Cleaver once remarked, "You're either part of the solution or you're part of the problem."

 

 

 

 

 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen