maandag 27 mei 2013

Israël valselijk beschuldigd van apartheid (Kenneth Meshoe)

 
Dr. Kenneth Meshoe
 

Door dominee Dr Kenneth Meshoe, lid van het Zuid-Afrikaanse parlement en voorzitter van de Afrikaanse Christelijke Democratische Partij. Vertaald uit het Engels.


 
Pro-Palestijnse advertenties geven valse voorstelling van Apartheid

Bron: San Francisco Examiner, 15 mei 2013

Tijdens mijn recent verblijf in San Francisco, was ik diep geschokt door de posters in de stad die Israël beschuldigen van apartheid.

Als een zwarte Zuid-Afrikaan die onder de apartheid heeft geleefd, weet ik dat dit systeem in Zuid-Afrika was ingevoerd om gekleurde mensen te onderwerpen en hun allerlei rechten te onthouden. In mijn ogen valt Israël niet te vergelijken met de apartheid in Zuid-Afrika. Degenen die een dergelijke beschuldiging uiten, tonen hun onwetendheid van wat apartheid werkelijk inhoudt. Apartheid was een wettelijk systeem van segregatie en onderdrukking op basis van huidskleur, terwijl een zeer kleine blanke minderheid domineerde over de overgrote meerderheid van de mensen van kleur.

Als zwarte Zuid-Afrikaan onder apartheid, kon ik niet mijn stem uitbrengen, noch kon ik vrij reizen door het landschap van Zuid-Afrika. Geen enkele persoon van kleur kon hoge overheidsposities innemen. De rassen werden strikt gescheiden in sportstadions, openbare toiletten, scholen en het openbaar vervoer. Mensen van kleur hadden inferieure ziekenhuizen, medische zorg en onderwijs. Als een witte dokter bereid was om een zwarte patiënt te accepteren, moest hij hem of haar onderzoeken in een achterkamer of een andere verborgen plaats.

Tijdens mijn vele bezoeken aan Israël heb ik niets gezien van de hier bovenstaande beschreven voorbeelden. In het Israëlische rechtssysteem zijn gelijke rechten vastgelegd in de wet.

Zwart, bruin en wit, Joden en de Arabische minderheid mengen vrijelijk in alle openbare plaatsen, universiteiten, restaurants, stembureaus en het openbaar vervoer. Alle mensen hebben het recht om te stemmen. De Arabische minderheid heeft eigen politieke partijen, zitten in het Israëlische parlement (Knesset) en heeft hoge posities in ministeries, de politie en de veiligheidsdiensten. In ziekenhuizen liggen Palestijnse patiënten in bed naast Israëlische Joden; Artsen en verpleegkundigen kunnen in dezelfde mate Israëlische Arabieren als Joden zijn. Ik begrijp ook dat een Israëlische Arabische rechter de rechtspraak leidde in de zaak van de voormalige Israëlische president Moshe Katsav, die werd veroordeeld wegens wangedrag. Een Ethiopische Jodin won onlangs de titel van Miss Israël.

Geen van deze voorbeelden was wettelijk toegelaten in apartheid Zuid-Afrika!

Ik vind dat het lasterlijk en bedrieglijk is om de maatregelen betreffende Israëlische zelfverdediging tegen de campagnes van terroristen, zelfmoordaanslagen, raketaanvallen en andere daden van terrorisme die zich hebben voorgedaan, en zich blijven voordoen, worden bestempeld als apartheid. Ik ben geschokt door de bewering dat de vrije, diverse, democratische staat Israël apartheid toepast. Deze belachelijke beschuldiging bagatelliseert het begrip apartheid, minimaliseert en ontkent de omvang van het racisme en het doorstane lijden van gekleurde Zuid-Afrikanen.

Ik roep alle mensen, met name jongeren, op om Israël te bezoeken en zelf te leren van de feiten, zodat ze vol vertrouwen deze valse beschuldigingen betreffende Israël kunnen weerleggen.

De onjuiste toepassing van het begrip apartheid is een aanfluiting van een pijnlijke onrechtvaardigheid en dreigt de ware betekenis van het woord te ondermijnen.

In mijn ogen vormt Israël juist een voorbeeld van democratie, integratie en pluralisme dat kan worden nagebootst door vele naties, met name in het Midden-Oosten.

Vetaling: Likoed NL, 26 mei 2013

 

vrijdag 24 mei 2013

De objectiviteit van de NOS, of wat daar nog van over is (IMO)

 
Kerry-Netanyahu
 
 

= IMO Blog =

De NOS, 23 mei, audio-fragment. Nieuwslezeres:

"Zal het Kerry lukken, iets wat zijn voorgangers niet voor elkaar kregen, het vlottrekken van het vredesproces tussen Israel en de Palestijnse gebieden, of wat daar nog van over is?"

Bedoelt ze wat er nog over is van de Palestijnse gebieden nu het vraatzuchtige Israel er maar land vanaf blijft snoepen, of bedoelt ze wat er nog over is van het vredesproces? Bij de NOS weet je het tegenwoordig niet meer, want de tendens is steeds dat het allemaal aan Israel ligt.

"Spreken Israel en de Palestijnen überhaupt nog van een vredesproces?", vraagt de lezeres aan Monique van Hoogstraten, correspondent in Israel:

Nee, ik kan me niet herinneren wanneer ik dat woord hier voor het laatst heb gehoord, alleen in negatieve betekenis, dat het dood is of opgestart moet worden maar zelfs dan spreekt men eigenlijk niet van het vredesproces (…) Het woord 'vrede' valt wel, men zegt vrede te willen, wat dat dan ook inhoudt. Maar proces, nee, dat is vervloekt, vooral bij de Palestijnen, want voor hen betekent dat dat er niks gebeurt.

Altijd even goed duidelijk maken hoe de Palestijnen het zien, en hoe zij dingen ervaren en wat hun grieven zijn, dat weten de luisteraars namelijk nog veel te slecht.

Nadat is uitgelegd hoeveel moeite Kerry zich getroost om weer beweging in de zaak te krijgen, vraagt de lezeres hoeveel belang beide partijen hebben bij nieuwe onderhandelingen.

Monique: "De Palestijnen hebben een groot belang, zij hebben dagelijks te lijden onder de bezetting, en veel te verliezen als deze poging mislukt. In Israel zijn veel mensen tevreden met de status quo, er vallen immers weinig doden en de bezetting is ver weg achter de muur. Er zijn wel mensen, een minderheid, die beseffen dat de bezetting tegen Israel gaat werken en niet vol te houden is."

Wat hebben de luisteraars hiervan geleerd?

  1. De Palestijnen leven onder een bezetting waar ze dagelijks onder lijden en verliezen steeds meer land. Zij willen dan ook graag dat er vrede komt en de onderhandelingen gaan slagen.
  2. Israel zit niet zo te wachten op vrede en onderhandelingen en vindt het wel best zo. Israel is sterker en kan daarom redelijk ongestoord zijn gang gaan.
  3. Kerry is nieuw en idealistisch en doet enorm zijn best, maar of het gaat lukken is maar zeer de vraag.

Waaruit bijna automatisch volgt dat wanneer deze poging wederom niet zal slagen dat vooral aan Israel is te wijten, en dat wellicht meer druk op Israel nodig is om wel tot een oplossing te komen. Wanneer de sterkere partij niet wil helpt alleen druk van buiten van een nog sterkere partij. Lijkt allemaal heel logisch. Dit is het beeld dat de NOS consequent naar buiten brengt: de Palestijnen zijn machteloos maar welwillend, Israel is meer geïnteresseerd in land en nederzettingen dan in vrede en de internationale gemeenschap en ook de VS laten hun tanden veel te weinig zien, waardoor Israel haar gang kan blijven gaan. Zelfs Hamas wordt vaak als gematigder en redelijker voorgesteld dan zij feitelijk is.

Daarbij negeert men het feit dat de Palestijnen, als de zogenaamd zo zwakke partij, juist steeds voorwaarden stellen aan onderhandelingen. Als de nood voor hun zo hoog is, waarom doen ze dat dan? Als er door de bezetting en nederzettingen echt steeds meer land wordt afgesnoept (er wordt alleen binnen gemeentegrenzen gebouwd dus dat klopt feitelijk al niet) dan zou je zeggen dat je zo snel mogelijk moet gaan praten en overeenstemming bereiken over de grenzen, zodat er niet meer op wat dan jouw land is gebouwd kan worden. Alan Dershowitz heeft hier eerder al voorstellen voor gedaan, maar die zijn blijkbaar een zachte dood gestorven of liggen in Abbas' la te verstoffen. Wanneer Abbas een voorstel van Dershowitz zou accepteren of als basis inbrengen, kan Israel niet veel anders dan erin meegaan.

Nieuws dat niet met het beeld dat de NOS uitdraagt overeen komt wordt echter genegeerd, en zo ook Dershowitz' voorstel, dat ik nergens in de mainstream media ben tegengekomen.

Ik las vandaag in The Times of Israel:

A sketched map of Israeli prime minister Ehud Olmert's land-for-peace offer to Palestinian Authority President Mahmoud Abbas in 2008 — hurriedly drawn up by Abbas after a meeting with Olmert that December, and made public for the first time on Thursday — suggests that Israel was prepared to withdraw to borders very similar to the pre-1967 lines and swap areas of northern and southern Israel in return for maintaining the larger settlement blocs.

The map, published by Walla news in Hebrew and at TheTower.org in English, was based on an offer Olmert made to Abbas on December 16, 2008, during a meeting in Jerusalem. 

Olmert bood Abbas daarin bijna de gehele Westoever en de Gazastrook met een corridor tussen beide, een nagenoeg één op één landruil en deling van Jeruzalem met gemeenschappelijk beheer van de heilige plaatsen. Abbas heeft nooit officieel gereageerd op dit voorstel maar heeft de Washington Post in 2009 verteld dat het onvoldoende was. Wel hebben de Palestijnen een tegenvoorstel gedaan waarin een landruil van 1,9% werd voorgesteld. Dit voorstel kwam indertijd prominent in het NOS journaal en werd gepresenteerd als een zeer vergaand voorstel waaruit blijkt dat de Palestijnen vrede willen (overigens werd het na felle kritiek gedeeltelijk teruggenomen. Het was een 'take it or leave it' voorstel en Israels voorstel om op grond van de gedane voorstellen van beide kanten verder te praten werd afgewezen). Over Olmerts voorstel dat jaren geleden al naar buiten kwam, werd door de NOS gezwegen. Ook in andere media kreeg het nauwelijks aandacht. Het is een vergaand voorstel dat ook in Israel de nodige kritiek kreeg omdat men het te ver vond gaan. Maar anders dan de Palestijnse onderhandelaars heeft Olmert er niks van teruggenomen na de kritiek, en Livni (die met de Palestijnen onderhandelde namens Olmert) zit nu weer in de regering met als doel namens de regering de onderhandelingen met de Palestijnen te voeren.

Van Palestijnse kant wordt vaak beweerd dat Abbas niet genoeg tijd kreeg om te reageren (kort daarna begon de Gaza oorlog en verbrak de PA alle kontakten) en dat Olmert erg onder vuur lag en het plan daarom toch niet meer had kunnen uitvoeren. Abbas heeft inmiddels meer dan vier jaar de tijd gehad te reageren; hij had op elk gewenst moment kunnen zeggen dat hij alsnog interesse heeft in het plan en op deze basis wil gaan praten. Netanyahu heeft altijd gezegd zonder voorwaarden vooraf te willen onderhandelen. Abbas had ook in het geheim aan Olmert kunnen laten weten dat als de rookwolken zijn opgetrokken hij graag over het plan verder wou praten. Kortom, als hij serieus interesse had gehad en dit als een basis voor vrede zag dan had hij dat kunnen laten weten, en dan was het voor Israel, ook onder Netanyahu, waarschijnlijk lastig geweest om er nog onderuit te komen. De druk op Israel zou in dat geval gigantisch zijn geweest, en een substantieel deel van de Israelische bevolking zou van mening zijn dat men deze kans niet mag laten liggen. Maar Abbas liet niks meer van zich horen en het plan belandde in de ijskast. Internationaal en door de Palestijnen genegeerd verloor het ook voor Israel zijn waarde.

Ondertussen halen de Palestijnen en internationale gemeenschap steeds maar weer het Arabische vredesplan uit de kast. Het is een plan dat grossiert in ambiguïteit, en is met name onduidelijk over de vluchtelingen. Er moet een 'rechtvaardige oplossing komen voor het vluchtelingenprobleem' waarbij naar VN resolutie 194 wordt verwezen, die door de Arabieren wordt geïnterpreteerd als een onbeperkt recht op terugkeer. Er is nooit eenduidig gezegd dat men van dit 'recht' afziet en er is ook nooit duidelijk gezegd dat twee staten voor twee volken uitgangspunt is. Sterker nog, Palestijnse onderhandelaars hebben herhaaldelijk laten weten tegen het principe van twee staten voor twee volken te zijn. Men is voor de stichting van een Palestijnse staat binnen de pre-1967 wapenstilstandslijnen, met geheel Oost Jeruzalem inclusief de heilige plaatsen als hoofdstad. Men spreekt zich daarbij uit tegen Israel als Joodse staat. De PA heeft ook regelmatig laten doorschemeren een Joods volk niet te erkennen, laat staan een Joodse claim op een deel van het land.

Om deze redenen, en ook omdat gemaakte afspraken in het verleden (door Arafat met name) niet werden nagekomen, is Israel terughoudend geworden, en wantrouwt men de bedoelingen achter het Arabische vredesplan. Immers, ook in de Arabische wereld wordt het bestaan van een Joods volk met een legitieme claim op het land ontkend, en ook in de Arabische wereld spreekt men zich vaak uit tegen Israels bestaansrecht (sterker nog, de meest walgelijke antisemitische propaganda doet de ronde, waarbij soms letterlijk tot de dood van alle Joden wordt opgeroepen). Maar dat alles haalt onze media nauwelijks, en als er al eens iets over wordt vermeld, wordt het afgedaan als 'voor binnenlandse consumptie'. Nieuws dat niet overeen komt met het beeld dat de dames en heren journalisten hebben van het conflict en de betrokken partijen is domweg niet interessant en niet van belang. Wie echt wil weten hoe het zit, kan beter zijn TV wegdoen en krantenabonnement opzeggen en in plaats daarvan op internet ongefilterd nieuws lezen of beter nog, zelf in de regio gaan kijken en met mensen van beide kanten praten.

Ratna Pelle

 

Onderzoeksrapport EO - "Israël: uit het oog, uit het hart"

 
Naar aanleiding van Israels 65-jarig bestaan heeft de EO een onderzoek laten doen naar de kennis over en houding ten opzichte van de staat Israel. De kennis houdt niet over en het begrip en sympathie nemen af, mede door de eenzijdige berichtgeving in de media, de ontkerkelijking, en het feit dat de oorlog en de omstandigheden waaronder Israel is opgericht steeds verder in het verleden liggen en de jongere generaties hiervan steeds minder op de hoogte zijn.
 
Het onderzoeksrapport is hier te vinden.
 
Op de EO website staan bij beide artikelen ook video's over het onderwerp, met o.a. reacties van Esther Voet, Roelof Bisschop en de Israelische ambassadeur.
 
Wouter
______________
 
 
VIDEO | Nederlanders weten weinig over Israël
Bekijk het volledige onderzoeksrapport

EO / 22-05-2013

http://www.eo.nl/geloven/programma/israel-65/item/artikel/nederlanders-weten-weinig-over-israel/

De EO liet in het kader van het 65-jarig bestaan van de staat Israël onderzoeken hoe Nederland tegen Israël, Joden en hun geloof aankijkt. Grote verdeeldheid komt daarbij aan het licht. De grote meerderheid wijst antisemitisme resoluut van de hand, maar ten aanzien van de toekomst van het land en de verbondenheid van de Nederland daaraan lopen de meningen sterk uiteen.

Ook Nederlandse moslims zijn in het onderzoek betrokken en opvallend genoeg is de meerderheid van hen voor de zogenaamde 2-staten oplossing. Verder valt op dat het Joodse geloof door de meeste Nederlanders positief bejegend wordt. Dat is een groot verschil ten aanzien van de islam: grote groepen Nederlanders denken zeer negatief over deze religie.
 
Het volledige rapport is hier te downloaden. De hoofdlijnen op een rijtje:

  • Nederlanders zijn verdeeld over Israël. Een derde van de Nederlanders is negatiever gaan denken over de politiek in Israël, maar de meerderheid wil streng optreden tegen antisemitisme. Nog eens een derde heeft een positieve houding naar Joden, maar dat is gelijk aan hun houding naar andere religies. 1 op de 7 Nederlanders is vrij positief over Israël. Jongeren zijn negatiever.
  • Er is veel onwetendheid over Israël. Weinig mensen volgen het conflict, veel mensen zijn 'neutraal' in hun houding. Feitelijk is er weinig bekend over ontstaansgeschiedenis van Israël.
  • Christenen zijn overwegend positiever richting Israël en de Joden, maar dit geldt vooral voor protestanten. Katholieken zien het huidige Israël minder vaak als voortzetting van het Israël uit de Bijbel.


Download het volledige onderzoek (PDF).

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

Nederlanders negatiever over Israël

EO / 16 mei 2013

 
Ruim een derde van de Nederlanders is negatiever gaan denken over Israël. Dat blijkt uit een onderzoek in opdracht van de EO in het kader van het 65-jarig bestaan van de staat.

Esther Voet, directeur van het Centrum Informatie en Documentatie Israël, verbaast zich niet over de uitslagen. Ze wijt de kritiek aan de politieke situatie rondom de bezette gebieden. 'Maar mensen moeten wel verschil maken tussen het beleid van de regering van Israël, en Israël het land.'

Beeldvorming
Ook voor Roelof Bisschop, kamerlid voor de SGP en vriend van Israël, komt de uitslag niet onverwacht. 'De media is ook redelijk kritisch op Israël, en het verbaast ons niet dat in het kielzog daarvan de publieke opinie ook kritischer wordt over Israël. Als er duizend raketten op Israël terechtkomen, hoor je daar nauwelijks iets over.'

Christenen
Uit het onderzoek blijkt ook dat in de kritiek op Israël er geen verschil is tussen christenen en niet-christenen. Protestanten zijn wel overwegend positiever over Israël dan katholieken.

Moslims
De houding van Nederlanders tegenover Joden was niet positiever of negatiever dan tegenover andere geloven. Een opmerkelijk verschil was er alleen met moslims. Maar liefst 41 procent van de Nederlanders was (zeer) negatief over moslims. Ook daarin was er geen verschil tussen christelijke en niet-christelijke Nederlanders.

 

donderdag 23 mei 2013

Het Palestijnse schoolboeken fiasco

 

Over dit rapport heb ik uitgebreid geschreven, en kwam tot dezelfde conclusies.

What I found isn’t pretty. The report is not only flawed, but also dishonest. It systematically exaggerates the faults in Israeli textbooks and downplays those found in the Palestinians’. Its methodology tends to distort the raw data rather than analyze it, usually to the detriment of the Israeli education system. Put simply, it makes every possible effort to create the impression that Israeli and Palestinian attitudes toward each other are the same, even when this is demonstrably untrue—according to the study’s own research data. It is no surprise that the State Department, which funded the study in its early phases, has endorsed neither the composition of the committee nor the report’s findings.

Dit laatste is velen, waaronder mijzelf, ontgaan. 


Zie ook: De Israelisch-Palestijnse schoolboekenstrijd en Voorbeelden uit Israelisch-Palestijns schoolboekenonderzoek 

 

RP

--------- 

 

 

The Palestinian Textbook Fiasco

Adi Schwartz

Israel correspondent, Monocle Magazine

http://www.thetower.org/article/the-palestinian-textbook-fiasco/

click for full bio >>

Every year, children in Gaza and the West Bank are taught to hate Jews and Israelis, while Israeli schools promote coexistence. A bizarrely biased, State Department-funded study won’t change that fact.

For years, the Palestinian Authority (PA) has been accused of inciting violence by promoting the delegitimization of Israel and its people and, in some cases, even outright anti-Semitism, in its education system. According to both Israeli and third-party observers, the PA was ingraining future generations with a worldview that essentially prevented any long-term commitment to peace (let alone coexistence). So it was no surprise that a State Department-funded study called Victims of Our Own Narratives? Portrayal of the “Other” in Israeli and Palestinian School Books, published last February, sparked a firestorm that leapt from the otherwise parochial world of education policy straight into the headlines of newspapers around the world. 
 

The study, initiated by the Council of Religious Institutions of the Holy Land and authored by professors Sami Adwan of Bethlehem University and Daniel Bar-Tal from Tel Aviv University, and overseen by Bruce Wexler of Yale, sought to scientifically evaluate how Israelis and Palestinians are educating their children in regard to the other side of the conflict. What was surprising, however, were the report’s findings. The study’s most basic conclusion, one that was reflected in its very title, is that Israelis and Palestinians are equally guilty of educating their children with histories, facts, and ideas that perpetuate conflict. Almost every major news outlet zeroed in on the report’s finding of mutual culpability, producing headlines like the AP’s “Textbook study faults Israelis and Palestinians.” A more clearly political presentation of the study was found in the New York Times headline: “Academic Study Weakens Israeli Claim that Palestinian School Texts Teach Hate.” According to the AP story, the report “said both Israeli and Palestinian schoolbooks largely present one-sided narratives of the conflict between the two peoples and tend to ignore the existence of the other side. 

 

Despite the media presentation, however, something about the study, and the media reports on it, didn’t ring true. As a product of more than a decade of Israeli schools I can attest to the fact that the Israeli public education system certainly has its share of problems. But of all the issues—ranging from crowded classes to plummeting standards—one thing I never encountered was ignorance or hatred of “the other side.” Indeed, this is true of Israeli society in general. Even a surface-level familiarity with Israeli culture and academics provides enough information to know that the Palestinian perspective is represented in the arts and media and factored into the Israeli political process and legal system. Faced with a purportedly objective study that completely contradicted my own experience with the Israel’s education system, I felt compelled to examine the report in depth.

What I found isn’t pretty. The report is not only flawed, but also dishonest. It systematically exaggerates the faults in Israeli textbooks and downplays those found in the Palestinians’. Its methodology tends to distort the raw data rather than analyze it, usually to the detriment of the Israeli education system. Put simply, it makes every possible effort to create the impression that Israeli and Palestinian attitudes toward each other are the same, even when this is demonstrably untrue—according to the study’s own research data. It is no surprise that the State Department, which funded the study in its early phases, has endorsed neither the composition of the committee nor the report’s findings. 

 

This is an important issue, not only because of the need for scientific accuracy in such studies, but because the presentation of “the other” in Palestinian and Israeli texts is an absolutely essential topic. In many ways, it is the essential question in regard to the Israeli-Palestinian conflict: Are both sides building societies that can sympathize, or even empathize, with “the other”? If so, it could mean an (eventual) end to years of war. If not, then we may well be facing decades of further violence and the absence of any lasting peace between Israel and the Arab world.

We can begin from the beginning: the introduction to the report, where the authors note that guiding the Israeli education system is an official stated objective that explicitly includes educating Israeli children about the other. According to the government of Israel, the purpose of Israeli’s education ministry is to teach “universal values and the values of the State of Israel” while giving students an “acquaintance with the culture and heritage of the Arabs.” According to the report itself, the statement of objectives by the Palestinian Authority Ministry of Education never mentions the words Jews or Judaism. Given the overarching conclusion of the report, one would expect that this discrepancy would at least been addressed by the report. But for the length of the report it goes unmentioned.  

When it comes to aesthetics—the presentation of maps, photos and graphics found in textbooks—the same issue pops up right off the bat. The study examined photographs and illustrations in the textbooks “when people, symbols or places clearly associated with the ‘other’ were present.” But crucially, the report’s data indicates that only seven percent of the photographs in Palestinian textbooks contain photographs of the “other”—compared with 52 percent of photographs in Israeli textbooks.

Posters of suicide bombers hang in Palestinian classroom in Tul Karem. Photo: IDF/Flickr

The conclusion the authors draw from this striking and seemingly obvious discrepancy? Faced by this issue, the report simply states that “the very small number of photographs in the Palestinian books rated as providing information about the other makes the percentage breakdown of little meaning.” While the sample size might make the “percentage breakdown” of little statistical value, the fact remains that when Palestinian students opens their textbooks—even to pages that reference places in Israel—they almost never see a photo of an Israeli, and never humanize Israelis.

The study’s methodology is also deeply flawed. Indeed, the Palestinian texts chosen are by far the most innocuous the researchers could possibly find. Nir Boms and Yaell Teff from the Institute for Monitoring Peace and Cultural Tolerance in School Education (IMPACT-SE), an NGO that studies attitudes toward peace and “the other” in school textbooks throughout the Middle East, point this out in devastating fashion. Victims of Our Own Narratives? they claim, simply ignores passages from Palestinian textbooks that are breathtaking in the danger they represent in an educational context, citing texts like the following, found in standard Palestinian textbooks:

God’s Messenger said: “The Hour of Resurrection will not come until the Muslims fight the Jews. The Muslims will kill them, and when a Jew would hide behind a rock or a tree the rock or the tree would say: O Muslim, O worshipper of God! There is a Jew behind me; come and kill him!”

A recent report published by IMPACT-SE documents more examples: A sixth-grade Palestinian textbook says, “The Messenger of God [Muhammad] ordered to Zayd Ibn Thabit to learn the language of the Jews in order to be safe from their cheating.” An eighth-grade textbook says, “Your enemies killed your children, split open your women’s bellies, held your revered elderly men by the beard, and led them to the death pits”—a quotation dismissed by the committee because it did not explicitly mention Jews or Israel. Yet another textbook, for grade 12, says, “By your life! How come that snakes invade us and we [still] observe a protection covenant [dhimma] which respects commitments?”

Perhaps more than any other part of the Victims report, this section covering the portrayal of religion seems the most biased. In these cases, the authors not only ignore passages from Palestinian textbooks that are hostile toward “the other,” they ignore cases of outright anti-Semitism, hatred, and incitement to violence. 

 

A second methodological point concerns the choice of school systems included in the study. The report goes a long way to include analysis of ultra-Orthodox, or Haredi, school texts in its breakdown of the situation. Unsurprisingly, it finds that Haredi textbooks are more problematic than their secular counterparts. But bizarrely, the report itself states that the Haredi system is independent of the Israeli public school system and its textbooks are “not subject to approval by the Ministry of Education.” This raises the question of why the authors made Haredi textbooks a key part of the report. 

 

The study portrays the Haredi system as essentially equal to that of the mainstream Israeli system and the Palestinian system. In all charts and discussions, the three systems appear next to each other and appear to be granted equal weight and importance. But, as the report’s authors are surely aware, the Haredi school system accounts for—at most—a quarter of Israeli Jewish students. Haredi textbooks, in other words, are certainly worthy of analysis, but they tell us next to nothing about mainstream Israeli attitudes toward Palestinians. 

 

This, however, is not the biggest problem with the discussion. For while the report places such importance on the Haredi system, it also completely ignores the Hamas-run school system in Gaza. Though these schools comprise a small number of Palestinian schools—and less than the percentage of ultra-Orthodox schools in Israel—they must merit analysis. In other words, an extreme religious school system in Israel is given equal standing with the secular majority, while a more extreme (and much more violent) religious school system on the Palestinian side is effectively erased. 

 

One of the main findings of the report is, indeed, that Israel’s state school system textbooks are in fact less problematic than Palestinian texts. “While present and problematic in all school systems, the negative presentation of the other, the positive non-critical presentation of the self and the absence of images and information about the other are more pronounced in the Israeli ultra-Orthodox and Palestinian school books than in the Israeli state school books,” both the report and its press release state. By including the ultra-Orthodox school system in their conclusion, the authors set out to create the semblance of an equivalence between Israeli and Palestinian textbooks even though their research shows something entirely different.

The body of the report deals with Israeli and Palestinian textbooks. The authors describe their work as first attempting to evaluate “the ways in which the ‘other’ is portrayed” through such things as “descriptions of the other” and “characterization of the acts of the other.” The results are presented under the heading: “Major Common Problem: Consistent Negative Portrayal of the ‘Other.’” 
The heading obviously indicates that both sides share the problem in “common.” But it’s unclear precisely why the authors chose this title, since their own data completely disproves it. The report itself states that “the other” is portrayed in positive or neutral terms in 51 percent of Israeli textbooks, but only 16 percent of Palestinian textbooks. “The other” is portrayed in negative terms in 49 percent of Israeli textbooks, but a stunning 84 percent of Palestinian texts.  

The section on “Characterization of the Acts of the Other” reveals almost the same results. 48 percent of Israeli textbooks characterize Palestinian “acts” in “very positive (superior), positive, or neutral” terms. In Palestinian texts, only 12 percent of cases studied portray Israeli “acts” in a positive light. When it comes to portraying acts as negative, Israeli texts are roughly balanced against those presenting positive, with 51 percent of Israeli textbooks showing acts as negative. On the Palestinian side, the negative characterization of Israeli acts is, once again, overwhelming with 87 percent of Palestinian textbooks presenting them in a negative light—according to the study. In almost 9 out of 10 cases, that is, Palestinian textbooks depict Israeli actions in a negative way. 

 

It’s not just the raw numbers but the nature of the examples that is disturbing. One Israeli textbook recounts the 1941 “Farhud” pogrom against Iraqi Jews in the following way: “On the holiday of Shavuot, Arabs attacked Jews and murdered them, including women and children…. The slaughter of the Jews of Baghdad continued for two days without interruption.” Compare this relatively dry and objective description with a Palestinian textbook’s almost hysterical and demagogic description of Israel’s War of Independence (the emphasis is mine): “The Palestine war ended with a disaster of which history had not seen the like, and Zionist gangs usurped Palestine and displaced its people from their cities, villages, land, and houses, and founded the state of Israel.” 

 

The report also cites positive depictions of Arabs in Israeli textbooks, even in the context of anti-Jewish actions. One textbook writes the following about the massacre of the Jews of Hebron in 1929, “If not for the brave stand of a British police officer and moderate Arabs, who physically defended their Jewish neighbors, the slaughter would have been more awful.” Another writes of an Arab man who helped an IDF soldier, “‘I saw it as my obligation as a Muslim Arab to offer help to an Israeli soldier injured in an accident’, said Abdullah Yusef Yunes… who offered help and drove an Israeli soldier in his vehicle.” 


In contrast, the report is able to find only one example from a Palestinian textbook of Jews or Jewish acts portrayed in a positive manner and—as you’ll see—the case is somewhat lacking in historical realism:

The following divine books: 1 – “The messages of Abraham (peace be upon him) and Moses call for belief in God Almighty, worshipping Him, and following noble morals.” 2 – The Torah: Was revealed to Moses (peace be upon him) to guide the children of Israel. 3 – The Zabour: Was revealed to David (peace be upon him) with sermons and guidance for the children of Israel. 4 – The Gospel: Was revealed to Jesus (peace be upon him) to guide the children of Israel, and to reaffirm what Moses (peace be upon him) had brought.

As should be obvious, this example is completely meaningless. It is purely religious in nature; it has no relation to the Israeli-Palestinian conflict; in fact, it says nothing whatsoever about Israelis or any modern-day Jews at all. In contrast, Israeli textbooks depict concrete actions taken by real Palestinians within the context of the conflict. 

 

The conclusion to this section is thus very strange. It claims that “positive characterizations of Arabs or their actions in Israeli state books typically refer to individuals rather than to Arabs as a whole or as a nation.” Yet it fails to mention that the only citation from a Palestinian textbook refers to neither individuals nor a nation in the modern sense, but only to ancient religious precepts.

The report correctly identifies the issue of self-criticism as one critical to understanding an education system, tacitly acknowledging the fact that a capacity for self-criticism is essential to any free society, and equally essential to ending a long-running conflict. Recognizing its own sins allows a society to see the humanity and suffering of “the other,” and thus take concrete steps toward reconciliation.

In the study’s analysis, collective Israeli actions are described in Israeli textbooks as very negative (“evil”) five percent of the time—not a high degree by any standard. But Palestinian texts describe collective Palestinian actions this way in zero percent of their textbooks. 29 percent of Israeli textbooks describe Israeli actions as negative or neutral. Only 12 percent of Palestinian textbooks do so with their society. 54 percent of Israeli textbooks describe their society’s actions as positive or very positive. Fully 85 percent of Palestinian textbooks do the same. In other words, Israeli textbooks describe their collective actions positively just over half the time. (And this, it should be noted, is in a country that is still at war.) 

 

Once again, when it comes to cases of self-criticism the report chooses examples from textbooks that appear blatantly weighted in favor of the Palestinians. It cites seven examples from Israeli textbooks, including, among others, the portrayal of the 1946 King David Hotel bombing and the killings at Deir Yassin during the War of Independence. Yet it gives only one example of self-criticism from a Palestinian textbook, and again, it’s strikingly out of context. It refers to the 7th century Islamic ruler Omar ibn Al Khattab:

Omar’s policy with his subjects is an example illustrating how careful Islam is to guarantee subjects’ rights and provide them with a dignified life whatever their religion. When Omar saw an elderly Jew begging because of his poverty and need, he (may God be pleased with him) told him: “We were unjust to you, we took the jizya (poll tax) from you as a young man, and then we abandoned you in your old age.” Omar ordered that he and those like him be spent for out of Islamic charity money.

As before, the examples taken from Israeli textbooks deal with concrete actions taken by the modern State of Israel in the current Israeli-Palestinian conflict. In contrast, the Palestinian text deals with actions taken approximately 1,300 years ago by a Muslim ruler who was not a Palestinian. (Omar hailed from Mecca.) It’s impossible to see how this is related in any way to the Israeli-Palestinian conflict, let alone the Palestinians’ portrayal of their own society. Indeed, the reader can be forgiven for thinking that, if better examples had been found, they would have been cited instead. And if this is the best the Palestinian education system can do, one would think the authors of the report would note it. But they don’t. 

 

The findings on overall self-image is equally telling. The research shows that Palestinian textbooks portray Palestinians as victims 66 percent of the time and only 2 percent as perpetrators. Israel, in contrast, portrays itself as a community of victims only 35 percent of the time and five times more than the Palestinians, at 10 percent of the time, as perpetrators. Judging by these results, it’s hard to understand how Israelis can be described, in the words of the study’s own title, as “victims of their own narrative.”

The report’s attitude is also evident in its analysis of the textbooks’ treatment of religion. The data presented indicate that descriptions of Islam occur in 50 percent of Israeli textbooks, whereas Judaism appears in only 15 percent of Palestinian textbooks. And the examples are again very telling. One Israeli textbook notes the diversity of religions who regard Jerusalem as sacred, and does so in the present tense:
In Jerusalem, a city which is considered holy in all three religions, there are praying buildings [sic] with domes—of Jews, Muslims and Christians. Among the buildings with domes in the Old City: the Dome of the Rock, the Al-Aqsa mosque of the Muslims, the Church of the Holy Sepulcher of the Christians, the “Horva” Synagogue of Jews.

In the context of recognizing “the other” and advancing the cause of peace, the Israeli text’s recognition of the sanctity of Jerusalem—one of the politically hottest and emotionally most stirring issues for Israelis— to non-Jews is, to put it mildly, significant. It’s strong enough a point to think that a presentation of Jerusalem in this way could even pave the way for compromise on sovereignty over the Old City. 

 

There is no parallel Palestinian text presented by the study. Of the textbooks surveyed, there was no mention, not even in passing, that Jews regard the Temple Mount as sacred. Instead, this is one of the texts cited by the study as proof of Palestinian presentation of religious understanding regarding the conflict: “The Jews kept Saturdays’ sanctity and they made it a day for rest and prayer, and they forbid all the work in it, even the work for good, and by healing the patients on Saturday Jesus taught us that the work of goodness is mandatory all the days even in Sunday.” In contrast to the Israeli text, this has no connection to the conflict and no national or territorial meaning. 

 

When one puts the media hype aside and examines theVictims study in full, one almost gets the feeling that the authors didn’t read their own report. In the face of overwhelming data, collected by the authors themselves, the report reaches the baffling conclusion that both sides embrace “unilateral and exclusive national narratives” and that “both Israeli and Palestinian school books forcefully and consistently establish distinct unilateral and opposing narratives.” Throughout, they claim, the textbooks show “a lack of recognition of the presence and absence of information about the other.” Contradicted by report’s own data, these conclusions are simply unsupportable. 
 

There is a clear and commendable reason that the U.S. State Department funded a study about textbooks used in schools 6,000 miles away. The idea that open-minded and tolerant education can advance peace between Israel and the Palestinians in the long term is both inspiring and realizable. In this sense, the study itself is a very positive step. But the analysis and interpretation of the findings, and the way they were presented to the public, were a distortion of the truth. In this the authors of the report failed to meet the State Department’s most important goal—promoting and advancing peace. 


 

 

woensdag 22 mei 2013

Mohammed Al Dura op Arabische postzegels

 
Ik heb geen idee hoevelen in Nederland zich nog de beelden herinneren van Mohammed Al-Dura, het Palestijnse jongetje dat aan het begin van de tweede intifada door Israelisch vuur zou zijn omgekomen.
In de Arabische wereld is het beeld iconografisch geworden als ware het een Palestijnse Anne Frank, en elk zichzelf respecterend Arabisch land heeft zijn beeltenis wel op een of meer postzegels gezet.
 
Sinds jaar en dag wordt betwijfeld of het jongetje wel door Israelische kogels werd getroffen, en of hij überhaupt wel omgekomen is, of dat het toch een Palestijnse hoax uit "Pallywood" is. Voor de Franse rechter zijn er jarenlang rechtszaken over gevoerd.
Onlangs verscheen een rapport van een Israelische onderzoekscommissie, waaruit blijkt dat de jongen inderdaad niet door Israelische soldaten werd getroffen en waarschijnlijk helemaal niet was omgekomen.
 
Na de kwestie Al-Dura volgden er nog vele mediaberichten waarin Israel ten onrechte van allerlei wreedheden werd beticht, en dat gaat door tot op de dag van vandaag.
 
Wouter
_____________
 

Arab stamps commemorating the Al Dura hoax

http://elderofziyon.blogspot.nl/2013/05/arab-stamps-commemorating-al-dura-hoax.html

Today, the Israeli government released a report saying that Mohamed Al Dura, the young boy who symbolized the second intifada for so many, was not killed by Israel and indeed was probably not killed at all.

Prime Minister Benjamin Netanyahu received today the report of the Government Review Committee on "The France 2 Al-Durrah Report, its Consequences and Implications." The report was presented by the Minister of International Affairs, Strategy and Intelligence Yuval Steinitz, in the presence of Director General of the Ministry of International Affairs and Strategy, Yossi Kuperwasser.

Prime Minister Netanyahu directed then Minister of Strategic Affairs Yaalon to set up the governmental review committee in September 2012. The purpose of the committee was to examine the Al-Durrah affair in light of the continued damage it has caused to Israel, and to formulate the Government of Israel's position with regards to it.

Prime Minister Benjamin Netanyahu: "It is important to focus on this incident – which has slandered Israel's reputation. This is a manifestation of the ongoing, mendacious campaign to delegitimize Israel. There is only one way to counter lies, and that is through the truth. Only the truth can prevail over lies."

Minister of International Affairs, Strategy and Intelligence Yuval Steinitz: " The Al-Durrah affair is a modern-day blood libel against the State of Israel, alongside other blood libels like the claims of an alleged massacre in Jenin. The France 2 report was utterly baseless."

The Al-Durrah affair has its origins in a media report first aired by the French public television channel France 2 on September 30, 2000. The report claimed to show the killing of a Palestinian boy, targeted along with his father, according to the report, by fire from an Israeli position. The story was quickly relayed worldwide by the international media, which repeated the report's claim. The report had the immediate effect of harming Israel's international standing and fanning the flames of terror and hate.

Since that day, the narrative spawned by the France 2 report has served as an inspiration and justification for terrorism, anti-Semitism, and the delegitimization of Israel. The echoes of the Al-Durrah report, both in terms of accusations against Israel and in terms of media reports adopted uncritically by the international media which are later revealed to be false or misleading, have continued to resonate in the media coverage of Israel's operations against terrorist organizations.


This news is only 13 years too late. 

The incompetence of the extraordinarily late Israeli response to this modern blood libel would be laughable if it wasn't so dangerous. 

One appendix of the report shows stamps issued in Arab countries playing up the hoax as a means of inciting the world against Israel, from Egypt, Iran, Iraq, Morocco and Tunisia:

 

 

 

 

 

 

They missed Jordan's stamp series:

 

 

 

And Sudan's:


And Yemen's:


And Saudi Arabia's:


And a second stamp from Morocco:


At least nine Muslim countries - including "moderate" countries like Jordan and Morocco -  commemorated a death that was nothing more than a hoax, for the sole purpose of inciting hundreds of millions of Muslims and Arabs against the Jewish state.

If you want to see all the Al Dura evidence yourself, this website has tons of materials, including videos and maps showing the impossibility of Israeli fire hitting the boy.