maandag 18 augustus 2014

Media zijn bevooroordeeld

De journalisten denken dat ze aan  evenwichtige journalistiek doen

 

Sommige journalisten onderkennen dat de weergave van nieuws zeer subjectief is en weinig met feitenkennis te maken heeft.

WAAR roept dit al jaren

 

Een "leerzaam" artikel over onze Media:

Volkskrant-zaterdag 16 augustus 2014

Media gooien journalistieke halffabricaten over de heg

Journalisten menen dat ze objectief zijn maar het publiek denkt daar anders over

MARTIN SOMMER IS POLITIEK COMMENTATOR VAN DE VOLKSKRANT.

Kijken in de ziel van de journalistiek was afgelopen maandag een danige tv-teleurstelling. Topjournalisten werden bevraagd over hun dilemma's en twijfels, maar er kwam niks. Eerder hadden artsen en advocaten eerlijk over hun slapeloze nachten verteld. Hier viel evenwel geen enkele stilte. Het programma bevestigde het beeld van een geborneerde beroepsgroep. Over beroepsethiek wordt maar weinig gepiekerd in ons vak, zo bleek weer. De publieke omroep als drie keer de Volkskrant? Welnee, wat een onzin. Politiek bevooroordeelde journalisten? Bestaat niet.

Wat een gemiste kans. En dat terwijl het barst van de pijnlijke vragen. Hoe komt het, bijvoorbeeld, dat wij menen dat we objectief zijn, terwijl het publiek daar heel anders over denkt? Laten we een hooglopend voorbeeld nemen: hoe zou het komen dat de progressieve kranten en actualiteitenrubrieken allemaal sympathiseren met de Palestijnen? Dit zal iedere journalist en zijn medium heftig ontkennen, en ik denk bovendien naar eer en geweten. Alle betrokkenen streven vast en zeker naar evenwichtige verslaggeving, zie de Ombudsvrouw van afgelopen zaterdag.

Maar eer en geweten is niet genoeg. Er is ook nog wat de oprechte verslaggeving losmaakt. En het valt lastig te ontkennen dat reportage na reportage uit Gaza

 

alleen maar één effect heeft: wat Israël daar aanricht is schandelijk en de Palestijnen zijn machteloze slachtoffers. Dat heeft om te beginnen te maken met journalistiek genre. Tegenwoordig willen we erbij zijn, we willen gewone mensen zien en we willen drama. De dominantie van de reportage, ook in de krant, is een direct gevolg van de overmacht van de televisie.

Deze week kwamen er omgeschoten minaretten voorbij in het Journaal en een Palestijn die ontkende dat er tunnels onder lagen. In de krant las ik hoe een man in de bomkrater van zijn huis stond, en zei: 'Dit is onze holocaust.' De suggestie is van een onbewimpelde blik op de werkelijkheid. Dat is uiteraard niet zo, maar tegenspraak ontbreekt, net als diepte, achtergrond en context. Hetzelfde geldt voor dat andere overschatte genre waarin slachtoffers hun leed kunnen uitschreeuwen: het interview. Het is allemaal heel erg, maar wat precies de informatieve waarde is, blijft onduidelijk.

Wij journalisten zijn allang niet meer partijgebonden links. Voor de politieke vooringenomenheid is professionaliteit in de plaats gekomen. Dat verklaart het onderstrepen van evenwicht in de berichtgeving. Onze ambachtelijkheid garandeert dat een zaak van alle kanten wordt bekeken, zei Marike Stellinga van de NRC in Kijken in de ziel. De bewijsvoering neemt in dit ultragevoelige Gaza-conflict bizarre vormen aan in de sfeer van het tellen van het aantal artikelen met een Israëlische of een Palestijnse invalshoek. De volwassen lezer mag vervolgens zelf beslissen wat hij ervan denkt, is het idee.

Prima, maar dat kun je ook opvatten als het over de heg gooien van journalistieke halffabricaten met de mededeling dat de lezer het zelf maar uitzoekt. Wij laten ons voorstaan op onze professionaliteit, maar als de golven echt hoog gaan merk je dat dat ook betekent dat de journalistiek geen richting, geen prisma rneer heeft. Als evenwicht het alfa en het omega is, dan slaat de weegschaal met 70 Israëlische doden en 2.000 aan Palestijnse kant inderdaad zwaar door - terwijl het aantal doden een uitermate oppervlakkige maatstaf is voor de weging van een conflict.

Wij zijn niet meer links, wel betrokken. Die betrokkenheid keert zich tegenwoordig tegen de macht in het algemeen, de top of 'de rijken'. 'Bent u een schurk', wierp Sven Kockelman in zijn tv-programma ooit als eerste vraag op. Macht deugt niet, autoriteiten zijn slecht en wij journalisten kiezen vanzelf de kant van de gedupeerden. In de internationale variant concentreert de betrokken journalistiek zich op de mensenrechten. Daar kan niemand tegen zijn, die gelden immers altijd en overal.

Dat is tegelijk prachtig en comfortabel, want zo blijf je weg bij de nare keuzen die nu eenmaal bij macht en politiek horen. Elke politieke beslissing brengt gedupeerden met zich mee, daar is het politiek voor. Je ziet het aan het journalistieke onbehagen met Amerika - Amerika blijft verdachte nummer een omdat het overal macht ontplooit. Tegelijk moeten de Amerikanen overal ter wereld ingrijpen uit hoofde van de mensenrechten. Een onmogelijke combinatie. Israël op zijn beurt is te machtig en misdraagt zich mensenrechtelijk. Maar wees eerlijk, je moet er toch niet aan denken dat de macht tussen Israël en Harnas gelijk verdeeld zou zijn. Dat zou pas een verschrikkelijke oorlog opleveren.

 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen